From 9eec4774f2b60e2045710d1c98a6d33b51fa9f56 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Mon, 26 May 2025 15:46:52 +0200 Subject: [PATCH 1/8] opstart raaien 2025 --- .../15_tabel_vaste_MONEOS_raaien.Rmd | 112 ++ .../130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd | 297 ++++ .../130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd | 407 +++++ .../40_figuren_earlywarning_slik.Rmd | 749 +++++++++ .../45_figuren_earlywarning_schor.Rmd | 684 ++++++++ .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 1410 +++++++++++++++++ 6 files changed, 3659 insertions(+) create mode 100644 moneos_2025/130_raaien/15_tabel_vaste_MONEOS_raaien.Rmd create mode 100644 moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd create mode 100644 moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd create mode 100644 moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd create mode 100644 moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd create mode 100644 moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd diff --git a/moneos_2025/130_raaien/15_tabel_vaste_MONEOS_raaien.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/15_tabel_vaste_MONEOS_raaien.Rmd new file mode 100644 index 0000000..b7ee936 --- /dev/null +++ b/moneos_2025/130_raaien/15_tabel_vaste_MONEOS_raaien.Rmd @@ -0,0 +1,112 @@ +--- +params: + hoofdstuk: "130_sedimentatie_erosie" +knit: (function(inputFile, ...) { + rmarkdown::render(inputFile, + output_dir = paste0(rmarkdown::yaml_front_matter(inputFile)$params$hoofdstuk, "/output"))}) +title: "tabel vaste MONEOS raaien" +output: word_document +editor_options: + chunk_output_type: console +--- + + +```{r setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE) + +``` + + +```{r libraries} + +library(tidyverse) +library(janitor) +library(readxl) +library(writexl) +library(INBOtheme) +library(rprojroot) + +library(DBI) + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + + +```{r pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(params$hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(params$hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") + +``` + + +```{r ophalen tabel uit databank} + +conn <- + dbConnect(odbc::odbc(), + Driver = "Microsoft Access Driver (*.mdb, *.accdb)", + DBQ = str_c("Q:/Projects/PRJ_Schelde/", "Topografie/slikschorprofiel/Databank/SlikSchorProfiel_data")) + +tbl_vaste_raaien <- + tbl(conn, "cdeRaai") %>% + filter(Campagne == "MONEOS") %>% + select(REEKSCODE, Gebied, afstand_grens = `Afstand tot de BNLgrens`, X = Xcoordin, Y = Ycoordin, Salzone, Omes, Rivier, periodiciteit = `slik/schorrand`) %>% + collect() %>% + clean_names() %>% + rename(X = x, Y = y, OMES = omes, `afstand grens` = afstand_grens) + +dbDisconnect(conn) + +tbl_vaste_raaien <- + tbl_vaste_raaien %>% + mutate(`afstand grens` = + case_when( + rivier == "Durme" ~ `afstand grens` + 50.75, + rivier == "Rupel" ~ `afstand grens` + 39.9, + TRUE ~ `afstand grens` + )) + +``` + + +```{r} + +# tbl_vaste_raaien <- +# read_xlsx(path = str_c(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) + +tbl_vaste_raaien <- + tbl_vaste_raaien %>% + mutate(rivier = + case_when( + OMES %in% 9:13 ~ "Beneden Zeeschelde", + !(OMES %in% 9:13) & rivier == "Zeeschelde" ~ "Boven Zeeschelde", + TRUE ~ rivier + ), + rivier = + case_when( + rivier == "Zijrivieren" ~ gebied, + TRUE ~ rivier + ), + OMES = factor(OMES, levels = c(9:19, "19 trGM", "Durme", "Rupel", ""))) %>% + arrange(OMES, rivier, `afstand grens`) + +``` + + +```{r wegschrijven gegevens} + +tbl_vaste_raaien %>% + write_xlsx(path = str_c(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) + +``` + diff --git a/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd new file mode 100644 index 0000000..9b5706b --- /dev/null +++ b/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd @@ -0,0 +1,297 @@ +--- +params: + hoofdstuk: "130_sedimentatie_erosie" +knit: (function(inputFile, ...) { + rmarkdown::render(inputFile, + output_dir = paste0(rmarkdown::yaml_front_matter(inputFile)$params$hoofdstuk, "/output"))}) +title: "tabellen ecotoop grenzen MONEOS raaien" +output: word_document +editor_options: + chunk_output_type: console +--- + + +```{r setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE) + +``` + + +```{r libraries} + +library(tidyverse) +library(readxl) +library(writexl) +library(INBOtheme) +library(rprojroot) + +library(DBI) + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + + +```{r pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(params$hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(params$hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") + +``` + + +```{r data} + +jaar <- 2024 +campagne <- "C2023" + +data_MONEOS <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_2024.xlsx"), + sheet = "TOPOdata_MONEOSRAAIEN_INBO") + +# drive <- "Z:/" +drive <- "Q:/Projects/PRJ_Schelde/" + +``` + + +```{r selectie vaste MONEOS raaien met metingen in laatste jaar} + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(meting = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + ungroup() %>% + filter(Campagne == "MONEOS", + meting == TRUE) %>% + select(-meting) + +raaicodes <- + data_MONEOS %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +``` + + +```{r grens schor en subtidaal} + +# source("Z:/R_functies/databanken/db_topodata.R") +# +# raaien_EW <- +# read_topodata(jaren = campagne_jaren_EW, +# raaien = raaicodes, +# path = "Z:/") + + + +conn <- + dbConnect(odbc::odbc(), + Driver = "Microsoft Access Driver (*.mdb, *.accdb)", + DBQ = str_c(drive, "Topografie/slikschorprofiel/Databank/SlikSchorProfiel_data")) + +# tblData_Dwarsprofiel <- +# tbl(conn, "tblData_Dwarsprofiel") +cdeRaai <- + tbl(conn, "cdeRaai") + +tbl_afstand <- + cdeRaai %>% + filter(REEKSCODE %in% raaicodes) %>% + select(REEKSCODE, Rivier, afstand_grens = `Afstand tot de BNLgrens`) %>% + collect() + +dbDisconnect(conn) + + +conn <- + dbConnect(odbc::odbc(), + Driver = "Microsoft Access Driver (*.mdb, *.accdb)", + DBQ = str_c(drive, "Ecotoop/Getij/verwerking/ApplModeltijdata.mdb")) + +HW85_Schelde <- + tbl(conn, "OFHWmod_Schelde_2019_2022_85proc") %>% + collect() + +HW85_Durme <- + tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Durme_2019_85proc") %>% + collect() + +HW85_Rupel <- + tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Rupel_2019_85proc") %>% + collect() + +HW85_Gentbrugge <- + tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019_85proc") %>% + collect() + +LW30_Schelde <- + tbl(conn, "OFLWmod_Schelde_2019_2022_30proc") %>% + collect() + +LW30_Durme <- + tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Durme_2019_30proc") %>% + collect() + +LW30_Rupel <- + tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Rupel_2019_30proc") %>% + collect() + +LW30_Gentbrugge <- + tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019_30proc") %>% + collect() + +dbDisconnect(conn) + +tbl_hoogte_HW85 <- + tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens <= 100) %>% + left_join(HW85_Schelde) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens > 100) %>% + left_join(HW85_Gentbrugge)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Durme") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 50.75) %>% + left_join(HW85_Durme)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Rupel") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 39.9) %>% + left_join(HW85_Rupel)) %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, waterstand_HW85 = waterstand) + +tbl_hoogte_LW30 <- + tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens <= 100) %>% + left_join(LW30_Schelde) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens > 100) %>% + left_join(LW30_Gentbrugge)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Durme") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 50.75) %>% + left_join(LW30_Durme)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Rupel") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 39.9) %>% + left_join(LW30_Rupel)) %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, waterstand_LW30 = waterstand) + +``` + + +```{r droogvalduur grens laag - middelhoog slik} + +conn <- + dbConnect(odbc::odbc(), + Driver = "Microsoft Access Driver (*.mdb, *.accdb)", + DBQ = str_c(drive, "Ecotoop/Getij/verwerking/ApplModeltijdata.mdb")) + +DD_Schelde <- + tbl(conn, "DDmod_Schelde_2019_2022") %>% + filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% + collect() + +DD_Durme <- + tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Durme_2019") %>% + filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% + collect() + +DD_Rupel <- + tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Rupel_2019") %>% + filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% + collect() + +DD_Gentbrugge <- + tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019") %>% + filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% + collect() + +dbDisconnect(conn) + +tbl_hoogte_DD <- + tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens <= 100) %>% + left_join(DD_Schelde) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Zeeschelde", + afstand_grens > 100) %>% + left_join(DD_Gentbrugge)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Durme") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 50.75) %>% + left_join(DD_Durme)) %>% + bind_rows(tbl_afstand %>% + filter(Rivier == "Rupel") %>% + mutate(afstand_grens = afstand_grens + 39.9) %>% + left_join(DD_Rupel)) %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, DD, waterstand) %>% + pivot_wider(names_from = DD, + values_from = waterstand, + names_prefix = "waterstand_DD_") + +``` + + +```{r grens rapportage raai} + +start_raai <- + data.frame(REEKSCODE = c("GBSa","GBSb","ODa","DO","GSb","GSc","LH","LP","KPb","KPe","GW", + "HO","KV","NOTb","NOTc","BAL","TB", + "WE","BR","DU","PD","MK","GSHb","KRb","GBa","ZLa", + "APa","APc","PA","BM","HEUc","HEUf"), + afstand_begin = c(25,25,40,15,10,10,5,10,10,18,1, + 5,5,5,0,5,4, + 5,5,2,5,2,6,5,2,5, + 2,0,5,10,10,5), + afstand_slik = c(125,80,270,250,140,210,45,215,10,100,50, + 17,70,135,20,120,45, + 150,75,15,60,130,122,30,45,130, + 38,10,45,550,105,120), + afstand_schor = c(190,130,300,300,175,235,65,240,20,140,70, + 25,85,160,35,150,60, + 170,110,25,85,145,135,40,55,135, + 50,23,55,570,107,135)) + +``` + + +```{r wegschrijven gegevens} + +tbl_ecotoopgrenzen <- + tbl_hoogte_HW85 %>% + left_join(tbl_hoogte_LW30) %>% + left_join(tbl_hoogte_DD) + +# tbl_ecotoopgrenzen <- +# tbl_waterstanden %>% +# select(-afstand_begin) + +tbl_ecotoopgrenzen$REEKSCODE %>% + setdiff(start_raai$REEKSCODE) +start_raai$REEKSCODE %>% + setdiff(tbl_ecotoopgrenzen$REEKSCODE) + +tbl_ecotoopgrenzen <- + tbl_ecotoopgrenzen %>% + left_join(start_raai) + +tbl_ecotoopgrenzen %>% + write_xlsx(path = str_c(pad_data, "ecotoopgrenzen.xlsx")) + +``` + diff --git a/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd new file mode 100644 index 0000000..152d8c8 --- /dev/null +++ b/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd @@ -0,0 +1,407 @@ +--- +params: + hoofdstuk: "130_sedimentatie_erosie" +knit: (function(inputFile, ...) { + rmarkdown::render(inputFile, + output_dir = paste0(rmarkdown::yaml_front_matter(inputFile)$params$hoofdstuk, "/output"))}) +title: "figuren historiek MONEOS raaien" +output: word_document +editor_options: + chunk_output_type: console +--- + + +```{r setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE) + +``` + + +```{r libraries} + +library(tidyverse) +library(readxl) +library(INBOtheme) +library(rprojroot) + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + + +```{r pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(params$hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(params$hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") + +``` + + +```{r data} + +dpi <- 150 + +jaar <- 2024 +campagne <- "C2023" + +tabel_raaien_vast <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) %>% + mutate(OMES = factor(OMES, levels = c(9:19, "19 trGM", "Durme", "Rupel", ""))) %>% + mutate(rivier = + case_when( + rivier == "Zijrivieren" ~ gebied, + TRUE ~ rivier + ), + sal_kort = + case_when( + salzone == "Mesohalien" ~ "MH", + salzone == "Zone grote saliniteitsgradiënt" ~ "SG", + salzone == "Oligohalien" ~ "OH", + salzone == "Zoet lange verblijftijd" ~ "ZL", + salzone == "Zoet korte verblijftijd" ~ "ZK", + salzone == "Durme" ~ "DU", + salzone == "Rupel" ~ "RU", + rivier == "Dijle" ~ "DL", + rivier == "Nete" ~ "NE", + rivier == "Zenne" ~ "ZN" + ), + raai_sal = str_c(reekscode, " (", sal_kort, ")")) %>% + arrange(OMES, rivier, `afstand grens`) + +data_MONEOS <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_", jaar, ".xlsx"), + sheet = "TOPOdata_MONEOSRAAIEN_INBO") +data_NA <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "toevoeging_NA_grafieken_", jaar, ".xlsx")) + +raai_campagne <- + data_MONEOS %>% + distinct(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, DATUM, REEKSCODE, Campagne) + +data_NA <- + data_NA %>% + left_join(raai_campagne) %>% + drop_na() + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + bind_rows(data_NA) + +year_colors <- + tibble(Year = unique(year(data_MONEOS$DATUM))) %>% + arrange(Year) %>% + mutate(Colour = c(rev(terrain.colors(n()+1))[c(-1,-2)], 'red')) + +``` + + +```{r selectie vaste MONEOS raaien met metingen in laatste jaar} + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(meting = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + ungroup() %>% + filter(Campagne == "MONEOS", + meting == TRUE) %>% + select(-meting) + + +raaicodes <- + data_MONEOS %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +``` + + +```{r ecotoopgrenzen} + +tbl_waterstanden <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "ecotoopgrenzen.xlsx")) + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + left_join(tbl_waterstanden) + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + group_by(REEKSCODE, DATUM) %>% + mutate(habpres = any(!is.na(Habitat))) %>% + ungroup() %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + habpres ~ Habitat, + HOOGTE__MT > waterstand_HW85 ~ "schor", + HOOGTE__MT <= waterstand_HW85 ~ "slik")) %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + HOOGTE__MT < waterstand_LW30 ~ "subtidaal", + TRUE ~ ecotoop)) %>% + select(-habpres) + + +ecotoopgrenzen <- + data_MONEOS %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone) %>% + summarise(bovengrens = unique(afstand_begin), + bovengrens_meting = min(distance_prof[MeetCampagneJaar == campagne & distance_prof >= (bovengrens + 5)]) - 5, + bovengrens_schor = min(distance_prof[ecotoop == "schor"], na.rm = TRUE), + grens_schor = max(distance_prof[ecotoop == "schor" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE), + grens_subtidaal = max(distance_prof[ecotoop == "slik" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, + bovengrens, bovengrens_meting, bovengrens_schor, grens_schor, grens_subtidaal) %>% + mutate(across(everything(), ~ifelse(is.infinite(.), NA, .))) + +``` + + +```{r} + +raaien <- + data_MONEOS %>% + distinct(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes) + +``` + + +```{r selectie tot bovengrens} + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + filter(distance_prof >= afstand_begin) + +data_MONEOS %>% + distinct(ecotoop) + +``` + + +```{r toevoegen combinatie raai - salzone} + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) + +``` + + +```{r selectie raaien voor slik figuur en schor figuur} + +raaien_sel_slik <- + data_MONEOS %>% + filter(distance_prof >= afstand_slik) %>% + group_by(REEKSCODE, MeetCampagneJaar) %>% + mutate(aantal_year = length(unique(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)])), + range_year = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_year = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_year = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(aantal_dist = max(aantal_year, na.rm = TRUE), + range_dist = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_dist = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_dist = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne) %>% + mutate(prop_aantal = aantal_year/aantal_dist, + prop_range = range_year/range_dist) %>% + filter(aantal_dist >= 5, + aantal_year >= 3, + #prop_aantal >= 0.5, + prop_range >= 0.5) %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +raaien_sel_schor <- + data_MONEOS %>% + filter(distance_prof <= afstand_schor) %>% + group_by(REEKSCODE, MeetCampagneJaar) %>% + mutate(aantal_year = length(unique(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)])), + range_year = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_year = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_year = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(aantal_dist = max(aantal_year, na.rm = TRUE), + range_dist = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_dist = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_dist = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne) %>% + mutate(prop_aantal = aantal_year/aantal_dist, + prop_range = range_year/range_dist) %>% + filter(aantal_dist >= 5, + aantal_year >= 3, + #prop_aantal >= 0.5, + prop_range >= 0.5) %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +raaien_sel_slik +raaien_sel_schor + +``` + + +```{r functie figuren} + +# naam <- "APa" +# dat_raai <- +# data_MONEOS %>% +# filter(REEKSCODE == naam) + +fig_raai <- + function(RKSC, dat_raai, ecotoop = "", subtidaal_grens = TRUE) { + + cat(str_c("raai: ", RKSC, "\n")) + + dat_raai <- + dat_raai %>% + mutate(Year = year(DATUM), + Month = month(DATUM), + Datum = factor(DATUM)) %>% + arrange(Datum, distance_prof) + # RKSC <- + # unique(dat_raai$REEKSCODE) + naam <- + unique(dat_raai$raai_sal) + + # dat_last <- + # dat %>% + # filter(!is.na(Campagne) & Campagne == campagne) + colors <- + dat_raai %>% + distinct(Year, Datum) %>% + arrange(Datum) %>% + left_join(year_colors) + p <- + ggplot(dat_raai, aes(distance_prof, HOOGTE__MT, group = Datum, colour = Datum)) + if(subtidaal_grens) { + p <- + p + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_subtidaal), + linetype = 2, color = "lightblue", linewidth = 2) + } + + p <- + p + + # geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + # aes(xintercept = bovengrens), + # linetype = 1, color = "grey50", linewidth = 2) + + # geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + # aes(xintercept = bovengrens_schor), + # linetype = 2, color = "darkgreen", linewidth = 2) + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_schor), + linetype = 2, color = "darkgreen", linewidth = 2) + + # geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + # aes(xintercept = grens_laag_middelhoog), + # linetype = 3, color = "grey50", linewidth = 1.5) + + # geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + # aes(xintercept = grens_middelhoog_hoog), + # linetype = 3, color = "grey50", linewidth = 1.5) + + geom_line(linewidth = 1) + + geom_point(size = 2) + + # geom_line(data = dat_last, size = 1) + + # geom_point(data = dat_last, size = 2) + + scale_x_continuous(breaks = pretty(dat_raai$distance_prof, 20)) + + scale_y_continuous(breaks = pretty(dat_raai$HOOGTE__MT, 5)) + + scale_colour_manual(values = colors$Colour) + + labs(title = ifelse(str_length(ecotoop) == 0, naam, str_c(naam, " - ", ecotoop)), + x = "Afstand tot de dijk (m)", + y = "Hoogte (m T.A.W.)") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 20), + legend.text = element_text(size = 14), + panel.border = element_blank(), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major = element_line(colour = "grey")) + + p + } + +``` + + +```{r figuren historiek} + +# data_fig <- +# Afst %>% +# left_join(data_MONEOS, +# relationship = "many-to-many") %>% +# filter(distance_prof >= Afstand_begin) +# +# figuren_MONEOS <- +# data_fig %>% +# # filter(REEKSCODE == "KPb") %>% +# group_by(Naam) %>% +# nest() %>% +# mutate(fig = map2(Naam, data, ~fig_raai(.x, .y))) +# +# walk2(str_c("Vast_", figuren_MONEOS$Naam), figuren_MONEOS$fig, +# ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/", .x, "_", campagne, ".png"), +# width=16, height=8, dpi = dpi)) + +figuren_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + nest() %>% + mutate(fig = map2(REEKSCODE, data, ~fig_raai(.x, .y))) + +figuren_MONEOS$fig[[1]] + +walk2(figuren_MONEOS$REEKSCODE, figuren_MONEOS$fig, + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi)) + + +figuren_MONEOS_slik <- + data_MONEOS %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien_sel_slik, + distance_prof >= afstand_slik) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + nest() %>% + mutate(fig = map2(REEKSCODE, data, ~fig_raai(.x, .y, ecotoop = "slik"))) + +figuren_MONEOS_slik$fig[[1]] + +figuren_MONEOS_slik %>% + {.; walk2(str_c(.$REEKSCODE, "_slik"), .$fig, + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/slik/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi))} + + +figuren_MONEOS_schor <- + data_MONEOS %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien_sel_schor, + distance_prof <= afstand_schor) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + nest() %>% + mutate(fig = map2(REEKSCODE, data, ~fig_raai(.x, .y, ecotoop = "schor", subtidaal_grens = FALSE))) + +figuren_MONEOS_schor$fig[[1]] + +figuren_MONEOS_schor %>% + {.; walk2(str_c(.$REEKSCODE, "_schor"), .$fig, + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/schor/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi))} + +``` + diff --git a/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd new file mode 100644 index 0000000..555e9a8 --- /dev/null +++ b/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd @@ -0,0 +1,749 @@ +--- +params: + hoofdstuk: "130_sedimentatie_erosie" +knit: (function(inputFile, ...) { + rmarkdown::render(inputFile, + output_dir = paste0(rmarkdown::yaml_front_matter(inputFile)$params$hoofdstuk, "/output"))}) +title: "figuren early warning MONEOS raaien" +output: word_document +editor_options: + chunk_output_type: console +--- + + +```{r setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE) + +``` + + +```{r libraries} + +library(tidyverse) +library(readxl) +library(writexl) +library(INBOtheme) +library(rprojroot) + +# meerdere color of fill schalen in één figuur +library(ggnewscale) + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + + +```{r pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(params$hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(params$hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") + +``` + + +```{r data} + +dpi <- 150 + +jaar <- 2024 +campagne <- str_c("C", jaar-1) +campagne_jaren_EW <- (jaar-5):jaar +campagnes_EW <- str_c("C", campagne_jaren_EW-1) + +year_colors <- + tibble(Year = campagne_jaren_EW) %>% + mutate(Colour = c(rev(terrain.colors(length(campagne_jaren_EW)+1))[c(-1,-2)], 'red')) + + +tabel_raaien_vast <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) %>% + mutate(OMES = factor(OMES, levels = c(9:19, "19 trGM", "Durme", "Rupel", ""))) %>% + mutate(rivier = + case_when( + rivier == "Zijrivieren" ~ gebied, + TRUE ~ rivier + ), + sal_kort = + case_when( + salzone == "Mesohalien" ~ "MH", + salzone == "Zone grote saliniteitsgradiënt" ~ "SG", + salzone == "Oligohalien" ~ "OH", + salzone == "Zoet lange verblijftijd" ~ "ZL", + salzone == "Zoet korte verblijftijd" ~ "ZK", + salzone == "Durme" ~ "DU", + salzone == "Rupel" ~ "RU", + rivier == "Dijle" ~ "DL", + rivier == "Nete" ~ "NE", + rivier == "Zenne" ~ "ZN" + ), + raai_sal = str_c(reekscode, " (", sal_kort, ")")) %>% + arrange(OMES, rivier, `afstand grens`) + + +data_MONEOS <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_", jaar, ".xlsx"), + sheet = "TOPOdata_MONEOSRAAIEN_INBO") + +raai_campagne <- + data_MONEOS %>% + distinct(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, DATUM, REEKSCODE, Campagne) + +data_NA <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "toevoeging_NA_grafieken_", jaar, ".xlsx")) + +data_NA <- + data_NA %>% + left_join(raai_campagne) %>% + drop_na() + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + bind_rows(data_NA) + +``` + + +```{r selectie vaste MONEOS raaien met metingen in laatste jaar} + +data_EW <- + data_MONEOS %>% + mutate(Year = year(DATUM)) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(meting = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + ungroup() %>% + filter(Campagne == "MONEOS", + meting == TRUE, + MeetCampagneJaar %in% campagnes_EW) %>% + select(-meting) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +raaicodes <- + data_EW %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +``` + + +```{r selectie enkel slik en schorrand} + +tbl_waterstanden <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "ecotoopgrenzen.xlsx")) + +data_EW <- + data_EW %>% + # left_join(ecotoopgrenzen) %>% + left_join(tbl_waterstanden) %>% + filter(distance_prof >= afstand_slik) + +``` + + +```{r ecotoopgrenzen} + +data_EW <- + data_EW %>% + group_by(REEKSCODE, Year) %>% + mutate(habpres = any(!is.na(Habitat))) %>% + ungroup() %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + habpres ~ Habitat, + HOOGTE__MT > waterstand_HW85 ~ "schor", + HOOGTE__MT <= waterstand_HW85 ~ "slik")) %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + HOOGTE__MT < waterstand_LW30 ~ "subtidaal", + TRUE ~ ecotoop)) %>% + mutate(ecotoop_slik = + case_when( + Salzone == "Mesohalien" & HOOGTE__MT <= waterstand_DD_25 ~ "laag slik", + Salzone != "Mesohalien" & HOOGTE__MT <= waterstand_DD_35 ~ "laag slik", + HOOGTE__MT >= waterstand_DD_60 ~ "hoog slik", + TRUE ~ "middelhoog slik")) %>% + select(-habpres) + + +ecotoopgrenzen <- + data_EW %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone) %>% + summarise(bovengrens = unique(afstand_begin), + bovengrens_meting = min(distance_prof[MeetCampagneJaar == campagne & distance_prof >= (bovengrens + 5)]) - 5, + bovengrens_schor = min(distance_prof[ecotoop == "schor"], na.rm = TRUE), + grens_schor = max(distance_prof[ecotoop == "schor" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE), + grens_subtidaal = max(distance_prof[ecotoop == "slik" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE), + grens_laag_middelhoog = min(distance_prof[ecotoop_slik == "laag slik" & MeetCampagneJaar == campagne]), + grens_middelhoog_hoog = min(distance_prof[ecotoop_slik == "middelhoog slik" & MeetCampagneJaar == campagne])) %>% + ungroup() %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, + bovengrens, bovengrens_meting, bovengrens_schor, grens_schor, grens_subtidaal, + grens_laag_middelhoog, grens_middelhoog_hoog) %>% + mutate(across(everything(), ~ifelse(is.infinite(.), NA, .))) %>% + mutate(grens_middelhoog_hoog = + if_else(grens_middelhoog_hoog <= grens_schor, grens_schor + 0.2, grens_middelhoog_hoog), + grens_laag_middelhoog = + if_else(!is.na(grens_subtidaal) & grens_laag_middelhoog >= grens_subtidaal, grens_subtidaal - 0.2, grens_laag_middelhoog)) + +``` + + +```{r ecotoopgrenzen binnen slik, eval=FALSE} + +data_EW_interp <- + data_EW_interp %>% + left_join(tbl_waterstanden %>% + select(REEKSCODE, waterstand_DD_25, waterstand_DD_35, waterstand_DD_60)) %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + Salzone == "Mesohalien" & HOOGTE__MT <= waterstand_DD_25 ~ "laag slik", + Salzone != "Mesohalien" & HOOGTE__MT <= waterstand_DD_35 ~ "laag slik", + HOOGTE__MT >= waterstand_DD_60 ~ "hoog slik", + TRUE ~ "middelhoog slik")) + +ecotoopgrenzen_slik <- + data_EW_interp %>% + group_by(REEKSCODE, Salzone) %>% + summarise(grens_laag_middelhoog = min(distance_prof[ecotoop == "laag slik"]), + grens_middelhoog_hoog = min(distance_prof[ecotoop == "middelhoog slik"])) %>% + ungroup() %>% + select(REEKSCODE, Salzone, grens_laag_middelhoog, grens_middelhoog_hoog) + +ecotoopgrenzen <- + ecotoopgrenzen_slik %>% + left_join(ecotoopgrenzen) %>% + mutate(grens_laag_middelhoog = + if_else(grens_middelhoog_hoog <= grens_schor, grens_schor + 0.5, grens_laag_middelhoog)) + +``` + + +```{r afronden en samenvoegen indien overlappende meetpunten/meetdatums in een jaar} + +data_EW <- + data_EW %>% + mutate(distance_prof = round(distance_prof)) %>% + group_by(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, Year, REEKSCODE, distance_prof, Habitat) %>% + summarise(HOOGTE__MT = mean(HOOGTE__MT, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +``` + + +```{r selectie raaien met voldoende meetpunten en jaren} + +raaien_sel <- + data_EW %>% + left_join(ecotoopgrenzen %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, grens_subtidaal)) %>% + mutate(grens_subtidaal = if_else(is.na(grens_subtidaal), + max(distance_prof, na.rm = TRUE), + grens_subtidaal)) %>% + group_by(REEKSCODE, Year) %>% + mutate(aantal_year = length(unique(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal])), + range_year = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE)), + min_year = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE), + max_year = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(aantal_dist = max(aantal_year, na.rm = TRUE), + range_dist = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE)), + min_dist = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE), + max_dist = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT) & distance_prof <= grens_subtidaal], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + mutate(prop_aantal = aantal_year/aantal_dist, + prop_range = range_year/range_dist) %>% + filter(aantal_dist >= 4) %>% + filter(prop_aantal >= 0.5, + prop_range >= 0.5) %>% + distinct(REEKSCODE, afstand_grens, Year, aantal_dist, aantal_year, prop_aantal, range_dist, min_dist, max_dist, range_year, prop_range, min_year, max_year) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + filter(n() >= 4) %>% + filter(jaar %in% Year) %>% + ungroup() + +unique(raaien_sel$REEKSCODE) %>% + sort() + + +# data_EW_sel <- +# data_EW %>% +# filter(REEKSCODE %in% unique(raaien_sel$REEKSCODE)) + +data_EW_sel <- + raaien_sel %>% + left_join(data_EW) + +``` + + +```{r afronden afstand naar vast interval (en interpolatie)} + +# data_EW_interp_full <- +# data_EW_sel + +data_EW_interp_full <- + data_EW_sel %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(steps = mean(range_year/aantal_year), + distance_prof = round(distance_prof/steps)*steps) %>% + ungroup() + + +# data_EW_interp_full <- +# data_EW_sel %>% +# filter(!is.na(afstand_grens)) %>% +# mutate(distance_prof = round(distance_prof), +# Year = year(DATUM)) %>% +# group_by(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, Year, REEKSCODE, Campagne, afstand_grens, distance_prof) %>% +# summarise(HOOGTE__MT = mean(HOOGTE__MT)) %>% +# ungroup() %>% +# group_by(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, Year, REEKSCODE, Campagne, afstand_grens) %>% +# nest() %>% +# transmute(intrp = map(data, +# ~approx(.$distance_prof, +# .$HOOGTE__MT, +# xout = seq(min(.$distance_prof), max(.$distance_prof), by = 1), +# rule = 2))) %>% +# transmute(distance_prof = map(intrp, ~.$x), +# HOOGTE__MT = map(intrp, ~.$y)) %>% +# unnest(cols = c(distance_prof, HOOGTE__MT)) %>% +# ungroup() + +data_EW_interp <- + data_EW_interp_full %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, Year, MeetCampagneJaar, distance_prof) %>% + summarise(HOOGTE__MT = mean(HOOGTE__MT, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() + +``` + + +```{r functie figuren} + +fig_raai <- + function(RKSC, dat_raai) { + + cat(str_c("raai: ", RKSC, "\n")) + + dat_raai <- + dat_raai %>% + arrange(Year, distance_prof) + naam <- + str_c(unique(dat_raai$raai_sal), " - slik") + + colors <- + dat_raai %>% + distinct(Year) %>% + arrange(Year) %>% + left_join(year_colors) + + p <- + dat_raai %>% + mutate(Year = factor(Year)) %>% + ggplot(aes(distance_prof, HOOGTE__MT, group = Year, colour = Year)) + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_subtidaal), + linetype = 2, color = "lightblue", linewidth = 1.5) + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_schor), + linetype = 2, color = "darkgreen", linewidth = 1.5) + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_laag_middelhoog), + linetype = 2, color = "darkorange3", linewidth = 1.5) + + geom_vline(data = ecotoopgrenzen %>% filter(REEKSCODE == RKSC), + aes(xintercept = grens_middelhoog_hoog), + linetype = 2, color = "darkorange3", linewidth = 1.5) + + geom_line(linewidth = 1) + + geom_point() + + scale_x_continuous(breaks = pretty(dat_raai$distance_prof, 20)) + + scale_y_continuous(breaks = pretty(dat_raai$HOOGTE__MT, 5)) + + scale_colour_manual(values = colors$Colour) + + labs(title = naam, + x = "Afstand tot de dijk (m)", + y = "Hoogte (m T.A.W.)") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 20), + legend.text = element_text(size = 14), + panel.border = element_blank(), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major = element_line(colour = "grey")) + + p + } + +``` + + +```{r figuren slik (interpolatie)} + +figuren_EW <- + data_EW_interp %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + nest() %>% + mutate(fig = map2(REEKSCODE, data, ~fig_raai(.x, .y))) + +figuren_EW$fig[[1]] + +walk2(str_c("slik_profiel_EW_", figuren_EW$REEKSCODE), figuren_EW$fig, + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi)) + +``` + + +```{r selectie raaien} + +# data_EW_interp <- +# data_EW_interp %>% +# filter(str_detect(REEKSCODE, "HEU", negate = TRUE)) + +``` + + +```{r berekenen delta hoogte} + +delta_hoogte_full <- NULL +for(r in unique(data_EW_interp$REEKSCODE)) { + dat_raai <- + data_EW_interp %>% + filter(REEKSCODE == r) + if(!is.null(dat_raai)) { + j <- + dat_raai %>% + pull(Year) %>% + min() + dat_ref <- + dat_raai %>% + filter(Year == j) %>% + select(REEKSCODE, distance_prof, HOOGTE__MT) %>% + rename(!!str_c("hoogte_", j) := HOOGTE__MT) + if(!is.null(dat_ref)) { + dat_delta <- + dat_raai %>% + left_join(dat_ref) %>% + mutate(Year_ref = j, + delta_Year = Year - j, + delta_hoogte = HOOGTE__MT - .data[[str_c("hoogte_", j)]]) %>% + select(-!!str_c("hoogte_", j)) %>% + drop_na() + delta_hoogte_full <- + delta_hoogte_full %>% + bind_rows(dat_delta) + } + } +} + +delta_hoogte_gem <- + delta_hoogte_full %>% + left_join(ecotoopgrenzen %>% + select(REEKSCODE, grens_laag_middelhoog, grens_middelhoog_hoog)) %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + distance_prof < grens_middelhoog_hoog ~ "hoog slik", + distance_prof > grens_laag_middelhoog ~ "laag slik", + TRUE ~ "middelhoog slik")) %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, Year, MeetCampagneJaar, ecotoop) %>% + filter(Year_ref == min(Year_ref)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, MeetCampagneJaar, Year, Year_ref, delta_Year, ecotoop) %>% + summarise(delta_hoogte = mean(delta_hoogte, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() + +``` + + +```{r figuren delta hoogte, fig.height=10, fig.width=8} + +delta_hoogte_gem %>% + mutate(ecotoop = factor(ecotoop, levels = c("laag slik", "middelhoog slik", "hoog slik"))) %>% + ggplot(aes(Year, delta_hoogte, color = ecotoop)) + + geom_line(linewidth = 1) + + geom_point(size = 2) + + scale_x_continuous(breaks = 2018:2023) + + labs(x = "jaar", + y = "sedimentatie/erosie (meter)") + + facet_wrap(~REEKSCODE, scales = "free_y") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 20), + legend.text = element_text(size = 14), + # panel.border = element_blank(), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major = element_line(colour = "grey"), + strip.text = element_text(size = 16)) + +``` + + +```{r berekenen regressie} + +hoogte_evolutie_predict <- + delta_hoogte_gem %>% + group_by(REEKSCODE, ecotoop, Year_ref) %>% + # filter(Campagne != "C2022") %>% + nest() %>% + mutate(mod = map(data, ~lm(delta_hoogte ~ 0 + delta_Year, filter(., MeetCampagneJaar != campagne))), + MeetCampagneJaar = map(data, ~pull(., MeetCampagneJaar)), + Year = map(data, ~pull(., Year)), + delta_Year = map(data, ~pull(., delta_Year)), + delta_hoogte = map(data, ~pull(., delta_hoogte))) %>% + filter(map_lgl(delta_Year, ~length(.) > 0)) %>% + transmute(slope_hoogte = map(mod, ~coef(.)[1]), + MeetCampagneJaar = MeetCampagneJaar, + Year = Year, + delta_Year = delta_Year, + delta_hoogte = delta_hoogte, + preds = map2(mod, delta_Year, + ~predict(.x, newdata = tibble(delta_Year = .y), interval = "prediction") %>% + as_tibble())) %>% + unnest(cols = everything()) %>% + ungroup() + + +hoogte_evolutie_slope <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar != campagne) %>% + group_by(REEKSCODE, ecotoop) %>% + mutate(Year_end = max(Year)) %>% + ungroup() %>% + distinct(REEKSCODE, ecotoop, Year_ref, Year_end, slope_hoogte) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + group_by(REEKSCODE, ecotoop) %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne | + Year == max(Year[Year != jaar])) %>% + ungroup() %>% + mutate(flag_hoogte = delta_hoogte < lwr | delta_hoogte > upr, + Year_shift = + case_when( + ecotoop == "laag slik" ~ Year - 0.2, + ecotoop == "hoog slik" ~ Year + 0.2, + TRUE ~ Year), + REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + + +tabel_EW <- + hoogte_evolutie_predict %>% + select(REEKSCODE, ecotoop, slope_hoogte, Year, delta_Year, delta_hoogte, flag_hoogte) %>% + mutate(Year = if_else(Year == jaar, as.character(jaar), "prev")) %>% + pivot_wider(id_cols = c(REEKSCODE, ecotoop, slope_hoogte), + names_from = Year, + values_from = c(delta_Year, delta_hoogte, flag_hoogte)) %>% + mutate(delta_hoogte = (.data[[str_c("delta_hoogte_", jaar)]] - delta_hoogte_prev)/(.data[[str_c("delta_Year_", jaar)]] - delta_Year_prev)) %>% + mutate(slope_hoogte = + case_when( + slope_hoogte <= -0.1 ~ "- - -", + slope_hoogte > -0.1 & slope_hoogte <= -0.05 ~ "- -", + slope_hoogte > -0.05 & slope_hoogte <= -0.01 ~ "-", + slope_hoogte > -0.01 & slope_hoogte < 0.01 ~ "0", + slope_hoogte >= 0.01 & slope_hoogte < 0.05 ~ "+", + slope_hoogte >= 0.05 & slope_hoogte < 0.1 ~ "++", + slope_hoogte >= 0.1 ~ "+++"), + delta_hoogte = + case_when( + delta_hoogte <= -0.1 ~ "- - -", + delta_hoogte > -0.1 & delta_hoogte <= -0.05 ~ "- -", + delta_hoogte > -0.05 & delta_hoogte <= -0.01 ~ "-", + delta_hoogte > -0.01 & delta_hoogte < 0.01 ~ "0", + delta_hoogte >= 0.01 & delta_hoogte < 0.05 ~ "+", + delta_hoogte >= 0.05 & delta_hoogte < 0.1 ~ "++", + delta_hoogte >= 0.1 ~ "+++"), + delta_hoogte = if_else(.data[[str_c("flag_hoogte_", jaar)]], + str_c("[", delta_hoogte, "]"), + ""), + slope_hoogte = + str_c(slope_hoogte, delta_hoogte, sep = " ") %>% + str_trim()) %>% + pivot_wider(id_cols = REEKSCODE, + names_from = ecotoop, + values_from = slope_hoogte) %>% + select(reekscode = REEKSCODE, `laag slik`, `middelhoog slik`, `hoog slik`) %>% + arrange(reekscode) + +tabel_EW %>% + list("tabel_EW_slik" = .) %>% + write_xlsx(path = str_c(pad_tabellen, "tabel_EW_slik.xlsx")) + + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne) + +``` + + +```{r functie figuur delta} + +fig_delta <- + function(dat, sectie) { + + if (sectie == "BEZ") { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(OMES %in% 9:13) + } else if ((sectie == "BOZ")) { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(str_detect(rivier, "Zeeschelde") & !(OMES %in% 9:13)) + } else { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(str_detect(rivier, "Zeeschelde", negate = TRUE)) + } + + raaien <- + tbl_raaien %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) %>% + arrange(reekscode) %>% + pull(reekscode) + + dat_fig <- + dat %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + dat_slope <- + hoogte_evolutie_slope %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + dat_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + p <- + dat_fig %>% + {ggplot(., aes(Year, delta_hoogte, color = ecotoop)) + + labs(x = "jaar", + y = expression(paste(Delta, "hoogte", " (m)"))) + + geom_point(data = filter(., MeetCampagneJaar != campagne)) + + geom_segment(data = dat_slope, + aes(x = Year_ref, y = 0, xend = Year_end, yend = -Year_ref*slope_hoogte + Year_end*slope_hoogte, + color = ecotoop), + linewidth = 1) + + geom_hline(aes(yintercept = 0), linetype = 2) + + geom_point(data = + dat_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne), + aes(x = Year_shift, color = ecotoop, group = ecotoop, shape = flag_hoogte), + stroke = 1, + size = 2) + + geom_errorbar(data = + dat_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne), + aes(x = Year_shift, ymin = lwr, ymax = upr, color = ecotoop, group = ecotoop), + linewidth = 1, + width = 0.25) + + scale_shape_manual(name = "trendbreuk", values = c("FALSE" = 1, "TRUE" = 15)) + + # scale_y_continuous(breaks = pretty(.$delta_hoogte, 10)) + + scale_x_continuous(breaks = seq(2019,2023, by = 2)) + + # facet_wrap(~ REEKSCODE, scales = "free_y", labeller = as_labeller(.$raai_sal)) + + facet_wrap(~ raai_sal, scales = "free_y") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 16), + legend.text = element_text(size = 14), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major.x = element_blank(), + panel.grid.major.y = element_line(colour = "grey"), + strip.text = element_text(size = 16))} + + p + } + +``` + + +```{r figuren early warning} + +dat_delta <- + delta_hoogte_gem %>% + group_by(REEKSCODE, ecotoop, Year_ref) %>% + mutate(any_high = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + filter(any_high) %>% + select(-any_high) %>% + ungroup() %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(ecotoop = factor(ecotoop, levels = c("laag slik", "middelhoog slik", "hoog slik")), + REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + +levels(dat_delta$REEKSCODE) +levels(dat_delta$raai_sal) + +hoogte_evolutie_slope <- + hoogte_evolutie_slope %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + + +# dat_delta %>% +# distinct(Salzone, sal_kort) + +# raaien <- +# dat_delta %>% +# distinct(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone) %>% +# arrange(REEKSCODE) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "BEZ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_BEZ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "BOZ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_BOZ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "ZIJ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_ZIJ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + +``` + diff --git a/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd new file mode 100644 index 0000000..9327e1c --- /dev/null +++ b/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd @@ -0,0 +1,684 @@ +--- +params: + hoofdstuk: "130_sedimentatie_erosie" +knit: (function(inputFile, ...) { + rmarkdown::render(inputFile, + output_dir = paste0(rmarkdown::yaml_front_matter(inputFile)$params$hoofdstuk, "/output"))}) +title: "figuren early warning MONEOS schor" +output: word_document +editor_options: + chunk_output_type: console +--- + + +```{r setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE) + +``` + + +```{r libraries} + +library(tidyverse) +library(readxl) +library(writexl) +library(INBOtheme) +library(rprojroot) + +# meerdere color of fill schalen in één figuur +library(ggnewscale) + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + + +```{r pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(params$hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(params$hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") + +``` + + +```{r excel sheets} + +sheets <- NULL +sheets_figuren <- NULL + +``` + + +```{r data} + +dpi <- 150 + +jaar <- 2024 +campagne <- "C2023" +campagne_jaren_EW <- 2019:2024 +campagnes_EW <- str_c("C", campagne_jaren_EW-1) + +year_colors <- + tibble(Year = campagne_jaren_EW) %>% + mutate(Colour = c(rev(terrain.colors(length(campagne_jaren_EW)+1))[c(-1,-2)], 'red')) + + +tabel_raaien_vast <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) %>% + mutate(OMES = factor(OMES, levels = c(9:19, "19 trGM", "Durme", "Rupel", ""))) %>% + mutate(rivier = + case_when( + rivier == "Zijrivieren" ~ gebied, + TRUE ~ rivier + ), + sal_kort = + case_when( + salzone == "Mesohalien" ~ "MH", + salzone == "Zone grote saliniteitsgradiënt" ~ "SG", + salzone == "Oligohalien" ~ "OH", + salzone == "Zoet lange verblijftijd" ~ "ZL", + salzone == "Zoet korte verblijftijd" ~ "ZK", + salzone == "Durme" ~ "DU", + salzone == "Rupel" ~ "RU", + rivier == "Dijle" ~ "DL", + rivier == "Nete" ~ "NE", + rivier == "Zenne" ~ "ZN" + ), + raai_sal = str_c(reekscode, " (", sal_kort, ")")) %>% + arrange(OMES, rivier, `afstand grens`) + + +data_MONEOS <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_", jaar, ".xlsx"), + sheet = "TOPOdata_MONEOSRAAIEN_INBO") + +raai_campagne <- + data_MONEOS %>% + distinct(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, DATUM, REEKSCODE, Campagne) + +data_NA <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "toevoeging_NA_grafieken_", jaar, ".xlsx")) + +data_NA <- + data_NA %>% + left_join(raai_campagne) %>% + drop_na() + +data_MONEOS <- + data_MONEOS %>% + bind_rows(data_NA) + +``` + + +```{r selectie vaste MONEOS raaien met metingen in laatste jaar} + +data_EW <- + data_MONEOS %>% + mutate(Year = year(DATUM)) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(meting = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + ungroup() %>% + filter(Campagne == "MONEOS", + meting == TRUE, + MeetCampagneJaar %in% campagnes_EW) %>% + select(-meting) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +raaicodes <- + data_EW %>% + distinct(REEKSCODE) %>% + pull() + +``` + + +```{r selectie enkel schor} + +tbl_waterstanden <- + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "ecotoopgrenzen.xlsx")) + +data_EW <- + data_EW %>% + # left_join(ecotoopgrenzen) %>% + left_join(tbl_waterstanden) %>% + filter(distance_prof >= afstand_begin, + distance_prof <= afstand_slik) + +``` + + +```{r ecotoopgrenzen, eval=FALSE} + +data_EW <- + data_EW %>% + left_join(tbl_waterstanden) + +data_EW <- + data_EW %>% + group_by(REEKSCODE, Year) %>% + mutate(habpres = any(!is.na(Habitat))) %>% + ungroup() %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + habpres ~ Habitat, + HOOGTE__MT > waterstand_HW85 ~ "schor", + HOOGTE__MT <= waterstand_HW85 ~ "slik")) %>% + mutate(ecotoop = + case_when( + HOOGTE__MT < waterstand_LW30 ~ "subtidaal", + TRUE ~ ecotoop)) %>% + select(-habpres) + + +ecotoopgrenzen <- + data_EW %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone) %>% + summarise(bovengrens = unique(afstand_begin), + bovengrens_meting = min(distance_prof[MeetCampagneJaar == campagne & distance_prof >= (bovengrens + 5)]) - 5, + bovengrens_schor = min(distance_prof[ecotoop == "schor"], na.rm = TRUE), + grens_schor = max(distance_prof[ecotoop == "schor" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE), + grens_subtidaal = max(distance_prof[ecotoop == "slik" & MeetCampagneJaar == campagne], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + select(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, + bovengrens, bovengrens_meting, bovengrens_schor, grens_schor, grens_subtidaal) %>% + mutate(across(everything(), ~ifelse(is.infinite(.), NA, .))) + +``` + + +```{r afronden en samenvoegen indien overlappende meetpunten/meetdatums in een jaar} + +data_EW <- + data_EW %>% + mutate(distance_prof = round(distance_prof)) %>% + group_by(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, Year, REEKSCODE, afstand_grens, distance_prof, Habitat) %>% + summarise(HOOGTE__MT = mean(HOOGTE__MT, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +``` + + +```{r selectie raaien met voldoende meetpunten en jaren} + +raaien_sel <- + data_EW %>% + group_by(REEKSCODE, Year) %>% + mutate(aantal_year = length(unique(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)])), + range_year = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_year = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_year = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(aantal_dist = max(aantal_year, na.rm = TRUE), + range_dist = diff(range(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)), + min_dist = min(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE), + max_dist = max(distance_prof[!is.na(HOOGTE__MT)], na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + mutate(prop_aantal = aantal_year/aantal_dist, + prop_range = range_year/range_dist) %>% + filter(aantal_dist >= 4) %>% + filter(prop_aantal >= 0.5, + prop_range >= 0.5) %>% + distinct(REEKSCODE, Year, aantal_dist, aantal_year, prop_aantal, range_dist, min_dist, max_dist, range_year, prop_range, min_year, max_year) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + filter(n() >= 4) %>% + filter(jaar %in% Year) %>% + ungroup() + +unique(raaien_sel$REEKSCODE) + +data_EW_sel <- + raaien_sel %>% + left_join(data_EW) + +``` + + +```{r afronden afstand naar vast interval (en interpolatie)} + +# data_EW_interp_full <- +# data_EW_sel + +data_EW_interp_full <- + data_EW_sel %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(steps = mean(range_year/aantal_year), + distance_prof = round(distance_prof/steps)*steps) %>% + ungroup() + +# data_EW_interp_full <- +# data_EW_sel %>% +# # filter(!is.na(afstand_grens)) %>% +# group_by(MeetCampagneJaar, Salzone, Omes, Year, REEKSCODE, afstand_grens) %>% +# nest() %>% +# transmute(intrp = map(data, +# ~approx(.$distance_prof, +# .$HOOGTE__MT, +# xout = seq(min(.$distance_prof), max(.$distance_prof), by = 1), +# rule = 2))) %>% +# transmute(distance_prof = map(intrp, ~.$x), +# HOOGTE__MT = map(intrp, ~.$y)) %>% +# unnest(cols = c(distance_prof, HOOGTE__MT)) %>% +# ungroup() + +data_EW_interp <- + data_EW_interp_full %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, Year, MeetCampagneJaar, distance_prof) %>% + summarise(HOOGTE__MT = mean(HOOGTE__MT, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE, Year) %>% + mutate(aantal_year = length(unique(distance_prof[!is.na(distance_prof)]))) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(aantal_dist = max(aantal_year, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() %>% + filter(aantal_dist >= 4) + +``` + + +```{r functie figuren} + +fig_raai <- + function(RKSC, dat_raai) { + + cat(str_c("raai: ", RKSC, "\n")) + + dat_raai <- + dat_raai %>% + arrange(Year, distance_prof) + naam <- + str_c(unique(dat_raai$raai_sal), " - schorplateau") + + colors <- + dat_raai %>% + distinct(Year) %>% + arrange(Year) %>% + left_join(year_colors) + + p <- + dat_raai %>% + mutate(Year = factor(Year)) %>% + ggplot(aes(distance_prof, HOOGTE__MT, group = Year, colour = Year)) + + geom_line(linewidth = 1) + + geom_point() + + scale_x_continuous(breaks = pretty(dat_raai$distance_prof, 20)) + + scale_y_continuous(breaks = pretty(dat_raai$HOOGTE__MT, 5)) + + scale_colour_manual(values = colors$Colour) + + labs(title = naam, + x = "Afstand tot de dijk (m)", + y = "Hoogte (m T.A.W.)") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 20), + legend.text = element_text(size = 14), + panel.border = element_blank(), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major = element_line(colour = "grey")) + + p + } + +``` + + +```{r figuren schor (interpolatie)} + +figuren_EW <- + data_EW_interp %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + nest() %>% + mutate(fig = map2(REEKSCODE, data, ~fig_raai(.x, .y))) + +# figuren_EW$fig + +walk2(str_c("schor_profiel_EW_", figuren_EW$REEKSCODE), figuren_EW$fig, + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi)) + +``` + + +```{r selectie raaien} + +# data_EW_interp <- +# data_EW_interp %>% +# filter(str_detect(REEKSCODE, "HEU", negate = TRUE)) + +``` + + +```{r berekenen delta hoogte} + +delta_hoogte_full <- NULL +for(r in unique(data_EW_interp$REEKSCODE)) { + dat_raai <- + data_EW_interp %>% + filter(REEKSCODE == r) + if(!is.null(dat_raai)) { + j <- + dat_raai %>% + pull(Year) %>% + min() + dat_ref <- + dat_raai %>% + filter(Year == j) %>% + select(REEKSCODE, distance_prof, HOOGTE__MT) %>% + rename(!!str_c("hoogte_", j) := HOOGTE__MT) + if(!is.null(dat_ref)) { + dat_delta <- + dat_raai %>% + left_join(dat_ref) %>% + mutate(Year_ref = j, + delta_Year = Year - j, + delta_hoogte = HOOGTE__MT - .data[[str_c("hoogte_", j)]]) %>% + select(-!!str_c("hoogte_", j)) %>% + drop_na() + delta_hoogte_full <- + delta_hoogte_full %>% + bind_rows(dat_delta) + } + } +} + +delta_hoogte_gem <- + delta_hoogte_full %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, Year, MeetCampagneJaar) %>% + filter(Year_ref == min(Year_ref)) %>% + ungroup() %>% + group_by(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone, Omes, MeetCampagneJaar, Year, Year_ref, delta_Year) %>% + summarise(delta_hoogte = mean(delta_hoogte, na.rm = TRUE)) %>% + ungroup() + +``` + + +```{r figuren delta hoogte, fig.height=10, fig.width=8} + +delta_hoogte_gem %>% + ggplot(aes(Year, delta_hoogte)) + + geom_line(size = 1) + + geom_point(size = 2) + + scale_x_continuous(breaks = 2018:2023) + + labs(x = "jaar", + y = "sedimentatie/erosie (meter)") + + facet_wrap(~REEKSCODE, scales = "free_y") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 20), + legend.text = element_text(size = 14), + # panel.border = element_blank(), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major = element_line(colour = "grey"), + strip.text = element_text(size = 16)) + +``` + + +```{r berekenen regressie} + +hoogte_evolutie_predict <- + delta_hoogte_gem %>% + group_by(REEKSCODE, Year_ref) %>% + # filter(Campagne != "C2022") %>% + nest() %>% + mutate(mod = map(data, ~lm(delta_hoogte ~ 0 + delta_Year, filter(., MeetCampagneJaar != campagne))), + MeetCampagneJaar = map(data, ~pull(., MeetCampagneJaar)), + Year = map(data, ~pull(., Year)), + delta_Year = map(data, ~pull(., delta_Year)), + delta_hoogte = map(data, ~pull(., delta_hoogte))) %>% + dplyr::filter(map_lgl(delta_Year, ~length(.) > 0)) %>% + transmute(slope_hoogte = map(mod, ~coef(.)[1]), + MeetCampagneJaar = MeetCampagneJaar, + Year = Year, + delta_Year = delta_Year, + delta_hoogte = delta_hoogte, + preds = map2(mod, delta_Year, + ~predict(.x, newdata = tibble(delta_Year = .y), interval = "prediction") %>% + as_tibble())) %>% + unnest(cols = everything()) %>% + ungroup() + +hoogte_evolutie_slope <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar != campagne) %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + mutate(Year_end = max(Year)) %>% + ungroup() %>% + distinct(REEKSCODE, Year_ref, Year_end, slope_hoogte) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + group_by(REEKSCODE) %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne | + Year == max(Year[Year != jaar])) %>% + ungroup() %>% + mutate(flag_hoogte = delta_hoogte < lwr | delta_hoogte > upr, + REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) + + +tabel_EW <- + hoogte_evolutie_predict %>% + select(REEKSCODE, slope_hoogte, Year, delta_Year, delta_hoogte, flag_hoogte) %>% + mutate(Year = if_else(Year == jaar, as.character(jaar), "prev")) %>% + pivot_wider(id_cols = c(REEKSCODE, slope_hoogte), + names_from = Year, + values_from = c(delta_Year, delta_hoogte, flag_hoogte)) %>% + mutate(delta_hoogte = (.data[[str_c("delta_hoogte_", jaar)]] - delta_hoogte_prev)/(.data[[str_c("delta_Year_", jaar)]] - delta_Year_prev)) %>% + mutate(slope_hoogte = + case_when( + slope_hoogte <= -0.1 ~ "- - -", + slope_hoogte > -0.1 & slope_hoogte <= -0.05 ~ "- -", + slope_hoogte > -0.05 & slope_hoogte <= -0.01 ~ "-", + slope_hoogte > -0.01 & slope_hoogte < 0.01 ~ "0", + slope_hoogte >= 0.01 & slope_hoogte < 0.05 ~ "+", + slope_hoogte >= 0.05 & slope_hoogte < 0.1 ~ "++", + slope_hoogte >= 0.1 ~ "+++"), + delta_hoogte = + case_when( + delta_hoogte <= -0.1 ~ "- - -", + delta_hoogte > -0.1 & delta_hoogte <= -0.05 ~ "- -", + delta_hoogte > -0.05 & delta_hoogte <= -0.01 ~ "-", + delta_hoogte > -0.01 & delta_hoogte < 0.01 ~ "0", + delta_hoogte >= 0.01 & delta_hoogte < 0.05 ~ "+", + delta_hoogte >= 0.05 & delta_hoogte < 0.1 ~ "++", + delta_hoogte >= 0.1 ~ "+++"), + delta_hoogte = if_else(.data[[str_c("flag_hoogte_", jaar)]], + str_c("[", delta_hoogte, "]"), + ""), + slope_hoogte = + str_c(slope_hoogte, delta_hoogte, sep = " ") %>% + str_trim()) %>% + select(reekscode = REEKSCODE, schor = slope_hoogte) %>% + arrange(reekscode) + +tabel_EW %>% + list("tabel_EW_schor" = .) %>% + write_xlsx(path = str_c(pad_tabellen, "tabel_EW_schor.xlsx")) + + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne) + +``` + + +```{r functie figuur delta} + +fig_delta <- + function(dat, sectie) { + + if (sectie == "BEZ") { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(OMES %in% 9:13) + } else if ((sectie == "BOZ")) { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(str_detect(rivier, "Zeeschelde") & !(OMES %in% 9:13)) + } else { + tbl_raaien <- + tabel_raaien_vast %>% + filter(str_detect(rivier, "Zeeschelde", negate = TRUE)) + } + + raaien <- + tbl_raaien %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = tabel_raaien_vast$reekscode)) %>% + arrange(reekscode) %>% + pull(reekscode) + + dat_fig <- + dat %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + if (nrow(dat_fig) > 0) { + + dat_slope <- + hoogte_evolutie_slope %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + dat_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + filter(REEKSCODE %in% raaien) + + p <- + dat_fig %>% + {ggplot(., aes(Year, delta_hoogte)) + + labs(x = "jaar", + y = expression(paste(Delta, "hoogte", " (m)"))) + + geom_point(data = filter(., MeetCampagneJaar != campagne)) + + geom_segment(data = dat_slope, + aes(x = Year_ref, y = 0, + xend = Year_end, yend = -Year_ref*slope_hoogte + Year_end*slope_hoogte), + linewidth = 1) + + geom_hline(aes(yintercept = 0), linetype = 2) + + geom_point(data = + dat_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne), + aes(x = Year, shape = flag_hoogte), + stroke = 1, + size = 2) + + geom_errorbar(data = + dat_predict %>% + filter(MeetCampagneJaar == campagne), + aes(x = Year, ymin = lwr, ymax = upr), + linewidth = 1, + width = 0.25) + + scale_shape_manual(name = "trendbreuk", values = c("FALSE" = 1, "TRUE" = 15)) + + # scale_y_continuous(breaks = pretty(.$delta_hoogte, 10)) + + scale_x_continuous(breaks = seq(2019,2023, by = 2)) + + # facet_wrap(~ REEKSCODE, scales = "free_y", labeller = as_labeller(.$raai_sal)) + + facet_wrap(~ raai_sal, scales = "free_y") + + theme_bw() + + theme(plot.title = element_text(size = 20, hjust = 0.5), + axis.title = element_text(size = 18), + axis.text = element_text(size = 15), + legend.title = element_text(size = 16), + legend.text = element_text(size = 14), + panel.grid.minor = element_blank(), + panel.grid.major.x = element_blank(), + panel.grid.major.y = element_line(colour = "grey"), + strip.text = element_text(size = 16))} + + p + } else { + NULL + } + } + +``` + + +```{r figuren early warning} + +dat_delta <- + delta_hoogte_gem %>% + group_by(REEKSCODE, Year_ref) %>% + mutate(any_high = any(MeetCampagneJaar == campagne)) %>% + filter(any_high) %>% + select(-any_high) %>% + ungroup() %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + +levels(dat_delta$REEKSCODE) +levels(dat_delta$raai_sal) + +hoogte_evolutie_slope <- + hoogte_evolutie_slope %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + +hoogte_evolutie_predict <- + hoogte_evolutie_predict %>% + left_join(tabel_raaien_vast %>% + select(REEKSCODE = reekscode, sal_kort, raai_sal)) %>% + mutate(REEKSCODE = factor(REEKSCODE, levels = tabel_raaien_vast$reekscode), + raai_sal = factor(raai_sal, + levels = tabel_raaien_vast$raai_sal)) + + +# dat_delta %>% +# distinct(Salzone, sal_kort) + +# raaien <- +# dat_delta %>% +# distinct(REEKSCODE, afstand_grens, Salzone) %>% +# arrange(REEKSCODE) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "BEZ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BEZ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "BOZ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BOZ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + + +p <- + dat_delta %>% + fig_delta(sectie = "ZIJ") +p + +ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_ZIJ.png"), + width=18, height=10, dpi = dpi) + +``` + diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd new file mode 100644 index 0000000..37d9e1e --- /dev/null +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -0,0 +1,1410 @@ +--- +editor_options: + markdown: + wrap: sentence +--- + +```{r 130-hoofdstuk, include=FALSE} + +hoofdstuk <- "130_sedimentatie_erosie" + +``` + +```{r 130-setup, include=FALSE} + +knitr::opts_chunk$set(echo = FALSE, error=FALSE, warning=FALSE, message=FALSE, cache=FALSE, fig.pos = "H") +knitr::opts_knit$set(eval.after = "fig.cap") + +``` + +```{r 130-libraries} + +library(tidyverse) +library(readxl) +library(kableExtra) +# library(INBOtheme) +library(rprojroot) ## workaround pad + +conflicted::conflicts_prefer(dplyr::filter) + +``` + +```{r 130-pad} + +# inlezen van variabelen +# pad naar data : pad_data +# pad naar tabellen : pad_tabellen +# pad naar figuren : pad_figuren + +source(find_root_file("../pad.R", criterion = is_rstudio_project)) + +pad_data <- maak_pad(hoofdstuk, "data") +pad_figuren <- maak_pad(hoofdstuk, "figuren") +pad_tabellen <- maak_pad(hoofdstuk, "tabellen") +pad_fotos <- maak_pad(hoofdstuk, "fotos") + +``` + +```{r 130-dummy-table-function} + +options(xtable.include.rownames=FALSE, xtable.comment=FALSE) + +dumtab = function(label, caption=NULL) { + print(xtable::xtable(setNames(data.frame(x=numeric()), " "), + caption=caption, + label=paste0("tab:", label)), + hline.after=NULL, + booktabs=FALSE) +} + +``` + +```{r 130-data} + +# aanpassen indien er meta-data zijn + +laatste_jaar <- 2024 +laatste_campagne <- str_c("C", laatste_jaar-1) + +tabel_raaien_vast <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) + +tabel_raaien_vast <- + tabel_raaien_vast %>% + mutate(OMES = factor(OMES, levels = c(9:19, "19 trGM", "Durme", "Rupel", ""))) %>% + mutate(sal_kort = + case_when( + salzone == "Mesohalien" ~ "MH", + salzone == "Zone grote saliniteitsgradiënt" ~ "SG", + salzone == "Oligohalien" ~ "OH", + salzone == "Zoet lange verblijftijd" ~ "ZL", + salzone == "Zoet korte verblijftijd" ~ "ZK", + TRUE ~ "" + ), + rivier_kort = + case_when( + rivier == "Beneden Zeeschelde" ~ "BEZ", + rivier == "Boven Zeeschelde" ~ "BOZ", + rivier == "Durme" ~ "DU", + rivier == "Rupel" ~ "RU", + rivier == "Dijle" ~ "DL", + rivier == "Nete" ~ "NE", + rivier == "Zenne" ~ "ZN", + TRUE ~ "" + )) %>% + arrange(OMES, rivier, `afstand grens`) + +raaien_BEZ <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., OMES %in% 9:13) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_BOZ <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(rivier, "Zeeschelde") & !(OMES %in% 9:13)) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_ZIJ <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(rivier, "Zeeschelde", negate = TRUE)) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_MH <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(salzone, "Mesohalien")) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_SG <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., OMES %in% 10:13) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_OH <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(salzone, "Oligohalien") & OMES != 13) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_ZL <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(salzone, "lange verblijftijd")) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + +raaien_ZK <- + tabel_raaien_vast %>% + {.; filter(., str_detect(salzone, "korte verblijftijd")) %>% + mutate(reekscode = factor(reekscode, levels = .$reekscode)) %>% + arrange(reekscode)} %>% + pull(reekscode) + + +tabel_trends_BEZ <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_slik.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_slik") %>% + filter(reekscode %in% raaien_BEZ) %>% + full_join(read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_schor.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_schor") %>% + filter(reekscode %in% raaien_BEZ)) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) + +raaien_trends_slik_BEZ <- + tabel_trends_BEZ %>% + filter((str_length(`laag slik`) + str_length(`middelhoog slik`) + str_length(`hoog slik`)) != 0) %>% + pull(reekscode) + +raaien_trends_schor_BEZ <- + tabel_trends_BEZ %>% + filter(str_length(schor) != 0) %>% + pull(reekscode) + +tabel_trends_BOZ <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_slik.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_slik") %>% + filter(reekscode %in% raaien_BOZ) %>% + full_join(read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_schor.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_schor") %>% + filter(reekscode %in% raaien_BOZ)) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) + +raaien_trends_slik_BOZ <- + tabel_trends_BOZ %>% + filter((str_length(`laag slik`) + str_length(`middelhoog slik`) + str_length(`hoog slik`)) != 0) %>% + pull(reekscode) + +raaien_trends_schor_BOZ <- + tabel_trends_BOZ %>% + filter(str_length(schor) != 0) %>% + pull(reekscode) + +tabel_trends_ZIJ <- + read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_slik.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_slik") %>% + filter(reekscode %in% raaien_ZIJ) %>% + full_join(read_excel(paste0(pad_tabellen, "tabel_EW_schor.xlsx"), + sheet = "tabel_EW_schor") %>% + filter(reekscode %in% raaien_ZIJ)) %>% + mutate_all(~replace_na(., "")) + +raaien_trends_slik_ZIJ <- + tabel_trends_ZIJ %>% + filter((str_length(`laag slik`) + str_length(`middelhoog slik`) + str_length(`hoog slik`)) != 0) %>% + pull(reekscode) + +raaien_trends_schor_ZIJ <- + tabel_trends_ZIJ %>% + filter(str_length(schor) != 0) %>% + pull(reekscode) + +``` + +```{r functie voor figuur recente profielen} + +get_fig_recent <- + function(raai, sectie, slik = TRUE, schor = TRUE) { + + if (sectie == "BEZ") { + raaien_trends_slik <- raaien_trends_slik_BEZ + raaien_trends_schor <- raaien_trends_schor_BEZ + } else if (sectie == "BOZ") { + raaien_trends_slik <- raaien_trends_slik_BOZ + raaien_trends_schor <- raaien_trends_schor_BOZ + } else { + raaien_trends_slik <- raaien_trends_slik_ZIJ + raaien_trends_schor <- raaien_trends_schor_ZIJ + } + + if (slik & raai %in% raaien_trends_slik & schor & raai %in% raaien_trends_schor) { + caption_fig <- str_c("Profielen voor slik (inclusief schorrand) en schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") + fig <- knitr::include_graphics(c(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png"), + str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png"))) + } else if (slik & raai %in% raaien_trends_slik) { + caption_fig <- str_c("Profielen voor het slik (inclusief schorrand) op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") + fig <- knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png")) + } else { + caption_fig <- str_c("Profiel voor het schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") + fig <- knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png")) + } + + caption_fig <- + caption_fig %>% + str_c(" Grenzen tussen schor (groen), hoog, middelhoog en laag slik (bruin) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijnen (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + + return(list(cap = caption_fig, fig = fig)) + } + +``` + +# Sedimentatie en erosie op punten en raaien + +Fiche nummer: S-MD-V002 Topo-bathymetrie - Sedimentatie en erosie op punten en raaien + +**Joost Vanoverbeke, Vincent Smeekens, Dimitri Buerms, Gunther Van Ryckegem en Alexander Van Braeckel** + +## Inleiding + +Binnen de MONEOS-monitoring wordt de hoogteligging van het slik en de schorrand jaarlijks ingemeten om hoogteveranderingen met een hoge verticale resolutie in beeld te brengen. +Deze hoogtemetingen situeren zich doorgaans loodrecht op de rivieras, de zogenoemde 'raaien'. +De MONEOS-raaien zijn gesitueerd op bredere sliklocaties met overwegend zacht substraat of natuurtechnische oeververdediging (Meire & Maris, 2008). +Met de raaien wordt gefocust op grotere, ecologisch waardevollere slik- en schorgebieden. +We maken een onderscheid tussen 3 klassen van raaien afhankelijk van de prioriteit van opmeten: + +- MONEOS - Vaste: de slik en schorrand worden jaarlijks ingemeten langs de Zeeschelde (n:24; Figuur \@ref(fig:130-figuur-overzicht-raaien)) en Durme (n:1), 3-jaarlijks voor de Rupel (n:2) en 6-jaarlijks voor de tijgebonden zijrivieren (Nete-n:1, Zenne-n:1, Dijle-n:1); deze raaien zijn leidend voor de veldwerkcampagne. + De schorplateaus van deze raaien worden minder vaak gemeten maar er wordt gepoogd om ze met een maximale frekwentie van 6-jaar te meten. + De keuze van de ingemeten schorplateaus is variabel en jaarafhankelijk. + +- Aanvullend: bij deze klasse van raaien wordt getracht om een minimale frequentie (2 -- 5 jaar) aan te houden; ze vertonen ontwikkelingen die aanvullende informatie geven over het (deel)gebied die niet altijd door de MONEOS-raaien gecoverd zijn. + +- Optioneel: raaien die occasioneel worden ingemeten of waar specifieke vraag naar is. + +In de huidige rapportage worden de recente trends in de vaste MONEOS raaien van de Zeeschelde bekeken. + + +```{r 130-figuur-overzicht-raaien, fig.cap=caption_overzicht, out.width="100%"} + +caption_overzicht <- "Situering van de 24 vaste MONEOS-raaien binnen de Zeeschelde. Zie tabel in bijlage voor naamgeving." + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "OverzichtskaartMoneosraaien_Zeeschelde.jpg")) + +``` + +
+ +## Methode + +### Hoogtemeting op slik- en schorraaien + +Een overzicht van de vaste MONEOS raaien is terug te vinden in Tabel \@ref(tab:130-tabel-overzicht-raaien) in Bijlage \@ref(BL1). +Hier is ook aangegeven voor welke van deze raaien in `r laatste_jaar` het slik (+schorrand) en/of het schorplateau zijn ingemeten. +De meetcampagnes van de raaien gebeuren meestal op het einde van de winterperiode en zijn dus een weerslag van wat in het voorbije jaar is veranderd. +Een raai in februari `r laatste_jaar` ingemeten wordt vergeleken met de hoogtes van het jaar ervoor, waarbij de veranderingen een gevolg zijn van wat gebeurde in `r laatste_jaar - 1`. +De metingen gebeuren steeds tijdens een springtijperiode vanaf het schor of de dijk tot bij het plaatselijk laagwater. +'s Morgens wordt gestart in het stroomafwaartse deel van de Zeeschelde, daarna wordt met het opkomend tij stroomopwaarts telkens een raai opzocht bij opnieuw het plaatselijk laagwater.\ +Alle slik- en schorraaien zijn tot begin 2012 ingemeten met een RTK-DGPS_Trimble 5800. +Vanaf eind 2012 tot eind 2022 is een RTK-DGPS_Trimble R8 gebruikt, waarbij zowel GPS- en GLONASS-satellietsignalen ontvangen kunnen worden. +Vanaf 2023 is in hoofdzaak een RTK-DGPS_Trimble R780 GNSS gebruikt met GPS- , GLONAS- , Galileo- en BeiDou-signaal. +De ingestelde maximale foutenmarge om een meting te kunnen uitvoeren is 2 cm op de z-waarde maar ligt gemiddeld rond ±1 cm. +Bij de meetcampagne wordt een eerdere meetreeks in de RTK-GPS ingelezen. +In het veld gaan we vervolgens naar elk gemeten punt van de raai terug. +Zodoende kunnen de raaien op een efficiënte manier opnieuw ingemeten worden met een minimale horizontale afwijking. +Door schoruitbreiding of -erosie kan het startpunt van de raai verschillen tussen de jaren. +Ook de lokale laagwatergrens kan verschuiven door sedimentatie/erosie. +Tijdens de meetcampagne is gebruik gemaakt van het standaard veldwerkprotocol (cfr. 2e lijnsrapportage, Van Braeckel et al., 2014) met beschrijvingen van de schorrand en de verschillende slikzones. +De ingemeten data van de raaien worden vervolgens in GIS 'gesnapt' naar een rechte referentieraailijn met de INBO-GIS-tool. +Na controle van de GIS-data gebeurt de verdere verwerking in R (R Core Team 2013). + +Van elke MONEOS-raai worden bij opmeten ook foto's gemaakt, en op de meeste MONEOS-raaien is per ecotoop een vast punt vastgelegd waar we 3 RTK-GPSmetingen uitvoeren en een sedimentstaal (10cm diep) nemen. + + + + + +### analyse van trends en trendbreuken + +Om een indicatie te krijgen van de trends in sedimentatie en/of erosie in de voorbije jaren, wordt voor de slikken en schorplateaus waarvoor in het laatst jaar (`r laatste_jaar`) gegevens zijn verzameld een regressie analyse uitgevoerd op de vijf voorgaande jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`). +De patronen uit `r laatste_jaar` worden hier dan mee vergeleken om na te gaan of er in het laatste jaar trendbreuken zijn opgetreden. +Om topografische metingen uit verschillende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, worden de afstanden langsheen de raai op elkaar afgestemd. +Dit gebeurt door de afstanden af te ronden naar een gegeven interval (verschillend voor elke raai) dat wordt bepaald als het gemiddelde interval tussen de metingen over de verschillende jaren. +Indien voor een bepaald jaar na afronden meerdere hoogtemetingen binnen hetzelfde segment langs de lengte-as van de raai vallen, wordt het gemiddelde genomen over deze metingen. +Vervolgens wordt voor elk gestandaardiseerd punt langs de raai de hoogteverandering ten opzichte van het referentiejaar (= eerste jaar in de reeks) berekend. +Voor elk jaar worden de hoogteveranderingen dan uitgemiddeld per ecotoop: + +- laag slik (inclusief metingen in het subtidaal) +- middelhoog slik +- hoog slik (inclusief schorrand) +- schorplateau (indien ingemeten) + +De bepaling van de ecotoopgrenzen binnen het slik gebeurt op basis van een vergelijking van de droogvalduurpercentages (DD) geassocieerd met de meest recente ecotopenkaart (ecotopen Zeeschelde 2.0 - zie methodologie ecotopen \@ref(ECTM) in hoofdstuk 3 Ecotopen; grens laag - middelhoog slik: 25% DD in mesohalien en 35% DD in overige saliniteitszones; grens middelhoog - hoog slik: 60% DD) en de ingemeten hoogtes uit `r laatste_jaar`. +Per raai en per ecotoop wordt de trend in sedimentatie/erosie berekend op basis van een regressie analyse over de periode `r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`: + +$$\Delta hoogte = 0 + \beta * \Delta jaar$$ + +waarbij $\Delta jaar$ het verschil weergeeft tussen een gegeven jaar en het referentiejaar. +Om na te gaan of er in `r laatste_jaar` een trendbreuk optreedt ten opzichte voorgaande jaren, wordt de hoogteverandering uit `r laatste_jaar` vergeleken met de voorspelde 95% betrouwbaarheidsintervallen van de berekende trends. +Indien de hoogteverandering buiten het betrouwbaarheidsinterval valt, wordt dit gezien als een trendbreuk. + +### Weergave van de profielen + +Voor alle in 2023 ingemeten raaien wordt het historisch overzicht van de ingemeten punten per jaar weergegeven in Bijlage \@ref(BL1). +Bij de bespreking van de recente trends wordt voor elke raai een vereenvoudigde figuur met gestandaardiseerde afstanden tussen de punten weergegeven, zoals hierboven beschreven. + +## Beneden-Zeeschelde + +Een overzicht van de in `r laatste_jaar` opgemeten vaste MONEOS-raaien in de Beneden-Zeeschelde wordt gegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-MH) en Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-SG). +Voor raaien GBSa, GBSb, ODa, DO, LP, KPb, KPe, GW en HO werd naast het slik en de schorrand aanvullend ook het schorplateau ingemeten. + +### Trends in recente jaren + +De trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar` zijn weergegeven in Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-BEZ) en in Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-BEZ) voor de slikken en Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-schor-BEZ) voor de schorplateaus. + +Voor raaien ODa, KPb en HO konden geen trends berekend worden voor het schorplateau wegens te weinig metingen in de laatste jaren. +Op basis van inspectie van de profielen werden hier echter geen opvallende trends of trendbreuken vastgesteld. + +
+ +```{r 130-tabel-trends-BEZ} + +cap_trends_BEZ <- str_c("Trends in sedimentatie/erosie op de slikken en schorren in de Beneden Zeeschelde, voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, " en (indien aanwezig) [x] trendbreuk in ", laatste_jaar, ". 0 = sedimentatie/erosie < 1cm/jaar; + = sedimentatie \u2265 1 cm/jaar; ++ = sedimentatie \u2265 5 cm/jaar; +++ = sedimentatie \u2265 10 cm/jaar; - = erosie \u2265 1 cm/jaar; - - = erosie \u2265 5 cm/jaar; - - - = erosie \u2265 10 cm/jaar.") + +tabel_trends_BEZ %>% + mutate_all(~cell_spec(., color = "black")) %>% + knitr::kable(# "latex", + escape = FALSE, + booktabs = T, + caption = cap_trends_BEZ) %>% + kable_styling() + +``` + +
+ +```{r 130-figuur-trends-slik-BEZ, fig.cap=caption_trend_slik_BEZ, out.width="100%"} + +caption_trend_slik_BEZ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de slikken (inclusief schorrand) in de Beneden Zeeschelde.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_BEZ.png")) + +``` + +
+ +```{r 130-figuur-trends-schor-BEZ, fig.cap=caption_trend_schor_BEZ, out.width="100%"} + +caption_trend_schor_BEZ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de schorplateaus in de Beneden Zeeschelde.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BEZ.png")) + +``` + +
+ +Volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen: + +Raai GBSa (Groot Buitenschoor) is relatief stabiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSa-slik)) met geen beduidende afwijkingen van de trends uit voorgaande jaren, die gemiddeld een lichte verhoging aangeven in het laag en hoog slik en het schor. +In het laag slik is er wel een verderzetting van de evolutie uit voorgaande jaren met erosie in de hogere zones en sedimentatie in de lager zones, wat niet zichtbaar is in de berekening van de trends. + +```{r 130-figuur-GBSa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +sectie <- "BEZ" +raai <- "GBSa" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +# if (raai %in% raaien_trends_slik_BEZ & raai %in% raaien_trends_schor_BEZ) { +# caption_fig <- str_c("Profielen voor slik en schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(c(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png"), +# str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png"))) +# } else if (raai %in% raaien_trends_slik_BEZ) { +# caption_fig <- str_c("Profielen voor het slik op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png")) +# } else { +# caption_fig <- str_c("Profiel voor het schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png")) +# } +# +# caption_fig <- +# caption_fig %>% +# str_c(" Grenzen tussen schor (groen), hoog, middelhoog en laag slik (bruin) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijnen (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +``` + +
+ +Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van lichte sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). +De mate van sedimentatie vlakt wel af in het hoog slik, met een vervlakking van dit deel van het slik. +In het laag slik is de sedimentatie minder dan 1cm per jaar. + +```{r 130-figuur-GBSb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +sectie <- "BEZ" +raai <- "GBSb" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +# if (raai %in% raaien_trends_slik_BEZ & raai %in% raaien_trends_schor_BEZ) { +# caption_fig <- str_c("Profielen voor slik en schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(c(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png"), +# str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png"))) +# } else if (raai %in% raaien_trends_slik_BEZ) { +# caption_fig <- str_c("Profielen voor het slik op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/slik_profiel_EW_", raai,".png")) +# } else { +# caption_fig <- str_c("Profiel voor het schorplateau op raai ", raai, " voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar, ".") +# knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/schor_profiel_EW_", raai,".png")) +# } + +``` + +
+ +Na de plotse verdieping van het laag slik in 2023, vertoont raai ODa (Schor Ouden Doel) nu een opvallende trendbreuk in het middelhoog slik met een versterking van de erosie in dit deel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). +Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik) blijkt ook dat de sterke erosie uit 2023 zich ook verder zet in het bovenste deel van het laag slik. +De sterke terugschreidende erosie in laag en middelhoog slik is te wijten aan de noordelijk nabijgelegen nieuwe in- en uitwateringsgeul van de ontpoldering in Hedwige/Prosper. +In het hoog slik blijft er een trend tot lichte sedimentatie. + +```{r 130-figuur-ODa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "ODa" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie in de voorgaande jaren te stagneren zowel op het slik als op het ontwikkelend schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). +Dit was al zichtbaar in 2023 maar wordt nu bevestigd door een trendbreuk in het laag en middelhoog slik. +Op het schorplateau is wel een verdieping van de hoofdkreek zichtbaar terwijl de kreek in de schorvegetatie rond 210m verondiept. +De oude centrale schorzone (185-250m) kan door sedimentatie (130-185m) en een geleidelijke overgang nu sneller lateraal uitbreiden richting de hoofdkreek. + + +```{r 130-figuur-DO-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "DO" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) zijn de trendbreuken uit 2023 in het laag en hoog slik opgeheven en zien we opnieuw stabilistatie tot sedimentatie van het slik. +De trend in het middelhoog slik tot meer erosie in de laatste drie jaar (maar niet zichtbaar als trendbreuk in `r laatste_jaar`) blijft behouden. +Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023 te relateren zijn aan onderhoudsbaggerwerken van de drempel van Frederik, gelegen in de vaargeul nabij raai GSb. + +```{r 130-figuur-GSb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "GSb" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot vrij sterke sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen of veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). + +```{r 130-figuur-GSc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "GSc" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Waar er op Raai LH (Lillo Haven) in 2023 nog (sterke) sedimentatie werd waargenomen in het laag en middelhoog slik, zijn deze zones in 2024 gekenmerkt door een sterke erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). +Vooral in de middelhoge slikzoneslikzone en tegen de laagwaterlijn valt de erosie op ten opzichte van de voorgaande jaren. +Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) is voor het eerst een duidelijke erosieklif zichtbaar (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). +Door de variatie in sedimentatie-erosie tussen voorgaande jaren zijn deze patronen echter niet te zien als een trendbreuk. +Het hoog slik blijft ook in 2024, net zoals voorgaande jaren, stabiel. + +```{r 130-figuur-LH-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "LH" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-LH-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik aan Lillo Haven in het voorjaar ", laatste_jaar, ", met zicht op de erosieklif tussen hoog en middelhoog slik.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "LHfeb24.JPG")) + +``` + +
+ +Op Raai LP (Lillo Potpolder) zijn de trends uit voorgaande jaren vrij stabiel, met het laag en hoog slik in evenwicht, een licht eroderende trend op het middelhoog slik en een licht sedimenterende trend op het schor (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). + +```{r 130-figuur-LP-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "LP" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op Raai KPb (Ketenisse) zijn er in 2024 trendbreuken in het laag en middelhoog slik ten opzichte van voorgaande jaren. +De sedimentatie in het laag slik is nog sterk toegenomen en de vrij sterk eroderende trend in het middelhoog slik is ook veranderd naar meer sedimentatie vooral op de grens met het laag slik. +Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). + +```{r 130-figuur-KPb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "KPb" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op raai KPe (Ketenisse) zet de trend van sterke van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel zich verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). +De hogere delen van het slik blijven stabiel. +Op het schorplateau blijft de trend van lichte sedimentatie behouden. + +```{r 130-figuur-KPe-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "KPe" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone, met trends tot sterke erosie die behouden blijven in 2024 (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). +De afzettingen met zandig materiaal uit 2023 in het laag slik zijn weer weggeërodeerd, waardoor er terug een microklif is op de grens van laag en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). +Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie. + + + + + + + +```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "GW" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-GW-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan het Galgenweel.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GW.JPG")) + +``` + +
+ +Raai HO (Hobookse Polder) vertoonde in de vorige jaren algemeen een eroderende trend (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HO-slik)). +In de laatste twee jaren is deze trend op het laag en middelhoog slik afgeremd doordat harde lagen meer zijn geëxposeerd en de dunne sliblaag is verloren. +Dit uit zich in 2024 in (bijna) trendbreuken in laag en middelhoog slik. +Net onder de ontstane microklif op het laag slik zijn lokale afzettingen van zandig materiaal (met microribbels) terug te vinden (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik)). +Merk op dat raai HO zo goed als geen hoog slik heeft (deel tussen groene en bruine stippellijn - 22m) en dat het bestaande hoog slik vooral uit breuksteen bestaat (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik)). + +```{r 130-figuur-HO-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "HO" +sectie <- "BEZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Hobookse Polder.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "HOboken.JPG")) + +``` + +
+ +## Boven-Zeeschelde + +Een overzicht van de vaste MONEOS-raaien in de Boven-Zeeschelde, opgemeten in `r laatste_jaar` is weergegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH), Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZL) en Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZK). +Voor raaien NOTc, BAL, BR, KRb, APc, APa, PA, BM, HEUf, HEUc en is ook het schorplateau ingemeten. + +### Trends in recente jaren + +De trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar` zijn weergegeven in Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-BOZ). +Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-BOZ) illustreert de trends op de slikken en Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-schor-BOZ) de trends op de schorplateaus. + +Voor raaien NOTc, BAL, BR, APc, APa, en PA konden geen trends en trendbreuken geanalyseerd worden voor het schorplateau wegens onvoldoende metingen in recente jaren. +Op basis van inspectie van beperkte meetpunten op de schorprofielen worden geen opvallende trends of trendbreuken vastgesteld. + +```{r 130-tabel-trends-BOZ} + +cap_trends_BOZ <- str_c("Trends in sedimentatie/erosie op de slikken en schorren in de Boven Zeeschelde, voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, " en (indien aanwezig) [x] trendbreuk in ", laatste_jaar, ". 0 = sedimentatie/erosie < 1cm/jaar; + = sedimentatie \u2265 1 cm/jaar; ++ = sedimentatie \u2265 5 cm/jaar; +++ = sedimentatie \u2265 10 cm/jaar; - = erosie \u2265 1 cm/jaar; - - = erosie \u2265 5 cm/jaar; - - - = erosie \u2265 10 cm/jaar.") + +tabel_trends_BOZ %>% + mutate_all(~cell_spec(., color = "black")) %>% + knitr::kable(# "latex", + escape = FALSE, + booktabs = T, + caption = cap_trends_BOZ) %>% + kable_styling() + +``` + +
+ +```{r 130-figuur-trends-slik-BOZ, fig.cap=caption_trend_slik_BOZ, out.width="100%"} + +caption_trend_slik_BOZ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de slikken (inclusief schorrand) in de Boven Zeeschelde.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_BOZ.png")) + +``` + +
+ +```{r 130-figuur-trends-schor-BOZ, fig.cap=caption_trend_schor_BOZ, out.width="100%"} + +caption_trend_schor_BOZ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de schorplateaus in de Boven Zeeschelde.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BOZ.png")) + +``` + +
+ +De volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen in de Boven Zeeschelde: + +Het slik op raai KV (Kijkverdriet) vertoont een trend van lichte tot matige sedimentatie in het laag en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). +Deze trend is echter sterk afgezwakt tot afwezig in 2024. +In het middelhoog slik is er net geen trendbreuk door erosie in 2024. + +```{r 130-figuur-KV-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "KV" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op raai NOTb (Notelaer) zien we dat het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). +Dit komt echter niet tot uiting in de trend omdat deze nog deels de sedimentatie van de jaren ervoor weerspiegelt. + +```{r 130-figuur-NOTb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "NOTb" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Op raai NOTc (Notelaer) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik)) zijn er geen trendbreuken waar te nemen in `r laatste_jaar`. +De trends gaan van lichte erosie op het laag slik, tot lichte sedimentatie op het hoog slik. +Ook hier dient echter, net als voor NOTb, opgemerkt te worden dat in 2022 wel een trendbreuk lijkt te zijn opgetreden met vanaf dan relatief sterke erosie over het ganse slik. +Dit komt niet tot uiting in onze analyse van trendbreuken omdat die focust op het laatste jaar (`r laatste_jaar`). +De trend zet zich verder door op het slik met verminderde sedimentatie tot zelfs erosie als gevolg. + +```{r 130-figuur-NOTc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "NOTc" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren op laag en hoog slik op raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). +Na een trendbreuk in 2023 in het middelhoog slik, is er in dit deel in 2024 opnieuw sedimentatie opgetreden. +Ook op het laag slik treedt er in het bovenste deel duidelijke sedimentatie op. +Op het onderste deel van het laag slik, tegen de grens met laagwater, treedt er echter sterke erosie op. +Dit leidt tot een opbolling van de zandplaat die echter wel kleiner/smaller wordt. + +```{r 130-figuur-BAL-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "BAL" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) treden in `r laatste_jaar` trendbreuken op op het middelhoog (plotse sterke sedimentatie) en hoog slik (plotse sterke erosie) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). +De sterke sedimentatie op de zandige slikplaat in het laag slik die in 2023 een trendbreuk veroorzaakte is in 2024 terug teniet gedaan. +Net als de zandplaat van de Ballooi erodeert de plaatrand wat gepaard gaat met opbolling. +In vergelijking met 2023 is het S vormig profiel landinwaarts verschoven door een sterke terugschrijdende erosie van het hoog slik en de schorrand (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . + +```{r 130-figuur-TB-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "TB" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de erosie op het hoog slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Temsebrug.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB.jpg")) + +``` + +
+ +Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) is in de voorbije jaren een omslag/kanteling opgetreden van een uitgehold profiel met vloedgeul na matige erosie in de jaren tot 2021 naar een steiler profiel vanaf 2022. +Na 2021 treedt immers sterke sedimentatie op van hoog en vooral middelhoog slik en erosie op de laagste delen van het slik met verkleining van de dynamische zandplaat tot gevolg. +Deze trends zetten zich verder in 2024. +De verkleining van de voorliggende zandplaat met erosie op het laag slik heeft zich wel uitgebreid tot de rand van het middelhoog slik. +Op het middelhoog slik is dan weer een grote zandafzetting gebeurd met een opbolling van het middelhoog slik tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). + +```{r 130-figuur-WE-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "WE" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Weert." + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE.JPG")) + +``` + +
+ +Op raai BR (Branst) zijn in `r laatste_jaar` duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). +Plots treedt een sterke erosie op in het laag en middelhoog slik en stagneert de sedimentatie op het hoog slik. +De sedimentatietrend was de vorige twee jaar reeds afgezwakt maar is in 2024 dus omgeslaan naar een sterke erosie. +Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). + +```{r 130-figuur-BR-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "BR" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Branst, met zicht op afwateringsgeul." + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR.JPG")) + +``` + +
+ +Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is zeer sterk variabel tussen jaren. +Het slik reageert héél snel op morfologische veranderingen in de omgeving. +In het laag slik is in `r laatste_jaar` evenwel een sterke sedimentatie opgetreden. +Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden (2019-2021) ook sterke sedimentatieperiodes hebben voorgedaan. +In 2019-2021 was dit echter een herstel na sterke erosie in 2018-2019, nu is er een verdere ophoging boven dit herstelde niveau tot niveaus van 10 jaar geleden (zie Bijlage Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZL)). + +```{r 130-figuur-PD-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "PD" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Hoewel geen trendbreuk, lijkt de sterke sedimentatie en opbolling in het middelhoog slik op raai MK (Mariekerke) gestagneerd in `r laatste_jaar`, met zelfs wat erosie aan de voorkant van de opbolling (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). +De erosie op de laagwaterlijn is dan wel weer een duidelijke trendbreuk met de sedimentatie uit voorgaande jaren in het laag slik. + +```{r 130-figuur-MK-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "MK" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Raai GSHb (Groot Schoor van Hamme), heeft een NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw) en is verstevigd met palenrijen en een bredere breuksteengordel in het laag slik. +De raai is vrij stabiel met hoogtes van laag, middelhoog en hoog slik gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). + +```{r 130-figuur-GSHb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "GSHb" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Raai KRb aan de Kramp (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KRb-slik)), voorzien van een NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-foto-KRb-slik)), blijft een trend van erosie aanhouden in het laag slik en middelhoog slik. +De schorrand vertoont in `r laatste_jaar` echter een trendbreuk ten opzichte van voorgaande jaren, door een sterke sedimentatie. +Ook op het schor is er sprake van een aantal cm sedimentatie in `r laatste_jaar`. + +```{r 130-figuur-KRb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "KRb" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- "NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw), verstevigd met palenrijen aan de Kramp." + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRbNTMB.JPG")) + +``` + +
+ +Raai GBa (Grembergen) met NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)) vertoonde de voorbije jaren een licht eroderende en trend in het laag slik. +Deze trend is in `r laatste_jaar` teniet gedaan door een sterke sedimentatie (net geen trendbreuk door de grote variatie tussen jaren). +Over het volledige slik zijn er daardoor zo goed als geen verschillen in slikhoogte in vergelijking met `r laatste_jaar - 5`. + +```{r 130-figuur-GBa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "GBa" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Voor raai ZLa (Zele; met NTMB-oever) zijn er geen metingen beschikbaar voor 2019 en 2020. +Hierdoor is de trendanalyse zeer beperkt en zijn er geen duidelijke trends waar te nemen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ZLa-slik)). +Toch zien we een sterke sedimentatie in `r laatste_jaar` in het laag slik. +Deze is niet zichtbaar in de (beperkte) trends omdat er voor 2019 slechts een paar punten bovenaan het laag slik werden opgemeten en de trends enkel op deze punten is berekend. + +```{r 130-figuur-ZLa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "ZLa" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +De trendbreuk die reeds in 2023 werd waargenomen op raai APc (Appels) met versterkte erosie op het laag slik zet zich verder in het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APc-slik)). +Deze delen van het slik vertonen in `r laatste_jaar` sterke erosie (tot een halve meter) met terugschreidende slikkliffen (Figuur \@ref(fig:130-foto-APc-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZK) in Bijlage \@ref(BL1)). +Ook de grens van hoog slik en middelhoog slikt vertoont verdere erosie, maar in het hoog slik wordt dit gecompenseerd door sedimentatie van de vloedgeul tegen de schorgrens. +Een belangrijk aspect dat de erosie en sedimentatie verklaart is het verschijnen van schorvegetatie in 2023 op het stroomafwaartse deel van het slikeiland dat stroming in de vloedgeul stremt maar anderzijds erosie van het voorliggende middelhoog slik kan induceren (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). +De erosie van het laag slik is hiermee moeilijker te verklaren. + +```{r 130-figuur-APc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "APc" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-APc-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Appels (APc).") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APc.JPG")) + +``` + +
+ +```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Vergelijking van de schor en slik evoluties aan Appels tussen voorjaar 2022 en voorjaar 2023.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2202_2023.png")) + +``` + +
+ +Tegensteld aan raai APc is er op raai APa verder stroomopwaarts aan Appels een trendbreuk door sterke sedimentatie op het laag (tot 30 cm) en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APa-slik)). +Ook op het hoog slik is er tegen de schorgrens vrij sterke sedimentatie, maar dit genereert geen trendbreuk. + +```{r 130-figuur-APa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "APa" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +De sedimentatie/erosie patronen op de verstevigde raai PA (Paddebeek) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PA-slik)) blijven behouden. +Er is matige erosie op het laag slik en de slikhoogte op middelhoog en hoog slik zis quasi gelijk aan de hoogte in `r laatste_jaar - 5`. + + +```{r 130-figuur-PA-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "PA" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +De sedimentatie trend uit de vorige jaren in de binnenbocht aan raai BM (Bergenmeersen) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BM-slik)) lijkt in `r laatste_jaar` te zijn overgegaan in een sterke erosie op het laag en middelhoog slik. +Op het laag slik resulteert de erosie van meer dan een halve meter in een duidelijke trendbreuk. +Enkel tegen de schorgrens is er nog steeds sedimentatie. +vertoont een gradiënt van sterke sedimentatie onderaan het slik naar lichte sedimentatie bovenaan het slik. +De hoogte in het GGG Bergenmeersen (schorplateau) is stabiel. + +```{r 130-figuur-BM-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "BM" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Voor raai HEUf zijn de meetpunten beperkt om trends voor het slik te berekenen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUf-slik)). +Op basis van de beperkte metingen lijkt het slik stabiel. +Ook voor het schorplateau zijn de gegevens vrij sporadisch. +Uit die gegevens blijkt een trend tot daling van het schorplateau die in `r laatste_jaar` lijkt te zijn stilgevallen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUf-slik)). + +```{r 130-figuur-HEUf-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "HEUf" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +Ook voor de Raai HEUc (Heusden) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUc-slik)) zijn de metingen beperkt. +Op laag (en middelhoog) slikt lijkt deze raai een trend te vertonen tot lichte erosie. +Het schorplateau van de ontpoldering lijkt relatief stabiel, maar ook hier zijn de gegevens door de bosrijke omgeving vrij sporadisch (zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZK)). + +```{r 130-figuur-HEUc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "HEUc" +sectie <- "BOZ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +## Durme, Rupel en zijrivieren + +De vaste MONEOS raaien uit Durme, Rupel en zijrivieren die werden opgemeten zijn weergegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren). +In `r laatste_jaar` werd enkel raai DU (zowel het slik als het schorplateau) ingemeten. + +### trends in recente jaren + +Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-ZIJ) geeft de trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar`. +Deze trends zijn verder gevisualiseerd in Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-ZIJ) voor de slikken. +Voor het schorplateau van DU waren niet voldoende recente gegevens voorhanden om de trend te berekenen. + +```{r 130-tabel-trends-ZIJ} + +cap_trends_ZIJ <- str_c("Trends in sedimentatie/erosie op de slikken en schorren in Rupel, Durme en zijrivieren, voor de periode ", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, " en (indien aanwezig) [x] trendbreuk in ", laatste_jaar, ". 0 = sedimentatie/erosie < 1cm/jaar; + = sedimentatie \u2265 1 cm/jaar; ++ = sedimentatie \u2265 5 cm/jaar; +++ = sedimentatie \u2265 10 cm/jaar; - = erosie \u2265 1 cm/jaar; -- = erosie \u2265 5 cm/jaar; --- = erosie \u2265 10 cm/jaar.") + +tabel_trends_ZIJ %>% + mutate_all(~cell_spec(., color = "black")) %>% + knitr::kable(# "latex", + escape = FALSE, + booktabs = T, + caption = cap_trends_ZIJ) %>% + kable_styling() + +``` + +
+ +```{r 130-figuur-trends-slik-ZIJ, fig.cap=caption_trend_slik_ZIJ, out.width="100%"} + +caption_trend_slik_ZIJ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de slikken (inclusief schorrand) in Rupel, Durme en zijrivieren.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_ZIJ.png")) + +``` + +
+ +```{r fig-shor-trends} + +fig_shor_trends_ZIJ <- length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0 + +``` + +```{r 130-figuur-trends-schor-ZIJ, eval=fig_shor_trends_ZIJ, fig.cap=caption_trend_schor_ZIJ, out.width="100%"} + +if(length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0) { + caption_trend_schor_ZIJ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de schorplateaus in Rupel, Durme en zijrivieren.") + + knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_ZIJ.png")) +} + +``` + +
+ +Er zijn zeer sterke trendbreuken op raai DU (Durme) in het middelhoog en hoog slik met tot meer dan een halve meter erosie die sterk contrasteert met de sedimenterende trends uit voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DU-slik)). +De ontpoldering van het Klein Broek en de nabijgelegen in– en uitwateringsgeul net naast de raai (Foto \@ref(fig:130-foto-DU-slik)) speelt hier een belangrijke rol in. +In het laag slik blijft sedimentatie wel doorgaan waardoor een S-vormig profiel ontstaat met een zandplaat in de lage slikzone. + +```{r 130-figuur-DU-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} + +raai <- "DU" +sectie <- "ZIJ" + +res <- get_fig_recent(raai, sectie) +caption_fig <- res$cap +res$fig + +``` + +
+ +```{r 130-foto-DU-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in de Durme nabij de ontpoldering van het Klein Broek in het voorjaar ", laatste_jaar, ".") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "DU.JPG")) + +``` + +
+ +## Algemene bevindingen + +Waar er in 2023 nog aanwijzigen waren voor plotse wijzigingen in morfodynamiek op verscheidene raaien tussen Doel en Lillo, lijkt deze zone in 2024 terug enigzins te zijn gestabiliseerd met enkel trendbreuken als gevolg van erosie en stabilisatie op respectievelijk ODa en DO. +Deze raaien liggen aan (ODa) en net stroomopwaarts van de in- en uitwateringsgeul van het recent ontpolderde Hedwige/Prosper, waar de wijzigingen kunnen aan gelinkt worden. +Ook Lillo Haven vertoont nu voor het eerste jaar sterke erosie met vorming van een erosieklif op het slik. +Iets meer stroomopwaarts is er ook verhoogde sedimentatie op raai KPb. +Opvallend is ook dat op raai GW de sterke sedimentatie uit 2023 terug is teniet gedaan door de sterke erosie in 2024. +Door de sterke schommelingen doorheen de jaren op deze raai, levert dit echter net geen trendbreuken op. + +In de Boven Zeeschelde zijn er net als de voorgaande jaren opvallend veel trendbreuken met ook sterke morfologische veranderingen van de slikvorm en de plaatoppervlaktes. +Op 8 raaien werden plotse (versterkte) sedimentatie (TB , KRb, APa) of erosie (TB, BR, MK, APc, BM, HEUf) waargenomen. + +In de zone rond Notelaar - Ballooi, de oligohaliene zone tussen Rupel- en de Durmemonding, wordt de stagnatie van sedimentatie en omslag naar erosie bevestigd. +Hier lijkt een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met ook gevolgen voor de slikken waar verminderde sedimentatie tot zelfs een omslag naar erosie optreedt. +De sterke veranderingen in de oligohaliene zone lijken ook door te werken in de net stroomopwaartse brede zoete zone met lange verblijftijd tussen de Durmemonding en Sint-Amands. + +Vijf van de raaien met plotse trendbreuken liggen in een buitenbocht, maar de veranderingen kunnen zowel sedimentatie (KRb, APa) als erosie (BR, MK, APc) betreffen. +Ook in de buitenbocht van raai GBa treedt er opvallende sedimentatie op (net geen trendbreuk). + +Op raai TB is er een opvallende verschuiving en verhoging van de slikplaat die nu grotendeels in het middelhoog slik ligt met een sterke erosie in het hoog en laag slik aan de rand van de zandplaat. + +In de buitenbocht aan Appels lijkt het slik zich te verleggen van stroomafwaarts (APc met sterke erosie) naar meer stroomopwaarts (APa met sterke sedimentatie). +Deze tendens is ook al in 2022 waarneembaar maar is nu versterkt door de eerste ontwikkeling van schorvegetatie op het voorliggende eilandje. + +In de Durme is er op raai DU een sterke verandering van het slikprofiel aan de gang. +Hier heeft een opvallende sterke erosie opgetreden in het middelhoog en hoog slik terwijl het laag slik sterk opsedimenteerd. +Als gevolg heeft een profiel een veel meer uitgesproken S-vorm bekomen. +Deze ontwikkelingen zijn te wijten aan de opening van de nabijgelegen in- en uitwateringsgeul van het Klein Broek. + + + +De snelle ontwikkelingen met sterke veranderingen in slikprofielvorm in de Boven-Zeeschelde wijzen op een plotse verandering in hydro- en morfodynamiek in dit deel van de rivier. +In de oligohaliene zone lijkt een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met gevolgen voor de aangrenzende slikken. +Ook in de brede zoete zone met lange verblijftijd tussen de Durmemonding en Sint-Amands lijkt de dynamiek versterkt. +Het ontstaan en verdwijnen van vloedgeulen, snelle zandafzettingen en schorklifvorming wijzen in de richting van toename van hydrodynamiek bij vloed die gepaard gaat met groter bodemtransport van zand dat in de binnenbocht zelfs de slikoevers bereikt. +Ook in de buitenbochten vinden ingrijpende veranderingen plaats die gepaard gaan met zowel opvallende erosie als sedimentatie. +Een verband met de bathymetrische veranderingen en de bagger- en zandwinningshoeveelheden in het kader van de duurzame bathymetrie van de Boven-Zeeschelde en Durme kan niet worden uitgesloten. +Het lijkt daarom raadzaam om deze evoluties en de mogelijke link met de duurzame bathymetrie nauw op te volgen om sterke irreversibele morfologische veranderingen zo ver stroomopwaarts te voorkomen. +Verder onderzoek naar de recente veranderingen in deze zone en mogelijke impact van huidige rivierbeheermaatregelen is dus zeer wenselijk. + +
+ +## Referenties + +Van Braeckel A., Elsen R. +en Van den Bergh E. +(2014). +MONEOS -- Geomorfologie. +Hoogteraaien van slik en schor in de Zeeschelde Evolutie van toestand tot 2012. +Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek 2014 (1860252). +Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Brussel + +R Core Team 2013. +R: A language and environment for statistical computing. +R Foundation for Statistical Computing, Vienna, Austria. +URL . + +
+ +\newpage + +## Bijlage {#BL1} + + + + + + + + + + + +```{r 130-tabel-overzicht-raaien} + +raaien_slik <- + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/slik/")) %>% + str_remove("_slik.png") +raaien_schor <- + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/schor/")) %>% + str_remove("_schor.png") + +tabel_raaien_vast <- + tabel_raaien_vast %>% + mutate(slik = + case_when( + reekscode %in% raaien_slik ~ "x", + TRUE ~ "" + ), + schor = + case_when( + reekscode %in% raaien_schor ~ "x", + TRUE ~ "" + )) + + +cap_raaien_vast <- str_c("Overzicht vaste MONEOS raaien langs de Zeeschelde en zijrivieren. Raaicode, X,Y coördinaat (Lambert 72), naam, saliniteitszone, OMES zone, afstand tot de Belgisch-Nederlandse grens, rivier, periodiciteit en opmeting van slik (inclusief schorrand) en schorplateau in ", laatste_jaar, ".") + +tabel_raaien_vast %>% + mutate(sal_kort = if_else(str_length(sal_kort) == 0, + "", + str_c("(", sal_kort, ")")), + rivier_kort = if_else(str_length(rivier_kort) == 0, + "", + str_c("(", rivier_kort, ")"))) %>% + unite(salzone, sal_kort, col = "salzone", sep = " ") %>% + unite(rivier, rivier_kort, col = "rivier", sep = " ") %>% + mutate(salzone = str_squish(salzone), + rivier = str_squish(rivier)) %>% + mutate_all(~cell_spec(., color = "black")) %>% + knitr::kable(# "latex", + escape = FALSE, + booktabs = T, + align = "lllllcccc", + caption = cap_raaien_vast) %>% + kable_styling(latex_options = c("scale_down"), + font_size = 15) %>% + # column_spec(1:3,width = "1in") %>% + collapse_rows(columns = c(5:9), latex_hline = "full", valign = "middle") + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-MH, fig.cap=caption_MH, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_MH <- + intersect(str_c(raaien_MH, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_MH <- str_c("Raaien uit het mesohalien in de Beneden Zeeschelde. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_MH)) + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-SG, fig.cap=caption_SG, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_SG <- + intersect(str_c(raaien_SG, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_SG <- str_c("Raaien uit de zone met grote saliniteitsgradiënt en het oligohalien in de Beneden Zeeschelde. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_SG)) + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-OH, fig.cap=caption_OH, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_OH <- + intersect(str_c(raaien_OH, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_OH <- str_c("Raaien uit het oligohalien in de Boven Zeeschelde. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_OH)) + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-ZL, fig.cap=caption_ZL, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_ZL <- + intersect(str_c(raaien_ZL, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_ZL <- str_c("Raaien uit het zoet lange verblijftijd in de Boven Zeeschelde. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_ZL)) + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-ZK, fig.cap=caption_ZK, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_ZK <- + intersect(str_c(raaien_ZK, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_ZK <- str_c("Raaien uit het zoet korte verblijftijd in de Boven Zeeschelde. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_ZK)) + +``` + +
+ +\newpage + +```{r 130-figuur-raaien-zijrivieren, fig.cap=caption_ZIJ, out.width="47%", fig.show="hold", fig.fullwidth=TRUE} + +figs_ZIJ <- + intersect(str_c(raaien_ZIJ, ".png"), + list.files(str_c(pad_figuren, "vast/"))) + +caption_ZIJ <- str_c("Raaien uit Rupel, Durme en zijrivieren. Grens met schor (groen) en subtidaal (blauw) worden weergegeven met vertikale stippellijn (grenzen bepaald op basis van gegevens voor ", laatste_jaar, ").") + +knitr::include_graphics(str_c(pad_figuren, "vast/", figs_ZIJ)) + +``` From 61da59902f645c423d9ab178733a5b9e9b226e97 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Mon, 26 May 2025 17:05:12 +0200 Subject: [PATCH 2/8] analyse raaien 2025 --- .../130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd | 57 ++++++++++++++++--- .../130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd | 17 +++--- .../40_figuren_earlywarning_slik.Rmd | 11 ++-- .../45_figuren_earlywarning_schor.Rmd | 18 +++--- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 20 +++---- 5 files changed, 87 insertions(+), 36 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd index 9b5706b..1a82fac 100644 --- a/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd +++ b/moneos_2025/130_raaien/20_tabellen_ecotoopgrenzen.Rmd @@ -51,11 +51,11 @@ pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") ```{r data} -jaar <- 2024 -campagne <- "C2023" +jaar <- 2025 +campagne <- "C2024" data_MONEOS <- - read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_2024.xlsx"), + read_xlsx(path = str_c(pad_data, "TOPOdata_MONEOSraai_INBO_", jaar, ".xlsx"), sheet = "TOPOdata_MONEOSRAAIEN_INBO") # drive <- "Z:/" @@ -92,7 +92,12 @@ raaicodes <- # raaien = raaicodes, # path = "Z:/") +ecotoop_jaar <- 2023 +SCALDIS_jaar <- 2022 +Gentbrugge_calc <- "SCALDIS" +Rupel_calc <- "SCALDIS" +Durme_calc <- "ecotoop" conn <- dbConnect(odbc::odbc(), @@ -122,14 +127,26 @@ HW85_Schelde <- tbl(conn, "OFHWmod_Schelde_2019_2022_85proc") %>% collect() +Durme_85_str <- + if_else(Durme_calc == "SCALDIS", + str_c("OFHWmod_SCALDIS_Durme_", SCALDIS_jaar, "_85proc"), + str_c("OFHWmod_Durme_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_85proc")) HW85_Durme <- - tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Durme_2019_85proc") %>% + tbl(conn, Durme_85_str) %>% collect() +Rupel_85_str <- + if_else(Durme_calc == "SCALDIS", + str_c("OFHWmod_SCALDIS_Rupel_", SCALDIS_jaar, "_85proc"), + str_c("OFHWmod_Rupel_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_85proc")) HW85_Rupel <- tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Rupel_2019_85proc") %>% collect() +Gentbrugge_85_str <- + if_else(Durme_calc == "SCALDIS", + str_c("OFHWmod_SCALDIS_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar, "_85proc"), + str_c("OFHWmod_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_85proc")) HW85_Gentbrugge <- tbl(conn, "OFHWmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019_85proc") %>% collect() @@ -138,16 +155,28 @@ LW30_Schelde <- tbl(conn, "OFLWmod_Schelde_2019_2022_30proc") %>% collect() +Durme_30_str <- + if_else(Durme_calc == "SCALDIS", + str_c("OFLWmod_SCALDIS_Durme_", SCALDIS_jaar, "_30proc"), + str_c("OFLWmod_Durme_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_30proc")) LW30_Durme <- - tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Durme_2019_30proc") %>% + tbl(conn, Durme_30_str) %>% collect() - + +Rupel_30_str <- + if_else(Rupel_calc == "SCALDIS", + str_c("OFLWmod_SCALDIS_Rupel_", SCALDIS_jaar, "_30proc"), + str_c("OFLWmod_Rupel_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_30proc")) LW30_Rupel <- - tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Rupel_2019_30proc") %>% + tbl(conn, Rupel_30_str) %>% collect() +Gentbrugge_30_str <- + if_else(Gentbrugge_calc == "SCALDIS", + str_c("OFLWmod_SCALDIS_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar, "_30proc"), + str_c("OFLWmod_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar, "_30proc")) LW30_Gentbrugge <- - tbl(conn, "OFLWmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019_30proc") %>% + tbl(conn, Gentbrugge_30_str) %>% collect() dbDisconnect(conn) @@ -205,16 +234,28 @@ DD_Schelde <- filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% collect() +Durme_DD_str <- + if_else(Durme_calc == "SCALDIS", + str_c("DDmod_SCALDIS_Durme_", SCALDIS_jaar), + str_c("DDmod_Durme_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar)) DD_Durme <- tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Durme_2019") %>% filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% collect() +Rupel_DD_str <- + if_else(Rupel_calc == "SCALDIS", + str_c("DDmod_SCALDIS_Rupel_", SCALDIS_jaar), + str_c("DDmod_Rupel_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar)) DD_Rupel <- tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Rupel_2019") %>% filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% collect() +Gentbrugge_DD_str <- + if_else(Gentbrugge_calc == "SCALDIS", + str_c("DDmod_SCALDIS_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar), + str_c("DDmod_Gentbrugge_", SCALDIS_jaar - 3, "_", SCALDIS_jaar)) DD_Gentbrugge <- tbl(conn, "DDmod_SCALDIS_Gentbrugge_2019") %>% filter(DD %in% c(25, 35, 60, 75)) %>% diff --git a/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd index 152d8c8..210c8ba 100644 --- a/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd +++ b/moneos_2025/130_raaien/30_figuren_historiek.Rmd @@ -50,8 +50,8 @@ pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") dpi <- 150 -jaar <- 2024 -campagne <- "C2023" +jaar <- 2025 +campagne <- "C2024" tabel_raaien_vast <- read_excel(paste0(pad_tabellen, "tbl_vaste_raaien_MONEOS.xlsx")) %>% @@ -369,7 +369,8 @@ figuren_MONEOS$fig[[1]] walk2(figuren_MONEOS$REEKSCODE, figuren_MONEOS$fig, ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/", .x, ".png"), - width=16, height=8, dpi = dpi)) + width=16, height=8, dpi = dpi, + create.dir = TRUE)) figuren_MONEOS_slik <- @@ -384,8 +385,9 @@ figuren_MONEOS_slik$fig[[1]] figuren_MONEOS_slik %>% {.; walk2(str_c(.$REEKSCODE, "_slik"), .$fig, - ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/slik/", .x, ".png"), - width=16, height=8, dpi = dpi))} + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/slik/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi, + create.dir = TRUE))} figuren_MONEOS_schor <- @@ -400,8 +402,9 @@ figuren_MONEOS_schor$fig[[1]] figuren_MONEOS_schor %>% {.; walk2(str_c(.$REEKSCODE, "_schor"), .$fig, - ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/schor/", .x, ".png"), - width=16, height=8, dpi = dpi))} + ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "vast/schor/", .x, ".png"), + width=16, height=8, dpi = dpi, + create.dir = TRUE))} ``` diff --git a/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd index 555e9a8..ed837b9 100644 --- a/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd +++ b/moneos_2025/130_raaien/40_figuren_earlywarning_slik.Rmd @@ -54,7 +54,7 @@ pad_tabellen <- maak_pad(params$hoofdstuk, "tabellen") dpi <- 150 -jaar <- 2024 +jaar <- 2025 campagne <- str_c("C", jaar-1) campagne_jaren_EW <- (jaar-5):jaar campagnes_EW <- str_c("C", campagne_jaren_EW-1) @@ -402,7 +402,8 @@ figuren_EW$fig[[1]] walk2(str_c("slik_profiel_EW_", figuren_EW$REEKSCODE), figuren_EW$fig, ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "early_warning/slik_profiel/", .x, ".png"), - width=16, height=8, dpi = dpi)) + width=16, height=8, dpi = dpi, + create.dir = TRUE)) ``` @@ -725,7 +726,8 @@ p <- p ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_BEZ.png"), - width=18, height=10, dpi = dpi) + width=18, height=10, dpi = dpi, + create.dir = TRUE) p <- @@ -743,7 +745,8 @@ p <- p ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_ZIJ.png"), - width=18, height=10, dpi = dpi) + width=18, height=10, dpi = dpi, + create.dir = TRUE) ``` diff --git a/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd b/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd index 9327e1c..50a8dc7 100644 --- a/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd +++ b/moneos_2025/130_raaien/45_figuren_earlywarning_schor.Rmd @@ -62,9 +62,9 @@ sheets_figuren <- NULL dpi <- 150 -jaar <- 2024 -campagne <- "C2023" -campagne_jaren_EW <- 2019:2024 +jaar <- 2025 +campagne <- str_c("C", jaar-1) +campagne_jaren_EW <- (jaar-5):jaar campagnes_EW <- str_c("C", campagne_jaren_EW-1) year_colors <- @@ -350,7 +350,8 @@ figuren_EW <- walk2(str_c("schor_profiel_EW_", figuren_EW$REEKSCODE), figuren_EW$fig, ~ggsave(.y, file=str_c(pad_figuren, "early_warning/schor_profiel/", .x, ".png"), - width=16, height=8, dpi = dpi)) + width=16, height=8, dpi = dpi, + create.dir = TRUE)) ``` @@ -660,7 +661,8 @@ p <- p ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BEZ.png"), - width=18, height=10, dpi = dpi) + width=18, height=10, dpi = dpi, + create.dir = TRUE) p <- @@ -669,7 +671,8 @@ p <- p ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_BOZ.png"), - width=18, height=10, dpi = dpi) + width=18, height=10, dpi = dpi, + create.dir = TRUE) p <- @@ -678,7 +681,8 @@ p <- p ggsave(file=str_c(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_ZIJ.png"), - width=18, height=10, dpi = dpi) + width=18, height=10, dpi = dpi, + create.dir = TRUE) ``` diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index 37d9e1e..d68fcd7 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -542,7 +542,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-LH-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-LH-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik aan Lillo Haven in het voorjaar ", laatste_jaar, ", met zicht op de erosieklif tussen hoog en middelhoog slik.") @@ -624,7 +624,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-GW-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-GW-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan het Galgenweel.") @@ -653,7 +653,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Hobookse Polder.") @@ -803,7 +803,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de erosie op het hoog slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Temsebrug.") @@ -832,7 +832,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Weert." @@ -860,7 +860,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Branst, met zicht op afwateringsgeul." @@ -938,7 +938,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- "NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw), verstevigd met palenrijen aan de Kramp." @@ -1002,7 +1002,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-APc-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-APc-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Appels (APc).") @@ -1012,7 +1012,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APc.JPG"))
-```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Vergelijking van de schor en slik evoluties aan Appels tussen voorjaar 2022 en voorjaar 2023.") @@ -1181,7 +1181,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-DU-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-DU-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in de Durme nabij de ontpoldering van het Klein Broek in het voorjaar ", laatste_jaar, ".") From ed15c9d32882f358d0da4042a85bd95be2e19b9c Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Mon, 23 Jun 2025 09:27:12 +0200 Subject: [PATCH 3/8] rapportage BEZ --- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 98 ++++++++++--------- 1 file changed, 53 insertions(+), 45 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index d68fcd7..f5b8b01 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -63,7 +63,7 @@ dumtab = function(label, caption=NULL) { # aanpassen indien er meta-data zijn -laatste_jaar <- 2024 +laatste_jaar <- 2025 laatste_campagne <- str_c("C", laatste_jaar-1) tabel_raaien_vast <- @@ -262,7 +262,7 @@ De MONEOS-raaien zijn gesitueerd op bredere sliklocaties met overwegend zacht su Met de raaien wordt gefocust op grotere, ecologisch waardevollere slik- en schorgebieden. We maken een onderscheid tussen 3 klassen van raaien afhankelijk van de prioriteit van opmeten: -- MONEOS - Vaste: de slik en schorrand worden jaarlijks ingemeten langs de Zeeschelde (n:24; Figuur \@ref(fig:130-figuur-overzicht-raaien)) en Durme (n:1), 3-jaarlijks voor de Rupel (n:2) en 6-jaarlijks voor de tijgebonden zijrivieren (Nete-n:1, Zenne-n:1, Dijle-n:1); deze raaien zijn leidend voor de veldwerkcampagne. +- MONEOS - Vast: de slik en schorrand worden jaarlijks ingemeten langs de Zeeschelde (n:24; Figuur \@ref(fig:130-figuur-overzicht-raaien)) en Durme (n:1), 3-jaarlijks voor de Rupel (n:2) en 6-jaarlijks voor de tijgebonden zijrivieren (Nete-n:1, Zenne-n:1, Dijle-n:1); deze raaien zijn leidend voor de veldwerkcampagne. De schorplateaus van deze raaien worden minder vaak gemeten maar er wordt gepoogd om ze met een maximale frekwentie van 6-jaar te meten. De keuze van de ingemeten schorplateaus is variabel en jaarafhankelijk. @@ -297,7 +297,8 @@ Alle slik- en schorraaien zijn tot begin 2012 ingemeten met een RTK-DGPS_Trimble Vanaf eind 2012 tot eind 2022 is een RTK-DGPS_Trimble R8 gebruikt, waarbij zowel GPS- en GLONASS-satellietsignalen ontvangen kunnen worden. Vanaf 2023 is in hoofdzaak een RTK-DGPS_Trimble R780 GNSS gebruikt met GPS- , GLONAS- , Galileo- en BeiDou-signaal. De ingestelde maximale foutenmarge om een meting te kunnen uitvoeren is 2 cm op de z-waarde maar ligt gemiddeld rond ±1 cm. -Bij de meetcampagne wordt een eerdere meetreeks in de RTK-GPS ingelezen. +In een aantal uitzonderlijke gevallen kan de meetfout tussen 2 en 5 cm liggen. + Bij de meetcampagne wordt een eerdere meetreeks in de RTK-GPS ingelezen. In het veld gaan we vervolgens naar elk gemeten punt van de raai terug. Zodoende kunnen de raaien op een efficiënte manier opnieuw ingemeten worden met een minimale horizontale afwijking. Door schoruitbreiding of -erosie kan het startpunt van de raai verschillen tussen de jaren. @@ -338,19 +339,19 @@ Indien de hoogteverandering buiten het betrouwbaarheidsinterval valt, wordt dit ### Weergave van de profielen -Voor alle in 2023 ingemeten raaien wordt het historisch overzicht van de ingemeten punten per jaar weergegeven in Bijlage \@ref(BL1). +Voor alle in `r laatste_jaar` ingemeten raaien wordt het historisch overzicht van de ingemeten punten per jaar weergegeven in Bijlage \@ref(BL1). Bij de bespreking van de recente trends wordt voor elke raai een vereenvoudigde figuur met gestandaardiseerde afstanden tussen de punten weergegeven, zoals hierboven beschreven. ## Beneden-Zeeschelde Een overzicht van de in `r laatste_jaar` opgemeten vaste MONEOS-raaien in de Beneden-Zeeschelde wordt gegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-MH) en Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-SG). -Voor raaien GBSa, GBSb, ODa, DO, LP, KPb, KPe, GW en HO werd naast het slik en de schorrand aanvullend ook het schorplateau ingemeten. +Voor raaien GBSa, GBSb, DO, LH, LP, KPb, KPe, GW en HO werd naast het slik en de schorrand aanvullend ook het schorplateau ingemeten. ### Trends in recente jaren De trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar` zijn weergegeven in Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-BEZ) en in Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-BEZ) voor de slikken en Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-schor-BEZ) voor de schorplateaus. -Voor raaien ODa, KPb en HO konden geen trends berekend worden voor het schorplateau wegens te weinig metingen in de laatste jaren. +Voor raaien LH, KPb en HO konden geen trends berekend worden voor het schorplateau wegens te weinig metingen in de laatste jaren. Op basis van inspectie van de profielen werden hier echter geen opvallende trends of trendbreuken vastgesteld.
@@ -393,8 +394,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_B Volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen: -Raai GBSa (Groot Buitenschoor) is relatief stabiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSa-slik)) met geen beduidende afwijkingen van de trends uit voorgaande jaren, die gemiddeld een lichte verhoging aangeven in het laag en hoog slik en het schor. -In het laag slik is er wel een verderzetting van de evolutie uit voorgaande jaren met erosie in de hogere zones en sedimentatie in de lager zones, wat niet zichtbaar is in de berekening van de trends. +Raai GBSa (Groot Buitenschoor) is relatief stabiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSa-slik)) met weinig beduidende afwijkingen van de trends uit voorgaande jaren, die gemiddeld een lichte verhoging of stagnatie aangeven in het laag en hoog slik en het schor. +In het laag slik is er wel een verderzetting van de evolutie uit voorgaande jaren met sedimentatie in de lagere zones, wat zichtbaar is als een trendbreuk. ```{r 130-figuur-GBSa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -426,6 +427,7 @@ res$fig
Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van lichte sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). +Het meest sedimentatie wordt waargenomn in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit relatief beperkt. De mate van sedimentatie vlakt wel af in het hoog slik, met een vervlakking van dit deel van het slik. In het laag slik is de sedimentatie minder dan 1cm per jaar. @@ -454,8 +456,8 @@ res$fig
-Na de plotse verdieping van het laag slik in 2023, vertoont raai ODa (Schor Ouden Doel) nu een opvallende trendbreuk in het middelhoog slik met een versterking van de erosie in dit deel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). -Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik) blijkt ook dat de sterke erosie uit 2023 zich ook verder zet in het bovenste deel van het laag slik. +De recente trends van verdieping (sterke erosie) in het laag en middelhoog slik zetten zich voort op raai ODa (Schor Ouden Doel), hoewel het laag slik lijkt te stabilizeren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). +Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik). De sterke terugschreidende erosie in laag en middelhoog slik is te wijten aan de noordelijk nabijgelegen nieuwe in- en uitwateringsgeul van de ontpoldering in Hedwige/Prosper. In het hoog slik blijft er een trend tot lichte sedimentatie. @@ -472,10 +474,13 @@ res$fig
-Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie in de voorgaande jaren te stagneren zowel op het slik als op het ontwikkelend schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). -Dit was al zichtbaar in 2023 maar wordt nu bevestigd door een trendbreuk in het laag en middelhoog slik. -Op het schorplateau is wel een verdieping van de hoofdkreek zichtbaar terwijl de kreek in de schorvegetatie rond 210m verondiept. -De oude centrale schorzone (185-250m) kan door sedimentatie (130-185m) en een geleidelijke overgang nu sneller lateraal uitbreiden richting de hoofdkreek. +Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie op het slik in de voorgaande jaren te stagneren en zelfs om te slaan naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). +Dit leidt tot een trendbreuk op het middelhoog slik, met plots redelijk wat erosie (10 cm). +Ook op het laag en hoog slik is er erosie waar te nemen in `r laatste_jaar` maar dit leidt net niet tot een trendbreuk. +Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuken die reeds werden waargenomen in voorgaande jaren. +Op het schorplateau blijft de trend van lichte sedimentie behouden. +De sedimentatie treedt vooral op in de zone tussen 185 en 250 m van de dijk. +Deze oude centrale schorzone kan door sedimentatie en een geleidelijke overgang nu sneller lateraal uitbreiden richting de hoofdkreek. ```{r 130-figuur-DO-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -491,9 +496,10 @@ res$fig
-Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) zijn de trendbreuken uit 2023 in het laag en hoog slik opgeheven en zien we opnieuw stabilistatie tot sedimentatie van het slik. -De trend in het middelhoog slik tot meer erosie in de laatste drie jaar (maar niet zichtbaar als trendbreuk in `r laatste_jaar`) blijft behouden. -Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023 te relateren zijn aan onderhoudsbaggerwerken van de drempel van Frederik, gelegen in de vaargeul nabij raai GSb. +Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) is er, in tegenstelling tot de voorgaande jaren, een lichte tot matige sedimentatie op het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar`. +Vooral op het middelhoog slik is de omsalg van erosie naar sedimentatie opvallend en leidt tot een duidelijke trendbreuk. +Het hoog slik is stabiel. +Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023-2024 met eerst erosie en nadien terug sedimentatie te relateren zijn aan onderhoudsbaggerwerken van de drempel van Frederik, gelegen in de vaargeul nabij raai GSb. ```{r 130-figuur-GSb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -508,7 +514,8 @@ res$fig
-Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot vrij sterke sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen of veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). +Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen of veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). +Deze uitholling wordt in `r laatste_jaar` versterkt door een afplatting op het laag slik (erosie bovenaan en sedimentatie onderaan) zodat het volledige slik een meer S-vormig profiel verkrijgt. ```{r 130-figuur-GSc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -523,11 +530,10 @@ res$fig
-Waar er op Raai LH (Lillo Haven) in 2023 nog (sterke) sedimentatie werd waargenomen in het laag en middelhoog slik, zijn deze zones in 2024 gekenmerkt door een sterke erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). -Vooral in de middelhoge slikzoneslikzone en tegen de laagwaterlijn valt de erosie op ten opzichte van de voorgaande jaren. -Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) is voor het eerst een duidelijke erosieklif zichtbaar (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). -Door de variatie in sedimentatie-erosie tussen voorgaande jaren zijn deze patronen echter niet te zien als een trendbreuk. -Het hoog slik blijft ook in 2024, net zoals voorgaande jaren, stabiel. +In 2023 en 2024 werden op raai LH (Lillo Haven) sterk contrasterende evoluties waargenomen, met eerst sterke sedimentatie en dan terug erosie. +In `r laatste_jaar` lijken de 5 jaar trends te stabiliseren met lichte erosie op het laag slik, en (zeer) lichte sedimentatie tot geen veranderingen op middelhoog en hoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). +Erosie in het laag slik vindt vooral plaats tegen de laagwaterlijn. +Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) wordt de erosieklif die in 2024 werd waargenomen, bestendigd (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). ```{r 130-figuur-LH-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -542,17 +548,20 @@ res$fig
-```{r 130-foto-LH-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-LH-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik aan Lillo Haven in het voorjaar ", laatste_jaar, ", met zicht op de erosieklif tussen hoog en middelhoog slik.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "LHfeb24.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "LH_2025.JPG")) ```
-Op Raai LP (Lillo Potpolder) zijn de trends uit voorgaande jaren vrij stabiel, met het laag en hoog slik in evenwicht, een licht eroderende trend op het middelhoog slik en een licht sedimenterende trend op het schor (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). +Op Raai LP (Lillo Potpolder) zijn de trends van lichte erosie op het laag slik en geen hoogteveranderingen op het middelhoog slik vrij stabiel. +Op het hoog slik is er trendbreuk zichtbaar waarbij de erosieve trend uit de voorgaande jaren is veranderd naar sedimetatie in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). +De sedimentatie doet zich vooral voor dicht tegen de schorrand. +De licht sedimenterende trend op het schor blijft behouden. ```{r 130-figuur-LP-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -567,9 +576,10 @@ res$fig
-Op Raai KPb (Ketenisse) zijn er in 2024 trendbreuken in het laag en middelhoog slik ten opzichte van voorgaande jaren. -De sedimentatie in het laag slik is nog sterk toegenomen en de vrij sterk eroderende trend in het middelhoog slik is ook veranderd naar meer sedimentatie vooral op de grens met het laag slik. -Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). +Op Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in`r laatste_jaar`. +in zijn er in 2024 trendbreuken in het laag en middelhoog slik ten opzichte van voorgaande jaren. +Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel van het middelhoog slik eerder erodeert, zodat hier een afrvlakking van het profiel optreedt. +Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel als geheel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). ```{r 130-figuur-KPb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -585,8 +595,9 @@ res$fig
Op raai KPe (Ketenisse) zet de trend van sterke van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel zich verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). +Deze trend is nu ook zichtbaar onderaan het middelhoog slik, wat tot een trendbreuk leidt in het middelhoog slik. De hogere delen van het slik blijven stabiel. -Op het schorplateau blijft de trend van lichte sedimentatie behouden. +Op het schorplateau is er in `r laatste_jaar` iets meer sedimentatie dan de voorgaande jaren, maar dit leidt niet tot een trendbreuk. ```{r 130-figuur-KPe-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -601,15 +612,12 @@ res$fig
-Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone, met trends tot sterke erosie die behouden blijven in 2024 (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). -De afzettingen met zandig materiaal uit 2023 in het laag slik zijn weer weggeërodeerd, waardoor er terug een microklif is op de grens van laag en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). -Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie. - - - - - - +Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone. +In het laag slik blijft de erosie trend behouden. +In het middelhoog slik is de erosie trend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). +Deze trendbreuk geeft aan dat de processen die leiden tot sterke erosie in het laag slik zich nu ook verder doorzetten in het middelhoog slik. +Ook de microklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). +Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . ```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -624,11 +632,11 @@ res$fig
-```{r 130-foto-GW-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-GW-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan het Galgenweel.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GW.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GW_2025.JPG")) ``` @@ -636,8 +644,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GW.JPG")) Raai HO (Hobookse Polder) vertoonde in de vorige jaren algemeen een eroderende trend (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HO-slik)). In de laatste twee jaren is deze trend op het laag en middelhoog slik afgeremd doordat harde lagen meer zijn geëxposeerd en de dunne sliblaag is verloren. -Dit uit zich in 2024 in (bijna) trendbreuken in laag en middelhoog slik. -Net onder de ontstane microklif op het laag slik zijn lokale afzettingen van zandig materiaal (met microribbels) terug te vinden (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik)). +Ook in `r laatste_jaar` is de hoogteligging stabiel. +Net onder de microklif op het laag slik zijn lokale afzettingen van zandig materiaal (met microribbels) terug te vinden (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik)). Merk op dat raai HO zo goed als geen hoog slik heeft (deel tussen groene en bruine stippellijn - 22m) en dat het bestaande hoog slik vooral uit breuksteen bestaat (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik)). ```{r 130-figuur-HO-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -653,11 +661,11 @@ res$fig
-```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Hobookse Polder.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "HOboken.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "HO_2025.JPG")) ``` From 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Wed, 25 Jun 2025 12:16:52 +0200 Subject: [PATCH 4/8] rapportage zoet lang --- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 142 +++++++++++------- 1 file changed, 90 insertions(+), 52 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index f5b8b01..162d0b4 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -614,10 +614,11 @@ res$fig Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone. In het laag slik blijft de erosie trend behouden. +Het slik is hier geerodeerd tot op hard matieraal, en enkel wat zandige (hoogdynamische) afzettingen tussen stenen zijn nog aanwezig. In het middelhoog slik is de erosie trend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). Deze trendbreuk geeft aan dat de processen die leiden tot sterke erosie in het laag slik zich nu ook verder doorzetten in het middelhoog slik. -Ook de microklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). -Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . +Ook de erosieklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). +Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . ```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -681,8 +682,8 @@ Voor raaien NOTc, BAL, BR, KRb, APc, APa, PA, BM, HEUf, HEUc en is ook het schor De trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar` zijn weergegeven in Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-BOZ). Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-BOZ) illustreert de trends op de slikken en Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-schor-BOZ) de trends op de schorplateaus. -Voor raaien NOTc, BAL, BR, APc, APa, en PA konden geen trends en trendbreuken geanalyseerd worden voor het schorplateau wegens onvoldoende metingen in recente jaren. -Op basis van inspectie van beperkte meetpunten op de schorprofielen worden geen opvallende trends of trendbreuken vastgesteld. +Voor raaien KV, NOTb, GSHb, ZLa, APc, APa, HEUc en DU konden geen trends en trendbreuken geanalyseerd worden voor het schorplateau wegens onvoldoende metingen in recente jaren. +Op basis van inspectie van de metingen op de schorprofielen worden geen opvallende trendbreuken vastgesteld. ```{r 130-tabel-trends-BOZ} @@ -722,9 +723,10 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_B De volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen in de Boven Zeeschelde: -Het slik op raai KV (Kijkverdriet) vertoont een trend van lichte tot matige sedimentatie in het laag en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). -Deze trend is echter sterk afgezwakt tot afwezig in 2024. -In het middelhoog slik is er net geen trendbreuk door erosie in 2024. +Na een aantal jaar met sedimentatie vertoont het slik op raai KV (Kijkverdriet) de laatste twee jaar vrij sterke erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). +Voor het midelhoog slik resulteert dit in een duidelijke trendbreuk. +Voor het laag en hoog slik resulteert dit net niet in een trendbreuk door de grote foutenmarge op de verwachte evolutie. + ```{r 130-figuur-KV-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -740,7 +742,8 @@ res$fig
Op raai NOTb (Notelaer) zien we dat het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). -Dit komt echter niet tot uiting in de trend omdat deze nog deels de sedimentatie van de jaren ervoor weerspiegelt. +Op het laag slik is deze trend in `r laatste_jaar` nog versterkt met een trendbreuk tot gevolg. +Door de sterke erosie is aan de rand van het schor een nieuwe klif met erosietongen ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH) voor duidelijker figuur van de schorklif). ```{r 130-figuur-NOTb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -755,11 +758,20 @@ res$fig
+```{r 130-foto-NOTb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Notelaer (NOTb), met zicht op erosietongen en klif aan de rand van het schor.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "NOTb_2025.JPG")) + +``` + +
+ Op raai NOTc (Notelaer) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik)) zijn er geen trendbreuken waar te nemen in `r laatste_jaar`. -De trends gaan van lichte erosie op het laag slik, tot lichte sedimentatie op het hoog slik. -Ook hier dient echter, net als voor NOTb, opgemerkt te worden dat in 2022 wel een trendbreuk lijkt te zijn opgetreden met vanaf dan relatief sterke erosie over het ganse slik. -Dit komt niet tot uiting in onze analyse van trendbreuken omdat die focust op het laatste jaar (`r laatste_jaar`). -De trend zet zich verder door op het slik met verminderde sedimentatie tot zelfs erosie als gevolg. +De recente trends van lichte erosie op het laag en middelhoog slik blijven behouden. +Op het hoog slik en in het schor zijn de trends in hoogteveranderingen kleiner dan 1 cm per jaar. +In Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik) is wel te zien dat ook in het hoog slik de trends de laatste twee jaar evolueren naar meer erosie. ```{r 130-figuur-NOTc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -774,11 +786,8 @@ res$fig
-De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren op laag en hoog slik op raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). -Na een trendbreuk in 2023 in het middelhoog slik, is er in dit deel in 2024 opnieuw sedimentatie opgetreden. -Ook op het laag slik treedt er in het bovenste deel duidelijke sedimentatie op. -Op het onderste deel van het laag slik, tegen de grens met laagwater, treedt er echter sterke erosie op. -Dit leidt tot een opbolling van de zandplaat die echter wel kleiner/smaller wordt. +De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). +De opbolling en verkorting van de zandplaat op het laag slik in 2024 is weer grotendeels teniet gedaan en het slik heeft zich hersteld naar de vorm van de jaren voordien. ```{r 130-figuur-BAL-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -793,10 +802,11 @@ res$fig
-In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) treden in `r laatste_jaar` trendbreuken op op het middelhoog (plotse sterke sedimentatie) en hoog slik (plotse sterke erosie) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). -De sterke sedimentatie op de zandige slikplaat in het laag slik die in 2023 een trendbreuk veroorzaakte is in 2024 terug teniet gedaan. -Net als de zandplaat van de Ballooi erodeert de plaatrand wat gepaard gaat met opbolling. -In vergelijking met 2023 is het S vormig profiel landinwaarts verschoven door een sterke terugschrijdende erosie van het hoog slik en de schorrand (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . +In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) is het slik, zonder dat dit tot trendbreuken leidt in de analyse, in `r laatste_jaar` toch weer sterk veranderd (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). +Op het laag slik is de sterke erosie uit 2024 weer gedeeltelijk teniet gedaan (sedimentatie), terwijl het middelhoog slik verder blijft opsedimenteren en het hoog slik verder erodeert, voornamelijk op de grens met het middelhoog slik. +De zandige slikplaat is daardoor terug uitgebreid en opgehoogd. +Hierdoor wordt het S-vormig profiel verdere versterkt. +De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgzng van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif onstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . ```{r 130-figuur-TB-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -811,21 +821,22 @@ res$fig
-```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- str_c("Foto van de erosie op het hoog slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Temsebrug.") +caption_foto <- str_c("Foto van de het slik aan Temsebrug in het voorjaar ", laatste_jaar, " met zicht op erosie en vorming van een microklif onderaan het hoog slik.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB.jpg")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB_2025.jpg")) ```
-Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) is in de voorbije jaren een omslag/kanteling opgetreden van een uitgehold profiel met vloedgeul na matige erosie in de jaren tot 2021 naar een steiler profiel vanaf 2022. -Na 2021 treedt immers sterke sedimentatie op van hoog en vooral middelhoog slik en erosie op de laagste delen van het slik met verkleining van de dynamische zandplaat tot gevolg. -Deze trends zetten zich verder in 2024. -De verkleining van de voorliggende zandplaat met erosie op het laag slik heeft zich wel uitgebreid tot de rand van het middelhoog slik. -Op het middelhoog slik is dan weer een grote zandafzetting gebeurd met een opbolling van het middelhoog slik tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). +Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) zet de erosieve trend uit de vorige jaren zich voort. +Zowel op het laag, middelhoog als hoog slik is er duidelijk erosie zichtbaar. +Op het laag slik is hierdoor de opbolling die zich de afgelopen jaren vormde op de grens met het middelhoog slik terug volledig verdwenen. +Middelhoog en hoog slik vertonen in `r laatste_jaar` een zeer sterke erosie door afkalving van de schorklif en terugkeer van de vloedgeul die hier in het verleden ook liep. +Door de sterke erosie is er een verdere verlaging van de voorliggende zandplaat. +(Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). ```{r 130-figuur-WE-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -840,20 +851,20 @@ res$fig
-```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Weert." +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Weert. Zicht op de vloedgeul en afkalving van de schorrand.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE_2025.JPG")) ```
-Op raai BR (Branst) zijn in `r laatste_jaar` duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). -Plots treedt een sterke erosie op in het laag en middelhoog slik en stagneert de sedimentatie op het hoog slik. -De sedimentatietrend was de vorige twee jaar reeds afgezwakt maar is in 2024 dus omgeslaan naar een sterke erosie. -Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). +In 2024 waren er op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). +De evoluties uit 2024 zetten zich verder in `r laatste_jaar` met erosie op in het laag en middelhoog slik en stagnatie van de sedimentatie op het hoog slik. +Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien werd waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). +Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje aanwezig (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). ```{r 130-figuur-BR-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -868,11 +879,11 @@ res$fig
-```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Branst, met zicht op afwateringsgeul." +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Branst, met zicht op afwateringsgeul.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR_2025.JPG")) ``` @@ -880,9 +891,9 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR.JPG")) Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is zeer sterk variabel tussen jaren. Het slik reageert héél snel op morfologische veranderingen in de omgeving. -In het laag slik is in `r laatste_jaar` evenwel een sterke sedimentatie opgetreden. -Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden (2019-2021) ook sterke sedimentatieperiodes hebben voorgedaan. -In 2019-2021 was dit echter een herstel na sterke erosie in 2018-2019, nu is er een verdere ophoging boven dit herstelde niveau tot niveaus van 10 jaar geleden (zie Bijlage Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZL)). +In het laag slik is de sterke sedimentatie uit 2024 in `r laatste_jaar` teniet gedaan en ligt het slik weer grotendeels op de hoogte van voor 2024 (met de vorming van een afwateringsgeultje op 115-120 m van de dijk). +Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden ook sterke sedimentatie en erosie periodes hebben voorgedaan. +Op het middelhoog slik is er in `r laatste_jaar` wel nog sterke sedimentatie opgetreden en heeft zich een microklif gevormd op de rand met de zandplaat op het laag slik (Figuur \@ref(fig:130-foto-PD-slik)). ```{r 130-figuur-PD-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -897,8 +908,19 @@ res$fig
-Hoewel geen trendbreuk, lijkt de sterke sedimentatie en opbolling in het middelhoog slik op raai MK (Mariekerke) gestagneerd in `r laatste_jaar`, met zelfs wat erosie aan de voorkant van de opbolling (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). -De erosie op de laagwaterlijn is dan wel weer een duidelijke trendbreuk met de sedimentatie uit voorgaande jaren in het laag slik. +```{r 130-foto-PD-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Plaat van Driegoten, met zicht op de microklif, en de overgang van slibbig naar zandigsubstraat.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "PD_2025.JPG")) + +``` + +
+ +Over het algemeen zijn de sedimentatie/erosie patronen uit voorgaande jaren in `r laatste_jaar` wat gestagneerd op raai MK (Mariekerke) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). +De opbolling op het middelhoog slik blijft vrij stabiel met enkel wat bijkomende sedimentatie aan de achterkant. +De sterke erosie in 2024 waargenomen aan de laagwaterlijn zet zich in `r laatste_jaar` niet verder. ```{r 130-figuur-MK-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -914,7 +936,10 @@ res$fig
Raai GSHb (Groot Schoor van Hamme), heeft een NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw) en is verstevigd met palenrijen en een bredere breuksteengordel in het laag slik. -De raai is vrij stabiel met hoogtes van laag, middelhoog en hoog slik gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). +Het middelhoog slik is vrij stabiel met een hoogte gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). +Onder de breuksteengordel op het laag slik is er in `r laatste_jaar` sprake van vrij sterke erosie aan de rand van het subtidaal. +Op het het hoog slik zet de sedimentatie uit de laatste jaren zich verder, vooral tegen de schorrand. +Op Foto \@ref(fig:130-foto-GSHb-slik) is te zien dat zich hier microkliffen hebben gevormd. ```{r 130-figuur-GSHb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -929,9 +954,19 @@ res$fig
+```{r 130-foto-GSHb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik aan Groot Schoor van Hamme in het voorjaar ", laatste_jaar, ", met zicht op de microkliffen en palenrijen.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GSHb_2025.JPG")) + +``` + +
+ Raai KRb aan de Kramp (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KRb-slik)), voorzien van een NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-foto-KRb-slik)), blijft een trend van erosie aanhouden in het laag slik en middelhoog slik. -De schorrand vertoont in `r laatste_jaar` echter een trendbreuk ten opzichte van voorgaande jaren, door een sterke sedimentatie. -Ook op het schor is er sprake van een aantal cm sedimentatie in `r laatste_jaar`. +Dit zet zich ook verder in het hoog slik, terwijl de schorrand vrij stabiel blijft ten opzichte van 2024. +Het schor is vrij stabiel met een zeer lichte trend van erosie (minder dan 1cm per jaar). ```{r 130-figuur-KRb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -946,19 +981,18 @@ res$fig
-```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- "NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw), verstevigd met palenrijen aan de Kramp." -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRbNTMB.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRb_2025.JPG")) ```
-Raai GBa (Grembergen) met NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)) vertoonde de voorbije jaren een licht eroderende en trend in het laag slik. -Deze trend is in `r laatste_jaar` teniet gedaan door een sterke sedimentatie (net geen trendbreuk door de grote variatie tussen jaren). -Over het volledige slik zijn er daardoor zo goed als geen verschillen in slikhoogte in vergelijking met `r laatste_jaar - 5`. +De middellange termijn trends op raai GBa (Grembergen) (met NTMB-oever) worden bestendigd op het laag (stabiel tot heel licht erosie) en middelhoog slik (sedimentatie) in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)). +De patronen op het hoog slik en de schorrand zijn enigszins variabel over de jaren met netto een lichte sedimentatie ten opzichte van 5 jaar geleden. ```{r 130-figuur-GBa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -997,6 +1031,8 @@ Ook de grens van hoog slik en middelhoog slikt vertoont verdere erosie, maar in Een belangrijk aspect dat de erosie en sedimentatie verklaart is het verschijnen van schorvegetatie in 2023 op het stroomafwaartse deel van het slikeiland dat stroming in de vloedgeul stremt maar anderzijds erosie van het voorliggende middelhoog slik kan induceren (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). De erosie van het laag slik is hiermee moeilijker te verklaren. +APc (opvulling schorgeul) sedimentatie + ```{r 130-figuur-APc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} raai <- "APc" @@ -1176,6 +1212,8 @@ Er zijn zeer sterke trendbreuken op raai DU (Durme) in het middelhoog en hoog sl De ontpoldering van het Klein Broek en de nabijgelegen in– en uitwateringsgeul net naast de raai (Foto \@ref(fig:130-foto-DU-slik)) speelt hier een belangrijke rol in. In het laag slik blijft sedimentatie wel doorgaan waardoor een S-vormig profiel ontstaat met een zandplaat in de lage slikzone. +DU: schorerosie 2024, nu stabiel + ```{r 130-figuur-DU-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} raai <- "DU" From 250f3b753e9ab3c581ad8fb74cabf5fab6603041 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Wed, 25 Jun 2025 12:16:52 +0200 Subject: [PATCH 5/8] rapportage zoet lang --- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 389 +++++++++++++----- 1 file changed, 278 insertions(+), 111 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index f5b8b01..35de531 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -394,6 +394,10 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_B Volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen: +#### Mesohalien + +##### GBSa {.unnumbered} + Raai GBSa (Groot Buitenschoor) is relatief stabiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSa-slik)) met weinig beduidende afwijkingen van de trends uit voorgaande jaren, die gemiddeld een lichte verhoging of stagnatie aangeven in het laag en hoog slik en het schor. In het laag slik is er wel een verderzetting van de evolutie uit voorgaande jaren met sedimentatie in de lagere zones, wat zichtbaar is als een trendbreuk. @@ -426,8 +430,10 @@ res$fig
+##### GBSb {.unnumbered} + Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van lichte sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). -Het meest sedimentatie wordt waargenomn in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit relatief beperkt. +Het meest sedimentatie wordt waargenomen in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit relatief beperkt. De mate van sedimentatie vlakt wel af in het hoog slik, met een vervlakking van dit deel van het slik. In het laag slik is de sedimentatie minder dan 1cm per jaar. @@ -456,6 +462,8 @@ res$fig
+##### ODa {.unnumbered} + De recente trends van verdieping (sterke erosie) in het laag en middelhoog slik zetten zich voort op raai ODa (Schor Ouden Doel), hoewel het laag slik lijkt te stabilizeren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik). De sterke terugschreidende erosie in laag en middelhoog slik is te wijten aan de noordelijk nabijgelegen nieuwe in- en uitwateringsgeul van de ontpoldering in Hedwige/Prosper. @@ -474,7 +482,9 @@ res$fig
-Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie op het slik in de voorgaande jaren te stagneren en zelfs om te slaan naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). +##### DO {.unnumbered} + +Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie op het slik te stagneren en zelfs om te slaan naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). Dit leidt tot een trendbreuk op het middelhoog slik, met plots redelijk wat erosie (10 cm). Ook op het laag en hoog slik is er erosie waar te nemen in `r laatste_jaar` maar dit leidt net niet tot een trendbreuk. Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuken die reeds werden waargenomen in voorgaande jaren. @@ -496,8 +506,12 @@ res$fig
+#### Zone met grote saliniteitsgradiënt + +##### GSb {.unnumbered} + Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) is er, in tegenstelling tot de voorgaande jaren, een lichte tot matige sedimentatie op het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar`. -Vooral op het middelhoog slik is de omsalg van erosie naar sedimentatie opvallend en leidt tot een duidelijke trendbreuk. +Vooral op het middelhoog slik is de omslag van erosie naar sedimentatie opvallend en leidt tot een duidelijke trendbreuk. Het hoog slik is stabiel. Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023-2024 met eerst erosie en nadien terug sedimentatie te relateren zijn aan onderhoudsbaggerwerken van de drempel van Frederik, gelegen in de vaargeul nabij raai GSb. @@ -514,6 +528,8 @@ res$fig
+##### GSc {.unnumbered} + Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen of veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). Deze uitholling wordt in `r laatste_jaar` versterkt door een afplatting op het laag slik (erosie bovenaan en sedimentatie onderaan) zodat het volledige slik een meer S-vormig profiel verkrijgt. @@ -530,6 +546,8 @@ res$fig
+##### LH {.unnumbered} + In 2023 en 2024 werden op raai LH (Lillo Haven) sterk contrasterende evoluties waargenomen, met eerst sterke sedimentatie en dan terug erosie. In `r laatste_jaar` lijken de 5 jaar trends te stabiliseren met lichte erosie op het laag slik, en (zeer) lichte sedimentatie tot geen veranderingen op middelhoog en hoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). Erosie in het laag slik vindt vooral plaats tegen de laagwaterlijn. @@ -558,6 +576,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "LH_2025.JPG"))
+##### LP {.unnumbered} + Op Raai LP (Lillo Potpolder) zijn de trends van lichte erosie op het laag slik en geen hoogteveranderingen op het middelhoog slik vrij stabiel. Op het hoog slik is er trendbreuk zichtbaar waarbij de erosieve trend uit de voorgaande jaren is veranderd naar sedimetatie in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). De sedimentatie doet zich vooral voor dicht tegen de schorrand. @@ -576,9 +596,10 @@ res$fig
-Op Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in`r laatste_jaar`. -in zijn er in 2024 trendbreuken in het laag en middelhoog slik ten opzichte van voorgaande jaren. -Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel van het middelhoog slik eerder erodeert, zodat hier een afrvlakking van het profiel optreedt. +##### KPb {.unnumbered} + +Op Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in `r laatste_jaar`. +Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel van het middelhoog slik eerder erodeert, zodat een afvlakking van het profiel optreedt. Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel als geheel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). ```{r 130-figuur-KPb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -594,6 +615,8 @@ res$fig
+##### KPe {.unnumbered} + Op raai KPe (Ketenisse) zet de trend van sterke van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel zich verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). Deze trend is nu ook zichtbaar onderaan het middelhoog slik, wat tot een trendbreuk leidt in het middelhoog slik. De hogere delen van het slik blijven stabiel. @@ -612,12 +635,15 @@ res$fig
+##### GW {.unnumbered} + Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone. In het laag slik blijft de erosie trend behouden. +Het slik is hier geerodeerd tot op hard matieraal, en enkel wat zandige (hoogdynamische) afzettingen tussen stenen zijn nog aanwezig. In het middelhoog slik is de erosie trend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). Deze trendbreuk geeft aan dat de processen die leiden tot sterke erosie in het laag slik zich nu ook verder doorzetten in het middelhoog slik. -Ook de microklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). -Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . +Ook de erosieklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). +Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . ```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -642,6 +668,10 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GW_2025.JPG"))
+#### Oligohalien + +##### HO {.unnumbered} + Raai HO (Hobookse Polder) vertoonde in de vorige jaren algemeen een eroderende trend (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HO-slik)). In de laatste twee jaren is deze trend op het laag en middelhoog slik afgeremd doordat harde lagen meer zijn geëxposeerd en de dunne sliblaag is verloren. Ook in `r laatste_jaar` is de hoogteligging stabiel. @@ -681,8 +711,8 @@ Voor raaien NOTc, BAL, BR, KRb, APc, APa, PA, BM, HEUf, HEUc en is ook het schor De trends in de meest recente jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`) evenals de trendbreuken in `r laatste_jaar` zijn weergegeven in Tabel \@ref(tab:130-tabel-trends-BOZ). Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-slik-BOZ) illustreert de trends op de slikken en Figuur \@ref(fig:130-figuur-trends-schor-BOZ) de trends op de schorplateaus. -Voor raaien NOTc, BAL, BR, APc, APa, en PA konden geen trends en trendbreuken geanalyseerd worden voor het schorplateau wegens onvoldoende metingen in recente jaren. -Op basis van inspectie van beperkte meetpunten op de schorprofielen worden geen opvallende trends of trendbreuken vastgesteld. +Voor raaien KV, NOTb, GSHb, ZLa, APc, APa, HEUc en DU konden geen trends en trendbreuken geanalyseerd worden voor het schorplateau wegens onvoldoende metingen in recente jaren. +Op basis van inspectie van de metingen op de schorprofielen worden geen opvallende trendbreuken vastgesteld. ```{r 130-tabel-trends-BOZ} @@ -722,9 +752,14 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_B De volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen in de Boven Zeeschelde: -Het slik op raai KV (Kijkverdriet) vertoont een trend van lichte tot matige sedimentatie in het laag en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). -Deze trend is echter sterk afgezwakt tot afwezig in 2024. -In het middelhoog slik is er net geen trendbreuk door erosie in 2024. +#### Oligohalien + +##### KV {.unnumbered} + +Na een aantal jaar met sedimentatie vertoont het slik op raai KV (Kijkverdriet) de laatste twee jaar vrij sterke erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). +Voor het midelhoog slik resulteert dit in een duidelijke trendbreuk. +Voor het laag en hoog slik resulteert dit net niet in een trendbreuk door de grote foutenmarge op de verwachte evolutie. + ```{r 130-figuur-KV-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -739,8 +774,11 @@ res$fig
+##### NOTb {.unnumbered} + Op raai NOTb (Notelaer) zien we dat het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). -Dit komt echter niet tot uiting in de trend omdat deze nog deels de sedimentatie van de jaren ervoor weerspiegelt. +Op het laag slik is deze trend in `r laatste_jaar` nog versterkt met een trendbreuk tot gevolg. +Door de sterke erosie is aan de rand van het schor een nieuwe klif met erosietongen ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH) voor duidelijker figuur van de schorklif). ```{r 130-figuur-NOTb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -755,11 +793,22 @@ res$fig
+```{r 130-foto-NOTb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Notelaer (NOTb), met zicht op erosietongen en klif aan de rand van het schor.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "NOTb_2025.JPG")) + +``` + +
+ +##### NOTc {.unnumbered} + Op raai NOTc (Notelaer) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik)) zijn er geen trendbreuken waar te nemen in `r laatste_jaar`. -De trends gaan van lichte erosie op het laag slik, tot lichte sedimentatie op het hoog slik. -Ook hier dient echter, net als voor NOTb, opgemerkt te worden dat in 2022 wel een trendbreuk lijkt te zijn opgetreden met vanaf dan relatief sterke erosie over het ganse slik. -Dit komt niet tot uiting in onze analyse van trendbreuken omdat die focust op het laatste jaar (`r laatste_jaar`). -De trend zet zich verder door op het slik met verminderde sedimentatie tot zelfs erosie als gevolg. +De recente trends van lichte erosie op het laag en middelhoog slik blijven behouden. +Op het hoog slik en in het schor zijn de trends in hoogteveranderingen kleiner dan 1 cm per jaar. +In Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik) is wel te zien dat ook in het hoog slik de trends de laatste twee jaar evolueren naar meer erosie. ```{r 130-figuur-NOTc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -774,11 +823,10 @@ res$fig
-De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren op laag en hoog slik op raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). -Na een trendbreuk in 2023 in het middelhoog slik, is er in dit deel in 2024 opnieuw sedimentatie opgetreden. -Ook op het laag slik treedt er in het bovenste deel duidelijke sedimentatie op. -Op het onderste deel van het laag slik, tegen de grens met laagwater, treedt er echter sterke erosie op. -Dit leidt tot een opbolling van de zandplaat die echter wel kleiner/smaller wordt. +##### BAL {.unnumbered} + +De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). +De opbolling en verkorting van de zandplaat op het laag slik in 2024 is weer grotendeels teniet gedaan en het slik heeft zich hersteld naar de vorm van de jaren voordien. ```{r 130-figuur-BAL-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -793,10 +841,13 @@ res$fig
-In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) treden in `r laatste_jaar` trendbreuken op op het middelhoog (plotse sterke sedimentatie) en hoog slik (plotse sterke erosie) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). -De sterke sedimentatie op de zandige slikplaat in het laag slik die in 2023 een trendbreuk veroorzaakte is in 2024 terug teniet gedaan. -Net als de zandplaat van de Ballooi erodeert de plaatrand wat gepaard gaat met opbolling. -In vergelijking met 2023 is het S vormig profiel landinwaarts verschoven door een sterke terugschrijdende erosie van het hoog slik en de schorrand (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . +##### TB {.unnumbered} + +In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) is het slik, zonder dat dit tot trendbreuken leidt in de analyse, in `r laatste_jaar` toch weer sterk veranderd (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). +Op het laag slik is de sterke erosie uit 2024 weer gedeeltelijk teniet gedaan (sedimentatie), terwijl het middelhoog slik verder blijft opsedimenteren en het hoog slik verder erodeert, voornamelijk op de grens met het middelhoog slik. +De zandige slikplaat is daardoor terug uitgebreid en opgehoogd. +Hierdoor wordt het S-vormig profiel verdere versterkt. +De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgzng van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif onstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . ```{r 130-figuur-TB-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -811,21 +862,26 @@ res$fig
-```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-TB-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- str_c("Foto van de erosie op het hoog slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Temsebrug.") +caption_foto <- str_c("Foto van de het slik aan Temsebrug in het voorjaar ", laatste_jaar, " met zicht op erosie en vorming van een microklif onderaan het hoog slik.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB.jpg")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB_2025.jpg")) ```
-Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) is in de voorbije jaren een omslag/kanteling opgetreden van een uitgehold profiel met vloedgeul na matige erosie in de jaren tot 2021 naar een steiler profiel vanaf 2022. -Na 2021 treedt immers sterke sedimentatie op van hoog en vooral middelhoog slik en erosie op de laagste delen van het slik met verkleining van de dynamische zandplaat tot gevolg. -Deze trends zetten zich verder in 2024. -De verkleining van de voorliggende zandplaat met erosie op het laag slik heeft zich wel uitgebreid tot de rand van het middelhoog slik. -Op het middelhoog slik is dan weer een grote zandafzetting gebeurd met een opbolling van het middelhoog slik tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). +#### Zoet met lange verblijftijd + +##### WE {.unnumbered} + +Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) zet de erosieve trend uit de vorige jaren zich voort. +Zowel op het laag, middelhoog als hoog slik is er duidelijk erosie zichtbaar. +Op het laag slik is hierdoor de opbolling die zich de afgelopen jaren vormde op de grens met het middelhoog slik terug volledig verdwenen. +Middelhoog en hoog slik vertonen in `r laatste_jaar` een zeer sterke erosie door afkalving van de schorklif en terugkeer van de vloedgeul die hier in het verleden ook liep. +Door de sterke erosie is er een verdere verlaging van de voorliggende zandplaat. +(Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). ```{r 130-figuur-WE-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -840,20 +896,22 @@ res$fig
-```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Weert." +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Weert. Zicht op de vloedgeul en afkalving van de schorrand.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE_2025.JPG")) ```
-Op raai BR (Branst) zijn in `r laatste_jaar` duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). -Plots treedt een sterke erosie op in het laag en middelhoog slik en stagneert de sedimentatie op het hoog slik. -De sedimentatietrend was de vorige twee jaar reeds afgezwakt maar is in 2024 dus omgeslaan naar een sterke erosie. -Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). +##### BR {.unnumbered} + +In 2024 waren er op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). +De evoluties uit 2024 zetten zich verder in `r laatste_jaar` met erosie op in het laag en middelhoog slik en stagnatie van de sedimentatie op het hoog slik. +Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien werd waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). +Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje aanwezig (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). ```{r 130-figuur-BR-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -868,21 +926,23 @@ res$fig
-```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-BR-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- "Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar 2024 aan Branst, met zicht op afwateringsgeul." +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Branst, met zicht op afwateringsgeul.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR_2025.JPG")) ```
+##### PD {.unnumbered} + Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is zeer sterk variabel tussen jaren. Het slik reageert héél snel op morfologische veranderingen in de omgeving. -In het laag slik is in `r laatste_jaar` evenwel een sterke sedimentatie opgetreden. -Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden (2019-2021) ook sterke sedimentatieperiodes hebben voorgedaan. -In 2019-2021 was dit echter een herstel na sterke erosie in 2018-2019, nu is er een verdere ophoging boven dit herstelde niveau tot niveaus van 10 jaar geleden (zie Bijlage Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZL)). +In het laag slik is de sterke sedimentatie uit 2024 in `r laatste_jaar` teniet gedaan en ligt het slik weer grotendeels op de hoogte van voor 2024 (met de vorming van een afwateringsgeultje op 115-120 m van de dijk). +Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden ook sterke sedimentatie en erosie periodes hebben voorgedaan. +Op het middelhoog slik is er in `r laatste_jaar` wel nog sterke sedimentatie opgetreden en heeft zich een microklif gevormd op de rand met de zandplaat op het laag slik (Figuur \@ref(fig:130-foto-PD-slik)). ```{r 130-figuur-PD-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -897,8 +957,21 @@ res$fig
-Hoewel geen trendbreuk, lijkt de sterke sedimentatie en opbolling in het middelhoog slik op raai MK (Mariekerke) gestagneerd in `r laatste_jaar`, met zelfs wat erosie aan de voorkant van de opbolling (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). -De erosie op de laagwaterlijn is dan wel weer een duidelijke trendbreuk met de sedimentatie uit voorgaande jaren in het laag slik. +```{r 130-foto-PD-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Plaat van Driegoten, met zicht op de microklif, en de overgang van slibbig naar zandigsubstraat.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "PD_2025.JPG")) + +``` + +
+ +##### MK {.unnumbered} + +Over het algemeen zijn de sedimentatie/erosie patronen uit voorgaande jaren in `r laatste_jaar` wat gestagneerd op raai MK (Mariekerke) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). +De opbolling op het middelhoog slik blijft vrij stabiel met enkel wat bijkomende sedimentatie aan de achterkant. +De sterke erosie in 2024 waargenomen aan de laagwaterlijn zet zich in `r laatste_jaar` niet verder. ```{r 130-figuur-MK-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -913,8 +986,13 @@ res$fig
+##### GSHb {.unnumbered} + Raai GSHb (Groot Schoor van Hamme), heeft een NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw) en is verstevigd met palenrijen en een bredere breuksteengordel in het laag slik. -De raai is vrij stabiel met hoogtes van laag, middelhoog en hoog slik gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). +Het middelhoog slik is vrij stabiel met een hoogte gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). +Onder de breuksteengordel op het laag slik is er in `r laatste_jaar` sprake van vrij sterke erosie aan de rand van het subtidaal. +Op het het hoog slik zet de sedimentatie uit de laatste jaren zich verder, vooral tegen de schorrand. +Op Foto \@ref(fig:130-foto-GSHb-slik) is te zien dat zich hier microkliffen hebben gevormd. ```{r 130-figuur-GSHb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -929,9 +1007,21 @@ res$fig
+```{r 130-foto-GSHb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik aan Groot Schoor van Hamme in het voorjaar ", laatste_jaar, ", met zicht op de microkliffen en palenrijen.") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GSHb_2025.JPG")) + +``` + +
+ +##### KRb {.unnumbered} + Raai KRb aan de Kramp (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KRb-slik)), voorzien van een NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-foto-KRb-slik)), blijft een trend van erosie aanhouden in het laag slik en middelhoog slik. -De schorrand vertoont in `r laatste_jaar` echter een trendbreuk ten opzichte van voorgaande jaren, door een sterke sedimentatie. -Ook op het schor is er sprake van een aantal cm sedimentatie in `r laatste_jaar`. +Dit zet zich ook verder in het hoog slik, terwijl de schorrand vrij stabiel blijft ten opzichte van 2024. +Het schor is vrij stabiel met een zeer lichte trend van erosie (minder dan 1cm per jaar). ```{r 130-figuur-KRb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -946,19 +1036,20 @@ res$fig
-```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-KRb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- "NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw), verstevigd met palenrijen aan de Kramp." -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRbNTMB.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRb_2025.JPG")) ```
-Raai GBa (Grembergen) met NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)) vertoonde de voorbije jaren een licht eroderende en trend in het laag slik. -Deze trend is in `r laatste_jaar` teniet gedaan door een sterke sedimentatie (net geen trendbreuk door de grote variatie tussen jaren). -Over het volledige slik zijn er daardoor zo goed als geen verschillen in slikhoogte in vergelijking met `r laatste_jaar - 5`. +##### GBa {.unnumbered} + +De middellange termijn trends op raai GBa (Grembergen) (met NTMB-oever) worden bestendigd op het laag (stabiel tot heel licht erosie) en middelhoog slik (sedimentatie) in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)). +De patronen op het hoog slik en de schorrand zijn enigszins variabel over de jaren met netto een lichte sedimentatie ten opzichte van 5 jaar geleden. ```{r 130-figuur-GBa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -973,10 +1064,15 @@ res$fig
+#### Zoet met korte verblijftijd + +##### ZLa {.unnumbered} + Voor raai ZLa (Zele; met NTMB-oever) zijn er geen metingen beschikbaar voor 2019 en 2020. -Hierdoor is de trendanalyse zeer beperkt en zijn er geen duidelijke trends waar te nemen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ZLa-slik)). -Toch zien we een sterke sedimentatie in `r laatste_jaar` in het laag slik. -Deze is niet zichtbaar in de (beperkte) trends omdat er voor 2019 slechts een paar punten bovenaan het laag slik werden opgemeten en de trends enkel op deze punten is berekend. +Hierdoor is de trendanalyse zeer beperkt en zit er een grote onzekerheid op (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ZLa-slik)). +Voor het laag slik is er slechts één meetpunt in het referentiejaar 2021 (145 m van de dijk; lagere delen zijn dat jaar niet ingemeten), waardoor de trendanalyse hier niet bruikbaar is. +Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ZLa-slik) kunnen we wel opmaken dat de sterke ophoging op het laag slik uit 2024 in `r laatste_jaar` weer deels is weggeërodeerd. +Het middelhoog en hoog slik zijn vrij stabiel. ```{r 130-figuur-ZLa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -991,10 +1087,12 @@ res$fig
-De trendbreuk die reeds in 2023 werd waargenomen op raai APc (Appels) met versterkte erosie op het laag slik zet zich verder in het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APc-slik)). -Deze delen van het slik vertonen in `r laatste_jaar` sterke erosie (tot een halve meter) met terugschreidende slikkliffen (Figuur \@ref(fig:130-foto-APc-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZK) in Bijlage \@ref(BL1)). -Ook de grens van hoog slik en middelhoog slikt vertoont verdere erosie, maar in het hoog slik wordt dit gecompenseerd door sedimentatie van de vloedgeul tegen de schorgrens. -Een belangrijk aspect dat de erosie en sedimentatie verklaart is het verschijnen van schorvegetatie in 2023 op het stroomafwaartse deel van het slikeiland dat stroming in de vloedgeul stremt maar anderzijds erosie van het voorliggende middelhoog slik kan induceren (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). +##### APc {.unnumbered} + +De waargenomen sterke erosie uit de voorbijgaande jaren zet zich verder en is zelfs versterkt op raai APc (Appels) in `r laatste_jaar` met zware trendbreuken in het middelhoog en hoog slik (tot meer dan een meter; Figuur \@ref(fig:130-figuur-APc-slik)). +De opbolling die zich hier bevond is grotendeels weggeërodeerd en de terugschreidende slikkliffen zijn landinwaarts verplaatst. +In het hoog slik sedimentateert de vloedgeul tegen de schorgrens verder op. +Een belangrijk aspect dat de erosie en sedimentatie verklaart is het verschijnen van schorvegetatie in 2023 op het stroomafwaartse deel van het slikeiland dat stroming in de vloedgeul stremt maar anderzijds erosie van het voorliggende midelhoog en hoog slik kan induceren (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). De erosie van het laag slik is hiermee moeilijker te verklaren. ```{r 130-figuur-APc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1010,17 +1108,17 @@ res$fig
-```{r 130-foto-APc-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-APc-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Appels (APc).") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APc.JPG")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APc_2025.JPG")) ```
-```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Vergelijking van de schor en slik evoluties aan Appels tussen voorjaar 2022 en voorjaar 2023.") @@ -1030,8 +1128,11 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2202_2023.png"))
-Tegensteld aan raai APc is er op raai APa verder stroomopwaarts aan Appels een trendbreuk door sterke sedimentatie op het laag (tot 30 cm) en middelhoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APa-slik)). -Ook op het hoog slik is er tegen de schorgrens vrij sterke sedimentatie, maar dit genereert geen trendbreuk. +##### APa {.unnumbered} + +Tegensteld aan raai APc was er op raai APa verder stroomopwaarts aan Appels in 2024 sterke sedimentatie op het laag en middelhoog slik. +In `r laatste_jaar` lijkt die sedimentatie niet verder te gaan en is er zelfs sprake van erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APa-slik)). +In het hoog slik leidt dit net niet tot een trendbreuk. ```{r 130-figuur-APa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1046,8 +1147,12 @@ res$fig
+##### PA {.unnumbered} + De sedimentatie/erosie patronen op de verstevigde raai PA (Paddebeek) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PA-slik)) blijven behouden. -Er is matige erosie op het laag slik en de slikhoogte op middelhoog en hoog slik zis quasi gelijk aan de hoogte in `r laatste_jaar - 5`. +Er is matige erosie op het laag slik en de slikhoogte op middelhoog en hoog slik is quasi gelijk aan de hoogte in `r laatste_jaar - 5`. +Voor het laag slik kon geen trend berekend worden. +Ook het schor is stabiel. ```{r 130-figuur-PA-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1063,11 +1168,12 @@ res$fig
-De sedimentatie trend uit de vorige jaren in de binnenbocht aan raai BM (Bergenmeersen) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BM-slik)) lijkt in `r laatste_jaar` te zijn overgegaan in een sterke erosie op het laag en middelhoog slik. -Op het laag slik resulteert de erosie van meer dan een halve meter in een duidelijke trendbreuk. -Enkel tegen de schorgrens is er nog steeds sedimentatie. -vertoont een gradiënt van sterke sedimentatie onderaan het slik naar lichte sedimentatie bovenaan het slik. -De hoogte in het GGG Bergenmeersen (schorplateau) is stabiel. +##### BM {.unnumbered} + +De sedimentatie trend uit de vorige jaren in de binnenbocht aan raai BM (Bergenmeersen) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BM-slik)) is in 2024 overgegaan in een sterke erosie op het laag slik. +In `r laatste_jaar` blijft het slik op het laag en middelhoog slik redelijk stabiel. +In het hoog slik is echter een duidelijke trendbreuk zichtbaar met plotse sterke erosie en de vorming van een erosieklif aan de schorrand. +De het schorplateu in het GGG Bergenmeersen vertoont een lichte trend tot ophoging. ```{r 130-figuur-BM-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1082,10 +1188,23 @@ res$fig
+```{r 130-foto-BM-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} + +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Bergemeersen (BM).") + +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BM_2025.JPG")) + +``` + +
+ +##### HEUf {.unnumbered} + Voor raai HEUf zijn de meetpunten beperkt om trends voor het slik te berekenen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUf-slik)). -Op basis van de beperkte metingen lijkt het slik stabiel. +Op basis van deze beperkte metingen zijn er geen trendbreuken op het slik. +Het laag slik hoogt gemiddeld op en op het middelhoog slik is er wat erosie. Ook voor het schorplateau zijn de gegevens vrij sporadisch. -Uit die gegevens blijkt een trend tot daling van het schorplateau die in `r laatste_jaar` lijkt te zijn stilgevallen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUf-slik)). +Hieruit blijkt er wel een trendbreuk te zijn, met in `r laatste_jaar` meer sedimentatie. ```{r 130-figuur-HEUf-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1100,9 +1219,11 @@ res$fig
+##### HEUc {.unnumbered} + Ook voor de Raai HEUc (Heusden) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUc-slik)) zijn de metingen beperkt. -Op laag (en middelhoog) slikt lijkt deze raai een trend te vertonen tot lichte erosie. -Het schorplateau van de ontpoldering lijkt relatief stabiel, maar ook hier zijn de gegevens door de bosrijke omgeving vrij sporadisch (zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-ZK)). +Uit de beperkte gegevens zijn geen trendbreuken waarneembaar. +Na de sterke erosie in 2023 lijkt het slik wel enigszins gestabiliseerd. ```{r 130-figuur-HEUc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1172,9 +1293,13 @@ if(length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0) {
-Er zijn zeer sterke trendbreuken op raai DU (Durme) in het middelhoog en hoog slik met tot meer dan een halve meter erosie die sterk contrasteert met de sedimenterende trends uit voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DU-slik)). -De ontpoldering van het Klein Broek en de nabijgelegen in– en uitwateringsgeul net naast de raai (Foto \@ref(fig:130-foto-DU-slik)) speelt hier een belangrijke rol in. -In het laag slik blijft sedimentatie wel doorgaan waardoor een S-vormig profiel ontstaat met een zandplaat in de lage slikzone. +##### DU {.unnumbered} + +Op het middelhoog en hoog slik van raai DU (Durme) treedt sterke tot matige erosie op (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DU-slik)). +De trendbreuk op het middelhoog slik bevestigt deze recente tendens die ook in 2024 reeds aanwezig was. +Dit contrasteert sterk met de sedimenterende trends uit de jaren ervoor. +De nabijgelegen in– en uitwateringsgeul van de ontpoldering van het Klein Broek heeft zich verplaatst tot in het profiel wat de sterke erosie in `r laatste_jaar` kan verklaren. +Voor het schor konden geen trends berekend worden maar in vergelijking met 2024 (met sterke verlaging door bres voor ontpoldering Klein Broek) blijft de hoogte van het schor in `r laatste_jaar` stabiel (zie Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren)). ```{r 130-figuur-DU-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1189,52 +1314,94 @@ res$fig
-```{r 130-foto-DU-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold", eval=FALSE} +## Algemene bevindingen -caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik in de Durme nabij de ontpoldering van het Klein Broek in het voorjaar ", laatste_jaar, ".") +**mesohalien** -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "DU.JPG")) +DO trendbreuk met erosie -``` +erosie 1/4 -
+**saliniteitsgradiënt** -## Algemene bevindingen +GSb trendbreuk met sedimentatie + +LH laag slik aan waterlijn wat erosie + +GW nog verder geërodeerd, nu ook in middelhoog slik + +erosie 2/7 + +sedimentatie 1/7 + +**oligohalien** + +HO stabiel op hardere lagen na erosie + +KV sterke ommekeer van sedimentatie naar erosie + +NOTb, NOTc erosie + +BAL herstel van zandplaat (beetje erosie op plaat + sedimentatie onderaan plaat) + +TB herstel en ophoging van zandplaat + +erosie 3/6 + +sedimentatie 2/6 + +**zoet lang** + +WE sterke erosie + +BR omslag naar erosie + +PD hertstel (erosie) zandplaat op niveau van voor 2024 + +MK sterke erosie onder/aan laagwaterlijn + +GSHb sterke erosie laagwater + +KRb sterke erosie laatste twee jaar + +erosie 6/7 + +**zoet kort (tot Melle)** + +APc heel zware erosie, opbolling bijna volledig verdwenen + +APa omslag van sedimentatie in 2024 naar erosie + +PA erosie op laag slik + +BM erosie tov 2023 en bijkomende erosie (klif) op hoog slik in 2025 -Waar er in 2023 nog aanwijzigen waren voor plotse wijzigingen in morfodynamiek op verscheidene raaien tussen Doel en Lillo, lijkt deze zone in 2024 terug enigzins te zijn gestabiliseerd met enkel trendbreuken als gevolg van erosie en stabilisatie op respectievelijk ODa en DO. -Deze raaien liggen aan (ODa) en net stroomopwaarts van de in- en uitwateringsgeul van het recent ontpolderde Hedwige/Prosper, waar de wijzigingen kunnen aan gelinkt worden. -Ook Lillo Haven vertoont nu voor het eerste jaar sterke erosie met vorming van een erosieklif op het slik. -Iets meer stroomopwaarts is er ook verhoogde sedimentatie op raai KPb. -Opvallend is ook dat op raai GW de sterke sedimentatie uit 2023 terug is teniet gedaan door de sterke erosie in 2024. -Door de sterke schommelingen doorheen de jaren op deze raai, levert dit echter net geen trendbreuken op. +erosie 4/5 -In de Boven Zeeschelde zijn er net als de voorgaande jaren opvallend veel trendbreuken met ook sterke morfologische veranderingen van de slikvorm en de plaatoppervlaktes. -Op 8 raaien werden plotse (versterkte) sedimentatie (TB , KRb, APa) of erosie (TB, BR, MK, APc, BM, HEUf) waargenomen. +Zoals voor 2024 zijn er in het mesohalien enkel opvallende erosieve trends op raai ODa en DO. +Deze raaien liggen aan (ODa) en net stroomopwaarts (DO) van de in- en uitwateringsgeul van het recent ontpolderde Hedwige/Prosper, waar de wijzigingen kunnen aan gelinkt worden. -In de zone rond Notelaar - Ballooi, de oligohaliene zone tussen Rupel- en de Durmemonding, wordt de stagnatie van sedimentatie en omslag naar erosie bevestigd. -Hier lijkt een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met ook gevolgen voor de slikken waar verminderde sedimentatie tot zelfs een omslag naar erosie optreedt. -De sterke veranderingen in de oligohaliene zone lijken ook door te werken in de net stroomopwaartse brede zoete zone met lange verblijftijd tussen de Durmemonding en Sint-Amands. +In het de zone met sterke saliniteitsgradiënt is er een verderzetting van de erosie in het laag slik aan Lillo Haven. +Ook raai GW aan het Galgenweel blijft verder eroderen. -Vijf van de raaien met plotse trendbreuken liggen in een buitenbocht, maar de veranderingen kunnen zowel sedimentatie (KRb, APa) als erosie (BR, MK, APc) betreffen. -Ook in de buitenbocht van raai GBa treedt er opvallende sedimentatie op (net geen trendbreuk). +In het oligohalien is er op de helft van de gemonitorde raaien erosie waar te nemen. +Twee zandplaten (BAL en TB) hebben zich wel hersteld na vrij sterke morfologische veranderingen in 2024. -Op raai TB is er een opvallende verschuiving en verhoging van de slikplaat die nu grotendeels in het middelhoog slik ligt met een sterke erosie in het hoog en laag slik aan de rand van de zandplaat. +In de zoete zone met langen en met korte verblijftijd werden er in 2024 reeds opvallend veel trendbreuken vastgesteld op de morfologische evoluties uit voorgaande jaren, die zowel gerelateerd konden zijn tot plotse erosie als sedimentatie. +In `r laatste_jaar` zijn de morfologische veranderingen nog geïntensifieerd en zijn op bijna alle raaien (80%**!** van de raaien tussen de Durme monding en de samenloop in Melle) erosieve trends en trendbreuken waar te nemen op het slik of langs de laagwaterlijn. -In de buitenbocht aan Appels lijkt het slik zich te verleggen van stroomafwaarts (APc met sterke erosie) naar meer stroomopwaarts (APa met sterke sedimentatie). -Deze tendens is ook al in 2022 waarneembaar maar is nu versterkt door de eerste ontwikkeling van schorvegetatie op het voorliggende eilandje. +In de Boven Zeeschelde lijkt er de laatste jaren een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met ook gevolgen voor de slikken waar verminderde sedimentatie en een omslag naar erosie optreedt. +Deze sterke veranderingen, die eerst werden opgepikt in de oligohaliene zone, lijken zich nu ook nadrukkelijker door te zetten in de meer stroomopwaartse delen van de Zeeschelde, met bijna overal in de zoete zone erosie op of langs de raaien. In de Durme is er op raai DU een sterke verandering van het slikprofiel aan de gang. -Hier heeft een opvallende sterke erosie opgetreden in het middelhoog en hoog slik terwijl het laag slik sterk opsedimenteerd. -Als gevolg heeft een profiel een veel meer uitgesproken S-vorm bekomen. -Deze ontwikkelingen zijn te wijten aan de opening van de nabijgelegen in- en uitwateringsgeul van het Klein Broek. +Deze ontwikkelingen zijn te wijten aan de opening (en sluiting) van de nabijgelegen in- en uitwateringsgeul van het Klein Broek. De snelle ontwikkelingen met sterke veranderingen in slikprofielvorm in de Boven-Zeeschelde wijzen op een plotse verandering in hydro- en morfodynamiek in dit deel van de rivier. In de oligohaliene zone lijkt een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met gevolgen voor de aangrenzende slikken. -Ook in de brede zoete zone met lange verblijftijd tussen de Durmemonding en Sint-Amands lijkt de dynamiek versterkt. -Het ontstaan en verdwijnen van vloedgeulen, snelle zandafzettingen en schorklifvorming wijzen in de richting van toename van hydrodynamiek bij vloed die gepaard gaat met groter bodemtransport van zand dat in de binnenbocht zelfs de slikoevers bereikt. -Ook in de buitenbochten vinden ingrijpende veranderingen plaats die gepaard gaan met zowel opvallende erosie als sedimentatie. +Ook in de zoete zone tussen Durmemonding en melle lijkt de dynamiek versterkt. +Het ontstaan en verdwijnen van vloedgeulen, snelle zandafzettingen en schorklifvorming en erosie op bijna alle gemonitorde raaien wijzen in de richting van toename van hydrodynamiek. Een verband met de bathymetrische veranderingen en de bagger- en zandwinningshoeveelheden in het kader van de duurzame bathymetrie van de Boven-Zeeschelde en Durme kan niet worden uitgesloten. Het lijkt daarom raadzaam om deze evoluties en de mogelijke link met de duurzame bathymetrie nauw op te volgen om sterke irreversibele morfologische veranderingen zo ver stroomopwaarts te voorkomen. Verder onderzoek naar de recente veranderingen in deze zone en mogelijke impact van huidige rivierbeheermaatregelen is dus zeer wenselijk. From a1dea1b013ca271cd365f379c43c9b160a696ed3 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Mon, 3 Nov 2025 14:47:51 +0100 Subject: [PATCH 6/8] aanpassingen Alexander --- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 197 +++++++++--------- 1 file changed, 103 insertions(+), 94 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index 0dc1bb6..9230a27 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -263,10 +263,10 @@ Met de raaien wordt gefocust op grotere, ecologisch waardevollere slik- en schor We maken een onderscheid tussen 3 klassen van raaien afhankelijk van de prioriteit van opmeten: - MONEOS - Vast: de slik en schorrand worden jaarlijks ingemeten langs de Zeeschelde (n:24; Figuur \@ref(fig:130-figuur-overzicht-raaien)) en Durme (n:1), 3-jaarlijks voor de Rupel (n:2) en 6-jaarlijks voor de tijgebonden zijrivieren (Nete-n:1, Zenne-n:1, Dijle-n:1); deze raaien zijn leidend voor de veldwerkcampagne. - De schorplateaus van deze raaien worden minder vaak gemeten maar er wordt gepoogd om ze met een maximale frekwentie van 6-jaar te meten. + De schorplateaus van deze raaien worden minder vaak gemeten maar er wordt gepoogd om ze met een minimale frequentie van 6-jaar op te meten. De keuze van de ingemeten schorplateaus is variabel en jaarafhankelijk. -- Aanvullend: bij deze klasse van raaien wordt getracht om een minimale frequentie (2 -- 5 jaar) aan te houden; ze vertonen ontwikkelingen die aanvullende informatie geven over het (deel)gebied die niet altijd door de MONEOS-raaien gecoverd zijn. +- Aanvullend: bij deze klasse van raaien wordt getracht om een minimale frequentie (2 - 5 jaar) aan te houden; ze vertonen ontwikkelingen die aanvullende informatie geven over het (deel)gebied die niet altijd door de MONEOS-raaien gecoverd zijn. - Optioneel: raaien die occasioneel worden ingemeten of waar specifieke vraag naar is. @@ -297,8 +297,8 @@ Alle slik- en schorraaien zijn tot begin 2012 ingemeten met een RTK-DGPS_Trimble Vanaf eind 2012 tot eind 2022 is een RTK-DGPS_Trimble R8 gebruikt, waarbij zowel GPS- en GLONASS-satellietsignalen ontvangen kunnen worden. Vanaf 2023 is in hoofdzaak een RTK-DGPS_Trimble R780 GNSS gebruikt met GPS- , GLONAS- , Galileo- en BeiDou-signaal. De ingestelde maximale foutenmarge om een meting te kunnen uitvoeren is 2 cm op de z-waarde maar ligt gemiddeld rond ±1 cm. -In een aantal uitzonderlijke gevallen kan de meetfout tussen 2 en 5 cm liggen. - Bij de meetcampagne wordt een eerdere meetreeks in de RTK-GPS ingelezen. +In een aantal uitzonderlijke gevallen kan bij een geforceerde meting de meetfout tussen 2 en 5 cm liggen, waarna bijkomende controle gebeurt. + Bij de meetcampagne wordt een eerdere meetreeks in de RTK-GPS ingelezen. In het veld gaan we vervolgens naar elk gemeten punt van de raai terug. Zodoende kunnen de raaien op een efficiënte manier opnieuw ingemeten worden met een minimale horizontale afwijking. Door schoruitbreiding of -erosie kan het startpunt van de raai verschillen tussen de jaren. @@ -316,7 +316,7 @@ Van elke MONEOS-raai worden bij opmeten ook foto's gemaakt, en op de meeste MONE ### analyse van trends en trendbreuken Om een indicatie te krijgen van de trends in sedimentatie en/of erosie in de voorbije jaren, wordt voor de slikken en schorplateaus waarvoor in het laatst jaar (`r laatste_jaar`) gegevens zijn verzameld een regressie analyse uitgevoerd op de vijf voorgaande jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`). -De patronen uit `r laatste_jaar` worden hier dan mee vergeleken om na te gaan of er in het laatste jaar trendbreuken zijn opgetreden. +De patronen uit `r laatste_jaar` vergelijken we om na te gaan of in het laatste jaar trendbreuken zijn opgetreden. Om topografische metingen uit verschillende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, worden de afstanden langsheen de raai op elkaar afgestemd. Dit gebeurt door de afstanden af te ronden naar een gegeven interval (verschillend voor elke raai) dat wordt bepaald als het gemiddelde interval tussen de metingen over de verschillende jaren. Indien voor een bepaald jaar na afronden meerdere hoogtemetingen binnen hetzelfde segment langs de lengte-as van de raai vallen, wordt het gemiddelde genomen over deze metingen. @@ -399,7 +399,8 @@ Volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen: ##### GBSa {.unnumbered} Raai GBSa (Groot Buitenschoor) is relatief stabiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSa-slik)) met weinig beduidende afwijkingen van de trends uit voorgaande jaren, die gemiddeld een lichte verhoging of stagnatie aangeven in het laag en hoog slik en het schor. -In het laag slik is er wel een verderzetting van de evolutie uit voorgaande jaren met sedimentatie in de lagere zones, wat zichtbaar is als een trendbreuk. +De grootste veranderingen treden op in de lage slikzone nabij de uitloper van de vloedgeul ten westen van de Ballastplaat. +Hier treedt net als vorig jaar meer sedimentatie op, wat zichtbaar is als een trendbreuk. ```{r 130-figuur-GBSa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -432,7 +433,7 @@ res$fig ##### GBSb {.unnumbered} -Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van lichte sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). +Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van sterke sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). Het meest sedimentatie wordt waargenomen in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit relatief beperkt. De mate van sedimentatie vlakt wel af in het hoog slik, met een vervlakking van dit deel van het slik. In het laag slik is de sedimentatie minder dan 1cm per jaar. @@ -464,10 +465,10 @@ res$fig ##### ODa {.unnumbered} -De recente trends van verdieping (sterke erosie) in het laag en middelhoog slik zetten zich voort op raai ODa (Schor Ouden Doel), hoewel het laag slik lijkt te stabilizeren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). +De recente trends op raai ODa (Schor Ouden Doel) van sterke erosie in het laag en middelhoog slik zetten zich voort, hoewel het laag slik lijkt te evolueren naar een morfologisch evenwicht (Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik)). Uit Figuur \@ref(fig:130-figuur-ODa-slik). -De sterke terugschreidende erosie in laag en middelhoog slik is te wijten aan de noordelijk nabijgelegen nieuwe in- en uitwateringsgeul van de ontpoldering in Hedwige/Prosper. -In het hoog slik blijft er een trend tot lichte sedimentatie. +De sterke terugschreidende erosie in laag en middelhoog slik is te wijten aan de noordelijk nabijgelegen nieuwe in- en uitwateringsgeul van de ontpoldering in Hedwige-/Prosperpolder. +In het hoog slik blijft een trend tot lichte sedimentatie. ```{r 130-figuur-ODa-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -484,13 +485,14 @@ res$fig ##### DO {.unnumbered} -Op Raai DO (Paardeschoor) lijkt de trend van matige sedimentatie op het slik te stagneren en zelfs om te slaan naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). -Dit leidt tot een trendbreuk op het middelhoog slik, met plots redelijk wat erosie (10 cm). -Ook op het laag en hoog slik is er erosie waar te nemen in `r laatste_jaar` maar dit leidt net niet tot een trendbreuk. -Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuken die reeds werden waargenomen in voorgaande jaren. +Op Raai DO (Paardeschoor) slaat de trend van van jarenlange sedimentatie op het slik om naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). +Dit leidt tot een trendbreuk op het middelhoog slik, met plots sterke erosie (10 cm). +Ook op het laag en hoog slik is erosie waar te nemen in `r laatste_jaar` maar dit leidt net niet tot een trendbreuk. +Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuk sinds 2023 of de opening van Hedwige/Prosper. +Vermoedelijk is de vloedstroom in deze zone nabij de ontpoldering toegenomen zoals verwacht (Van Braeckel et al. 2012), waardoor verhoogde druk optreedt op deze raai. Op het schorplateau blijft de trend van lichte sedimentie behouden. De sedimentatie treedt vooral op in de zone tussen 185 en 250 m van de dijk. -Deze oude centrale schorzone kan door sedimentatie en een geleidelijke overgang nu sneller lateraal uitbreiden richting de hoofdkreek. +Dit oud centraal schorrestant kan door sedimentatie en een geleidelijke overgang nu sneller lateraal uitbreiden richting de hoofdkreek. ```{r 130-figuur-DO-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -510,10 +512,10 @@ res$fig ##### GSb {.unnumbered} -Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) is er, in tegenstelling tot de voorgaande jaren, een lichte tot matige sedimentatie op het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar`. +Op raai GSb (Galgenschoor) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSb-slik)) is, in tegenstelling tot de voorgaande jaren, een lichte tot matige sedimentatie op het laag en middelhoog slik in `r laatste_jaar`opgetreden. Vooral op het middelhoog slik is de omslag van erosie naar sedimentatie opvallend en leidt tot een duidelijke trendbreuk. -Het hoog slik is stabiel. -Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023-2024 met eerst erosie en nadien terug sedimentatie te relateren zijn aan onderhoudsbaggerwerken van de drempel van Frederik, gelegen in de vaargeul nabij raai GSb. +Het hoog slik, boven de breuksteen, blijft stabiel. +Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2022-2023-2024 met eerst erosie en nadien terug sedimentatie te relateren zijn aan intensiteit in onderhoudsbaggerwerken van de voorliggende drempel van Frederik of veranderende stortstrategie. ```{r 130-figuur-GSb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -530,7 +532,7 @@ res$fig ##### GSc {.unnumbered} -Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen of veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). +Zoals de vorige jaren vertoont raai GSc (Galgenschoor) een trend tot sedimentatie op het laag slik (met dikke laag organische afzettingen van veenbankrestanten), terwijl het middelhoog slik eerder erodeert, wat aanleiding geeft tot een uitholling van het slikprofiel (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSc-slik)). Deze uitholling wordt in `r laatste_jaar` versterkt door een afplatting op het laag slik (erosie bovenaan en sedimentatie onderaan) zodat het volledige slik een meer S-vormig profiel verkrijgt. ```{r 130-figuur-GSc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -549,9 +551,9 @@ res$fig ##### LH {.unnumbered} In 2023 en 2024 werden op raai LH (Lillo Haven) sterk contrasterende evoluties waargenomen, met eerst sterke sedimentatie en dan terug erosie. -In `r laatste_jaar` lijken de 5 jaar trends te stabiliseren met lichte erosie op het laag slik, en (zeer) lichte sedimentatie tot geen veranderingen op middelhoog en hoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). +In `r laatste_jaar` lijken de 5 jaar trends te stabiliseren met erosie op het laag slik, en (zeer) lichte sedimentatie tot geen veranderingen op middelhoog en hoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). Erosie in het laag slik vindt vooral plaats tegen de laagwaterlijn. -Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) wordt de erosieklif die in 2024 werd waargenomen, bestendigd (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). +Naast Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) blijft de erosieklif, in 2024 voor het eerst waargenomen, bestendigd (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). ```{r 130-figuur-LH-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -579,9 +581,9 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "LH_2025.JPG")) ##### LP {.unnumbered} Op Raai LP (Lillo Potpolder) zijn de trends van lichte erosie op het laag slik en geen hoogteveranderingen op het middelhoog slik vrij stabiel. -Op het hoog slik is er trendbreuk zichtbaar waarbij de erosieve trend uit de voorgaande jaren is veranderd naar sedimetatie in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). -De sedimentatie doet zich vooral voor dicht tegen de schorrand. -De licht sedimenterende trend op het schor blijft behouden. +Op het hoog slik is een trendbreuk zichtbaar waarbij de erosieve trend uit de voorgaande jaren is veranderd naar lichte sedimetatie in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LP-slik)). +De sedimentatie doet zich vooral voor dicht tegen de schorrand . +De licht sedimenterende trend op het schor blijft behouden en treedt vooral op in het noordelijk deel dicht bij de dijk, wat lijkt samen te vallen met een sterkere vegetatieontwikkeling. ```{r 130-figuur-LP-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -598,8 +600,9 @@ res$fig ##### KPb {.unnumbered} -Op Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in `r laatste_jaar`. -Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel van het middelhoog slik eerder erodeert, zodat een afvlakking van het profiel optreedt. +Op de stroomafwaartse Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in `r laatste_jaar`. +Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel eerder erodeert, zodat een afvlakking van het profiel optreedt. +Boven de breuksteen komt zo meer en meer hard substraat aan de oppervlakte. Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel als geheel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). ```{r 130-figuur-KPb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -617,10 +620,12 @@ res$fig ##### KPe {.unnumbered} -Op raai KPe (Ketenisse) zet de trend van sterke van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel zich verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). -Deze trend is nu ook zichtbaar onderaan het middelhoog slik, wat tot een trendbreuk leidt in het middelhoog slik. +Op raai KPe (Ketenisse) stroomopwaarts de bocht bouwt een zandplaat zich uit. +Dit resulteert in een blijvende trend van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). +Deze trend is door zandafzettingen hogerop nu ook zichtbaar onderaan het middelhoog slik, wat tot een trendbreuk leidt in het middelhoog slik. De hogere delen van het slik blijven stabiel. Op het schorplateau is er in `r laatste_jaar` iets meer sedimentatie dan de voorgaande jaren, maar dit leidt niet tot een trendbreuk. +Opvallend is ook dat het hier vooral om zandafzettingen gaat met microribels ```{r 130-figuur-KPe-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -633,17 +638,24 @@ res$fig ``` +
+ +```{r 130-foto-KPe-schor, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +caption_foto <- str_c("Foto van zandafzettingen nabij schorrand - voorjaar ", laatste_jaar, "- aan het stroomopwaartse zijde van Ketenisse") +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KPe_schor_2025.JPG")) +``` +
##### GW {.unnumbered} Het laag en middelhoog slik van raai GW (Galgenweel) is een morfologisch heel actieve zone. In het laag slik blijft de erosie trend behouden. -Het slik is hier geerodeerd tot op hard matieraal, en enkel wat zandige (hoogdynamische) afzettingen tussen stenen zijn nog aanwezig. -In het middelhoog slik is de erosie trend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). +Het slik is hier geërodeerd tot op hard substraat, en enkel wat zandige (hoogdynamische) afzettingen tussen stenen zijn nog aanwezig. +In het middelhoog slik is de erosietrend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). Deze trendbreuk geeft aan dat de processen die leiden tot sterke erosie in het laag slik zich nu ook verder doorzetten in het middelhoog slik. Ook de erosieklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). -Het hoog slik is vrij stabiel en het schor vertoont een lichte trend tot sedimentatie nabij de dijk . +Het met breuksteen verdedigde hog slikzone blijft nog stabiel . ```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -693,7 +705,7 @@ res$fig ```{r 130-foto-HO-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Hobookse Polder.") +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het laag slik in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Hobookse Polder.") knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "HO_2025.JPG")) @@ -752,16 +764,13 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_B De volgende trends en trendbreuken kunnen worden waargenomen in de Boven Zeeschelde: -<<<<<<< HEAD #### Oligohalien ##### KV {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Na een aantal jaar met sedimentatie vertoont het slik op raai KV (Kijkverdriet) de laatste twee jaar vrij sterke erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KV-slik)). -Voor het midelhoog slik resulteert dit in een duidelijke trendbreuk. -Voor het laag en hoog slik resulteert dit net niet in een trendbreuk door de grote foutenmarge op de verwachte evolutie. +Voor het middelhoog slik resulteert dit in een duidelijke trendbreuk. +Voor het laag en hoog slik resulteert dit net niet in een trendbreuk door de grote variabiliteit en bijhorende foutenmarge op de verwachte evolutie. ```{r 130-figuur-KV-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -779,9 +788,9 @@ res$fig ##### NOTb {.unnumbered} -Op raai NOTb (Notelaer) zien we dat het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). +Ook op de rechteroever tegenover de KV-raai zien we op raai NOTb (Notelaer) het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). Op het laag slik is deze trend in `r laatste_jaar` nog versterkt met een trendbreuk tot gevolg. -Door de sterke erosie is aan de rand van het schor een nieuwe klif met erosietongen ontstaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-HO-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH) voor duidelijker figuur van de schorklif). +Door de sterke erosie is aan de rand van het schor zijn de oude erosietongen opnieuw bloot komen te liggen en kan erosie opnieuw verder doorgaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-Notb-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH) voor duidelijker figuur van de schorklif). ```{r 130-figuur-NOTb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -804,13 +813,17 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "NOTb_2025.JPG")) ``` +
+ +```{r 130-foto-NOTb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +caption_foto <- str_c("Foto schorrand in maart 2024 en 2025 aan de Notelaer (NOTb), waarbij de erosietongen bloot komen te liggen") +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "samengesteldefotoNOTb.JPG")) +``` +
-<<<<<<< HEAD ##### NOTc {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Op raai NOTc (Notelaer) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTc-slik)) zijn er geen trendbreuken waar te nemen in `r laatste_jaar`. De recente trends van lichte erosie op het laag en middelhoog slik blijven behouden. Op het hoog slik en in het schor zijn de trends in hoogteveranderingen kleiner dan 1 cm per jaar. @@ -829,13 +842,11 @@ res$fig
-<<<<<<< HEAD ##### BAL {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). De opbolling en verkorting van de zandplaat op het laag slik in 2024 is weer grotendeels teniet gedaan en het slik heeft zich hersteld naar de vorm van de jaren voordien. +Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2024 te relateren is aan intensiteit van de zandwinning t.h.v. de nabijgelegen drempel. ```{r 130-figuur-BAL-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -850,16 +861,15 @@ res$fig
-<<<<<<< HEAD ##### TB {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) is het slik, zonder dat dit tot trendbreuken leidt in de analyse, in `r laatste_jaar` toch weer sterk veranderd (Figuur \@ref(fig:130-figuur-TB-slik)). Op het laag slik is de sterke erosie uit 2024 weer gedeeltelijk teniet gedaan (sedimentatie), terwijl het middelhoog slik verder blijft opsedimenteren en het hoog slik verder erodeert, voornamelijk op de grens met het middelhoog slik. De zandige slikplaat is daardoor terug uitgebreid en opgehoogd. Hierdoor wordt het S-vormig profiel verdere versterkt. -De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgzng van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif onstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak . +De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgang van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif onstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak. +De verplaatsing van grote zandvolumes op zo een raai wijzen op een toename aan hydrodynamiek, wat vooral ten koste gaat aan ecologisch waardevol hoog slik. +. ```{r 130-figuur-TB-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -884,17 +894,15 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "TB_2025.jpg"))
-<<<<<<< HEAD #### Zoet met lange verblijftijd ##### WE {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) zet de erosieve trend uit de vorige jaren zich voort. Zowel op het laag, middelhoog als hoog slik is er duidelijk erosie zichtbaar. Op het laag slik is hierdoor de opbolling die zich de afgelopen jaren vormde op de grens met het middelhoog slik terug volledig verdwenen. -Middelhoog en hoog slik vertonen in `r laatste_jaar` een zeer sterke erosie door afkalving van de schorklif en terugkeer van de vloedgeul die hier in het verleden ook liep. +Middelhoog en hoog slik vertonen in `r laatste_jaar` een zeer sterke erosie door afkalving van de schorklif. +Eén van de bijkomende oorzaken is de verplaatsing van de uitwateringsgeul van het schor van Weert meer naar stroomopwaarts deels in de raai. Door de sterke erosie is er een verdere verlaging van de voorliggende zandplaat. (Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). @@ -913,7 +921,7 @@ res$fig ```{r 130-foto-WE-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Weert. Zicht op de vloedgeul en afkalving van de schorrand.") +caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan Weert. Zicht op de uitwateringsgeul van het schor van Weert en afkalving van de schorrand.") knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE_2025.JPG")) @@ -921,14 +929,11 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE_2025.JPG"))
-<<<<<<< HEAD ##### BR {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 -In 2024 waren er op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzicht van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). +In 2024 zijn op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzichte van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). De evoluties uit 2024 zetten zich verder in `r laatste_jaar` met erosie op in het laag en middelhoog slik en stagnatie van de sedimentatie op het hoog slik. -Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien werd waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). +Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien is waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje aanwezig (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). ```{r 130-figuur-BR-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -956,11 +961,11 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR_2025.JPG")) ##### PD {.unnumbered} -Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is zeer sterk variabel tussen jaren. +Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is sterk variabel tussen jaren. Het slik reageert héél snel op morfologische veranderingen in de omgeving. -In het laag slik is de sterke sedimentatie uit 2024 in `r laatste_jaar` teniet gedaan en ligt het slik weer grotendeels op de hoogte van voor 2024 (met de vorming van een afwateringsgeultje op 115-120 m van de dijk). -Dit uit zich niet als een trendbreuk omdat er zich in het verleden ook sterke sedimentatie en erosie periodes hebben voorgedaan. -Op het middelhoog slik is er in `r laatste_jaar` wel nog sterke sedimentatie opgetreden en heeft zich een microklif gevormd op de rand met de zandplaat op het laag slik (Figuur \@ref(fig:130-foto-PD-slik)). +In het laag slik is de sterke sedimentatie uit 2024 in `r laatste_jaar` teniet gedaan en ligt het slik weer grotendeels op de hoogte van voor 2024 (met uitschuring van de vloedgeul op 115-120 m van de dijk). +Dit uit zich niet als een trendbreuk vanwege sterke sedimentatie- en erosieperiodes in de voorbije periode. +Op het middelhoog slik is in `r laatste_jaar` wel nog sterke sedimentatie opgetreden en heeft zich een microklif gevormd aan het begin van de zandplaat in de lage slikzone (Figuur \@ref(fig:130-foto-PD-slik)). ```{r 130-figuur-PD-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -985,11 +990,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "PD_2025.JPG"))
-<<<<<<< HEAD ##### MK {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Over het algemeen zijn de sedimentatie/erosie patronen uit voorgaande jaren in `r laatste_jaar` wat gestagneerd op raai MK (Mariekerke) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-MK-slik)). De opbolling op het middelhoog slik blijft vrij stabiel met enkel wat bijkomende sedimentatie aan de achterkant. De sterke erosie in 2024 waargenomen aan de laagwaterlijn zet zich in `r laatste_jaar` niet verder. @@ -1012,7 +1014,7 @@ res$fig Raai GSHb (Groot Schoor van Hamme), heeft een NTMB-oever (natuurtechnische milieubouw) en is verstevigd met palenrijen en een bredere breuksteengordel in het laag slik. Het middelhoog slik is vrij stabiel met een hoogte gelijk aan die van 5 jaar geleden (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GSHb-slik)). Onder de breuksteengordel op het laag slik is er in `r laatste_jaar` sprake van vrij sterke erosie aan de rand van het subtidaal. -Op het het hoog slik zet de sedimentatie uit de laatste jaren zich verder, vooral tegen de schorrand. +Op het hoog slik zet de sedimentatie uit de laatste jaren zich verder, vooral tegen de schorrand. Op Foto \@ref(fig:130-foto-GSHb-slik) is te zien dat zich hier microkliffen hebben gevormd. ```{r 130-figuur-GSHb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1038,11 +1040,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "GSHb_2025.JPG"))
-<<<<<<< HEAD ##### KRb {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 Raai KRb aan de Kramp (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KRb-slik)), voorzien van een NTMB-oever (Figuur \@ref(fig:130-foto-KRb-slik)), blijft een trend van erosie aanhouden in het laag slik en middelhoog slik. Dit zet zich ook verder in het hoog slik, terwijl de schorrand vrij stabiel blijft ten opzichte van 2024. Het schor is vrij stabiel met een zeer lichte trend van erosie (minder dan 1cm per jaar). @@ -1070,11 +1069,8 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "KRb_2025.JPG"))
-<<<<<<< HEAD ##### GBa {.unnumbered} -======= ->>>>>>> 33ccd3e48aaf9929b90bacccbe36a22a27b32557 De middellange termijn trends op raai GBa (Grembergen) (met NTMB-oever) worden bestendigd op het laag (stabiel tot heel licht erosie) en middelhoog slik (sedimentatie) in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBa-slik)). De patronen op het hoog slik en de schorrand zijn enigszins variabel over de jaren met netto een lichte sedimentatie ten opzichte van 5 jaar geleden. @@ -1117,12 +1113,12 @@ res$fig ##### APc {.unnumbered} De waargenomen sterke erosie uit de voorbijgaande jaren zet zich verder en is zelfs versterkt op raai APc (Appels) in `r laatste_jaar` met zware trendbreuken in het middelhoog en hoog slik (tot meer dan een meter; Figuur \@ref(fig:130-figuur-APc-slik)). -De opbolling die zich hier bevond is grotendeels weggeërodeerd en de terugschreidende slikkliffen zijn landinwaarts verplaatst. -In het hoog slik sedimentateert de vloedgeul tegen de schorgrens verder op. -Een belangrijk aspect dat de erosie en sedimentatie verklaart is het verschijnen van schorvegetatie in 2023 op het stroomafwaartse deel van het slikeiland dat stroming in de vloedgeul stremt maar anderzijds erosie van het voorliggende midelhoog en hoog slik kan induceren (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). -De erosie van het laag slik is hiermee moeilijker te verklaren. - -APc (opvulling schorgeul) sedimentatie +De opbolling die zich hier bevond is grotendeels weggeërodeerd en de slikkliffen zijn landinwaarts verplaatst. +In het hoog slik sedimenteert de vloedgeul tegen de schorgrens verder op. +Op basis van de recent beschikbare bathymetrie lijkt de erosie-sedimentatiepatronen op het slik eerder een gevolg van de sterke veranderingen in de hoofdgeulbodem tussen 2023 en 2024. +We merken een toenemende uitbochting op van de ebstroom - hier de belangrijkste hoofdstroom - met sedimentatie aan de stroomafwaartse zijde van binnenbocht en erosie aan de stroomafwaarts zijde van de buitenbocht ter hoogte van raai APc (Foto \@ref(fig:130-foto-APc-slik2)). +Het plots verschijnen van schorvegetatie in 2023 lijkt dan ook eerder samen te gaan met de start van de erosie van het slik. + ```{r 130-figuur-APc-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1149,9 +1145,9 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APc_2025.JPG")) ```{r 130-foto-APc-slik2, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} -caption_foto <- str_c("Vergelijking van de schor en slik evoluties aan Appels tussen voorjaar 2022 en voorjaar 2023.") +caption_foto <- str_c("Vergelijking van de schor- en slikevoluties aan Appels tussen 2022 en 2024 met erosie in NO en rechtsonder de sterke bodemverschillen in de hoofdgeul.") -knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2202_2023.png")) +knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2022_2024.png")) ``` @@ -1159,7 +1155,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2202_2023.png")) ##### APa {.unnumbered} -Tegensteld aan raai APc was er op raai APa verder stroomopwaarts aan Appels in 2024 sterke sedimentatie op het laag en middelhoog slik. +Tegensteld aan raai APc was er op raai APa stroomopwaartse buitenbocht aan Appels in 2024 sterke sedimentatie op het laag en middelhoog slik. In `r laatste_jaar` lijkt die sedimentatie niet verder te gaan en is er zelfs sprake van erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APa-slik)). In het hoog slik leidt dit net niet tot een trendbreuk. @@ -1178,11 +1174,12 @@ res$fig ##### PA {.unnumbered} -De sedimentatie/erosie patronen op de verstevigde raai PA (Paddebeek) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PA-slik)) blijven behouden. -Er is matige erosie op het laag slik en de slikhoogte op middelhoog en hoog slik is quasi gelijk aan de hoogte in `r laatste_jaar - 5`. +De sedimentatie/erosie patronen op de verstevigde raai PA (Paddebeek) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PA-slik)) blijven behouden. +Er is matige erosie op het laag slik en de slikhoogte op middelhoog slik ligt vast. +Het hoog slik is quasi gelijk aan de hoogte in `r laatste_jaar - 5`. Voor het laag slik kon geen trend berekend worden. Ook het schor is stabiel. - + ```{r 130-figuur-PA-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1199,10 +1196,10 @@ res$fig ##### BM {.unnumbered} -De sedimentatie trend uit de vorige jaren in de binnenbocht aan raai BM (Bergenmeersen) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BM-slik)) is in 2024 overgegaan in een sterke erosie op het laag slik. -In `r laatste_jaar` blijft het slik op het laag en middelhoog slik redelijk stabiel. +De sedimentatie trend uit de vorige jaren in de binnenbocht aan raai BM (Bergenmeersen) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BM-slik)) is in 2024 overgegaan in een sterke erosie op het laag slik, net als in het subtidaal. +In `r laatste_jaar` blijft het verlaagde slik op het laag en middelhoog slik redelijk stabiel. In het hoog slik is echter een duidelijke trendbreuk zichtbaar met plotse sterke erosie en de vorming van een erosieklif aan de schorrand. -De het schorplateu in het GGG Bergenmeersen vertoont een lichte trend tot ophoging. +Het schorplateau in het GGG Bergenmeersen vertoont een lichte trend tot ophoging. ```{r 130-figuur-BM-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1230,7 +1227,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BM_2025.JPG")) ##### HEUf {.unnumbered} Voor raai HEUf zijn de meetpunten beperkt om trends voor het slik te berekenen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-HEUf-slik)). -Op basis van deze beperkte metingen zijn er geen trendbreuken op het slik. +Op basis van deze beperkte metingen zijn geen trendbreuken te zien op het slik. Het laag slik hoogt gemiddeld op en op het middelhoog slik is er wat erosie. Ook voor het schorplateau zijn de gegevens vrij sporadisch. Hieruit blijkt er wel een trendbreuk te zijn, met in `r laatste_jaar` meer sedimentatie. @@ -1269,8 +1266,8 @@ res$fig ## Durme, Rupel en zijrivieren -De vaste MONEOS raaien uit Durme, Rupel en zijrivieren die werden opgemeten zijn weergegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren). -In `r laatste_jaar` werd enkel raai DU (zowel het slik als het schorplateau) ingemeten. +De opgemeten vaste MONEOS raaien uit Durme, Rupel en zijrivieren zijn weergegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren). +In `r laatste_jaar` is de MONEOS-raai DU (zowel het slik als het schorplateau) ingemeten maar ook DUB. ### trends in recente jaren @@ -1330,8 +1327,6 @@ Dit contrasteert sterk met de sedimenterende trends uit de jaren ervoor. De nabijgelegen in– en uitwateringsgeul van de ontpoldering van het Klein Broek heeft zich verplaatst tot in het profiel wat de sterke erosie in `r laatste_jaar` kan verklaren. Voor het schor konden geen trends berekend worden maar in vergelijking met 2024 (met sterke verlaging door bres voor ontpoldering Klein Broek) blijft de hoogte van het schor in `r laatste_jaar` stabiel (zie Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren)). -DU: schorerosie 2024, nu stabiel - ```{r 130-figuur-DU-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} raai <- "DU" @@ -1416,7 +1411,11 @@ In het de zone met sterke saliniteitsgradiënt is er een verderzetting van de er Ook raai GW aan het Galgenweel blijft verder eroderen. In het oligohalien is er op de helft van de gemonitorde raaien erosie waar te nemen. -Twee zandplaten (BAL en TB) hebben zich wel hersteld na vrij sterke morfologische veranderingen in 2024. +Twee zandplaten (BAL en TB) hebben zich wel opnieuw aangezand na vrij sterke morfologische veranderingen in 2024. +De hydrodynamiek is in sterke mate toegenomen door uitruiming in het voorbije decennium. +Zandwinning/baggerwerken in de Durme (maar ook in de Zeeschelde) hebben hier zeker toe bijgedragen. +Nu lijkt deze erosieve trend zich verder te zetten, lateraal (o.a. nu ook nieuw in Kijkverdriet -KV) maar ook stroomopwaarts. +Een hypothese voor het op peil blijven van de zandplaten van Ballooi en Temsebrug is een beperkte toegenomen uitbochting met meer stroomafwaartse uitbouw van de platen (de ecotopenkaarten 2.0 inclusief laag- en hoogdynamische subtidale gebieden vergelijken tussen 2019 en 2022. In de zoete zone met langen en met korte verblijftijd werden er in 2024 reeds opvallend veel trendbreuken vastgesteld op de morfologische evoluties uit voorgaande jaren, die zowel gerelateerd konden zijn tot plotse erosie als sedimentatie. In `r laatste_jaar` zijn de morfologische veranderingen nog geïntensifieerd en zijn op bijna alle raaien (80%**!** van de raaien tussen de Durme monding en de samenloop in Melle) erosieve trends en trendbreuken waar te nemen op het slik of langs de laagwaterlijn. @@ -1427,6 +1426,8 @@ Deze sterke veranderingen, die eerst werden opgepikt in de oligohaliene zone, li In de Durme is er op raai DU een sterke verandering van het slikprofiel aan de gang. Deze ontwikkelingen zijn te wijten aan de opening (en sluiting) van de nabijgelegen in- en uitwateringsgeul van het Klein Broek. +DU: schorerosie 2024, nu stabiel + De snelle ontwikkelingen met sterke veranderingen in slikprofielvorm in de Boven-Zeeschelde wijzen op een plotse verandering in hydro- en morfodynamiek in dit deel van de rivier. @@ -1449,6 +1450,14 @@ Hoogteraaien van slik en schor in de Zeeschelde Evolutie van toestand tot 2012. Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek 2014 (1860252). Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Brussel +Van Braeckel A., Coen L., Peeters P., Plancke Y., Mikkelsen J. +en Van den Bergh E. +(2012). +Historische evolutie van Zeescheldehabitats. +Kwantitatieve en kwalitatieve analyse van invloedsfactoren. +Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek 2012 (59). +Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Brussel i.s.m. het Waterbouwkundig Laboratorium, Antwerpen. + R Core Team 2013. R: A language and environment for statistical computing. R Foundation for Statistical Computing, Vienna, Austria. From 71d42148201a10429c76eb07df8b545d1617e3c2 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Wed, 19 Nov 2025 11:23:30 +0100 Subject: [PATCH 7/8] revisie nalezen Alexander --- .../130_sedimentatie_erosie.Rmd | 139 +++++------------- 1 file changed, 37 insertions(+), 102 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index 9230a27..5b4120a 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -316,7 +316,7 @@ Van elke MONEOS-raai worden bij opmeten ook foto's gemaakt, en op de meeste MONE ### analyse van trends en trendbreuken Om een indicatie te krijgen van de trends in sedimentatie en/of erosie in de voorbije jaren, wordt voor de slikken en schorplateaus waarvoor in het laatst jaar (`r laatste_jaar`) gegevens zijn verzameld een regressie analyse uitgevoerd op de vijf voorgaande jaren (`r laatste_jaar - 5` - `r laatste_jaar - 1`). -De patronen uit `r laatste_jaar` vergelijken we om na te gaan of in het laatste jaar trendbreuken zijn opgetreden. +De patronen uit `r laatste_jaar` worden hier dan mee vergeleken om na te gaan of er in het laatste jaar trendbreuken zijn opgetreden. Om topografische metingen uit verschillende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, worden de afstanden langsheen de raai op elkaar afgestemd. Dit gebeurt door de afstanden af te ronden naar een gegeven interval (verschillend voor elke raai) dat wordt bepaald als het gemiddelde interval tussen de metingen over de verschillende jaren. Indien voor een bepaald jaar na afronden meerdere hoogtemetingen binnen hetzelfde segment langs de lengte-as van de raai vallen, wordt het gemiddelde genomen over deze metingen. @@ -433,8 +433,8 @@ res$fig ##### GBSb {.unnumbered} -Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van sterke sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). -Het meest sedimentatie wordt waargenomen in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit relatief beperkt. +Raai GBSb (Groot Buitenschoor) vertoont een trend van lichte (zij het dicht tegen de 5 cm per jaar) sedimentatie in de meeste zones: middelhoog en hoog slik en op het schorplateau (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GBSb-slik)). +Het meest sedimentatie wordt waargenomen in het middelhoog slik, maar ook hier blijft dit (net) onder de 5 cm per jaar. De mate van sedimentatie vlakt wel af in het hoog slik, met een vervlakking van dit deel van het slik. In het laag slik is de sedimentatie minder dan 1cm per jaar. @@ -485,10 +485,10 @@ res$fig ##### DO {.unnumbered} -Op Raai DO (Paardeschoor) slaat de trend van van jarenlange sedimentatie op het slik om naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). +Op Raai DO (Paardeschoor) slaat de trend van jarenlange sedimentatie op het slik om naar erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-DO-slik)). Dit leidt tot een trendbreuk op het middelhoog slik, met plots sterke erosie (10 cm). Ook op het laag en hoog slik is erosie waar te nemen in `r laatste_jaar` maar dit leidt net niet tot een trendbreuk. -Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuk sinds 2023 of de opening van Hedwige/Prosper. +Deze waarnemingen versterken dus de trendbreuken sinds 2023 of de opening van Hedwige/Prosper. Vermoedelijk is de vloedstroom in deze zone nabij de ontpoldering toegenomen zoals verwacht (Van Braeckel et al. 2012), waardoor verhoogde druk optreedt op deze raai. Op het schorplateau blijft de trend van lichte sedimentie behouden. De sedimentatie treedt vooral op in de zone tussen 185 en 250 m van de dijk. @@ -553,7 +553,7 @@ res$fig In 2023 en 2024 werden op raai LH (Lillo Haven) sterk contrasterende evoluties waargenomen, met eerst sterke sedimentatie en dan terug erosie. In `r laatste_jaar` lijken de 5 jaar trends te stabiliseren met erosie op het laag slik, en (zeer) lichte sedimentatie tot geen veranderingen op middelhoog en hoog slik (Figuur \@ref(fig:130-figuur-LH-slik)). Erosie in het laag slik vindt vooral plaats tegen de laagwaterlijn. -Naast Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) blijft de erosieklif, in 2024 voor het eerst waargenomen, bestendigd (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). +Op de grens tussen hoog en middelhoog slik (85m) blijft de erosieklif, in 2024 voor het eerst waargenomen, bestendigd (Foto \@ref(fig:130-foto-LH-slik)). ```{r 130-figuur-LH-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -600,7 +600,7 @@ res$fig ##### KPb {.unnumbered} -Op de stroomafwaartse Raai KPb (Ketenisse) wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in `r laatste_jaar`. +Op Raai KPb (Ketenisse), stroomafwaarts van de bocht, wordt de trend van sterke sedimentatie in het laag slik bestendigd in `r laatste_jaar`. Deze trend zet zich voort in het onderste deel van het middelhoog slik, terwijl het bovenste deel eerder erodeert, zodat een afvlakking van het profiel optreedt. Boven de breuksteen komt zo meer en meer hard substraat aan de oppervlakte. Dit heeft een verdere uitholling van het slikprofiel als geheel tot gevolg (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPb-slik)). @@ -620,14 +620,14 @@ res$fig ##### KPe {.unnumbered} -Op raai KPe (Ketenisse) stroomopwaarts de bocht bouwt een zandplaat zich uit. +Op raai KPe (Ketenisse), stroomopwaarts van de bocht, bouwt een zandplaat zich uit. Dit resulteert in een blijvende trend van sedimentatie op het laag slik beneden de breuksteengordel in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). Deze trend is door zandafzettingen hogerop nu ook zichtbaar onderaan het middelhoog slik, wat tot een trendbreuk leidt in het middelhoog slik. De hogere delen van het slik blijven stabiel. Op het schorplateau is er in `r laatste_jaar` iets meer sedimentatie dan de voorgaande jaren, maar dit leidt niet tot een trendbreuk. -Opvallend is ook dat het hier vooral om zandafzettingen gaat met microribels +Opvallend is ook dat het nabij de schorrand vooral om zandafzettingen gaat met microribbels (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). -```{r 130-figuur-KPe-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-KPe-schor, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} raai <- "KPe" sectie <- "BEZ" @@ -655,7 +655,7 @@ Het slik is hier geërodeerd tot op hard substraat, en enkel wat zandige (hoogdy In het middelhoog slik is de erosietrend nieuw en de sterke erosie in `r laatste_jaar` leidt hier tot een trendbreuk (Figuur \@ref(fig:130-figuur-GW-slik)). Deze trendbreuk geeft aan dat de processen die leiden tot sterke erosie in het laag slik zich nu ook verder doorzetten in het middelhoog slik. Ook de erosieklif op de grens van laag en middelhoog slik schuift mee op (Figuur \@ref(fig:130-foto-GW-slik)). -Het met breuksteen verdedigde hog slikzone blijft nog stabiel . +De met breuksteen verdedigde hoge slikzone blijft nog stabiel . ```{r 130-figuur-GW-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -788,9 +788,9 @@ res$fig ##### NOTb {.unnumbered} -Ook op de rechteroever tegenover de KV-raai zien we op raai NOTb (Notelaer) het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertonen (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). +Ook op de rechteroever tegenover de KV-raai zien we op raai NOTb (Notelaer) dat het laag en middelhoog slik de laatste 3-4 jaren een erosieve trend vertoont (Figuur \@ref(fig:130-figuur-NOTb-slik)). Op het laag slik is deze trend in `r laatste_jaar` nog versterkt met een trendbreuk tot gevolg. -Door de sterke erosie is aan de rand van het schor zijn de oude erosietongen opnieuw bloot komen te liggen en kan erosie opnieuw verder doorgaan (Figuur \@ref(fig:130-foto-Notb-slik); zie ook Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-OH) voor duidelijker figuur van de schorklif). +Door de sterke erosie aan de rand van het schor zijn de oude erosietongen opnieuw bloot komen te liggen en kan erosie opnieuw verder doorgaan (Figuur \@ref(130-foto-NOTb-slik-a); zie ook Figuur \@ref(130-foto-NOTb-slik-b) voor duidelijker figuur van de schorklif). ```{r 130-figuur-NOTb-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -805,7 +805,7 @@ res$fig
-```{r 130-foto-NOTb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-NOTb-slik-a, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto van de situatie van het slik en de schorgrens in het voorjaar ", laatste_jaar, " aan de Notelaer (NOTb), met zicht op erosietongen en klif aan de rand van het schor.") @@ -815,7 +815,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "NOTb_2025.JPG"))
-```{r 130-foto-NOTb-slik, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} +```{r 130-foto-NOTb-slik-b, fig.cap=caption_foto, out.width="100%", fig.show="hold"} caption_foto <- str_c("Foto schorrand in maart 2024 en 2025 aan de Notelaer (NOTb), waarbij de erosietongen bloot komen te liggen") knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "samengesteldefotoNOTb.JPG")) ``` @@ -844,9 +844,9 @@ res$fig ##### BAL {.unnumbered} -De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). +De lichte tot matige sedimentatie uit de voorbije jaren op raai BAL (Ballooi) gaat verder in `r laatste_jaar` (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BAL-slik)). De opbolling en verkorting van de zandplaat op het laag slik in 2024 is weer grotendeels teniet gedaan en het slik heeft zich hersteld naar de vorm van de jaren voordien. -Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2024 te relateren is aan intensiteit van de zandwinning t.h.v. de nabijgelegen drempel. +Het zou interessant zijn om te onderzoeken of de waargenomen patronen met de trendbreuken in 2024 te relateren zijn aan de intensiteit van de zandwinning t.h.v. de nabijgelegen drempel. ```{r 130-figuur-BAL-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -867,8 +867,8 @@ In de binnenbocht ter hoogte van raai TB (Temsebrug) is het slik, zonder dat dit Op het laag slik is de sterke erosie uit 2024 weer gedeeltelijk teniet gedaan (sedimentatie), terwijl het middelhoog slik verder blijft opsedimenteren en het hoog slik verder erodeert, voornamelijk op de grens met het middelhoog slik. De zandige slikplaat is daardoor terug uitgebreid en opgehoogd. Hierdoor wordt het S-vormig profiel verdere versterkt. -De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgang van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif onstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)), opbolling van het middelhoog slik en verkleining van het plaatoppervlak. -De verplaatsing van grote zandvolumes op zo een raai wijzen op een toename aan hydrodynamiek, wat vooral ten koste gaat aan ecologisch waardevol hoog slik. +De erosie van de schorrand is gestagneerd maar op de overgang van het hoog slik naar het middelhoog slik is een microklif ontstaan (Foto \@ref(fig:130-foto-TB-slik)). +De verplaatsing van grote zandvolumes op deze een raai wijzen op een toename aan hydrodynamiek, wat vooral ten koste gaat van ecologisch waardevol hoog slik. . ```{r 130-figuur-TB-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -902,7 +902,7 @@ Op Raai WE (Weert) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-WE-slik)) zet de erosieve trend Zowel op het laag, middelhoog als hoog slik is er duidelijk erosie zichtbaar. Op het laag slik is hierdoor de opbolling die zich de afgelopen jaren vormde op de grens met het middelhoog slik terug volledig verdwenen. Middelhoog en hoog slik vertonen in `r laatste_jaar` een zeer sterke erosie door afkalving van de schorklif. -Eén van de bijkomende oorzaken is de verplaatsing van de uitwateringsgeul van het schor van Weert meer naar stroomopwaarts deels in de raai. +Eén van de oorzaken is de verplaatsing van de uitwateringsgeul van het schor van Weert meer naar stroomopwaarts deels in de raai. Door de sterke erosie is er een verdere verlaging van de voorliggende zandplaat. (Figuur \@ref(fig:130-foto-WE-slik)). @@ -931,9 +931,9 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "WE_2025.JPG")) ##### BR {.unnumbered} -In 2024 zijn op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzichte van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). -De evoluties uit 2024 zetten zich verder in `r laatste_jaar` met erosie op in het laag en middelhoog slik en stagnatie van de sedimentatie op het hoog slik. -Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien is waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). +In 2024 waren op raai BR (Branst) duidelijke trendbreuken waar te nemen ten opzichte van de sedimentatietrends uit de voorgaande jaren (Figuur \@ref(fig:130-figuur-BR-slik)). +De evoluties uit 2024 zetten zich verder in `r laatste_jaar` met erosie op het laag en middelhoog slik en stagnatie van de sedimentatie op het hoog slik. +Dit contrasteert dus nog steeds met de middellange termijn trend van sedimentatie die voordien werd waargenomen (maar leidt niet meer tot een trendbreuk). Op de grens met het schor is een afwateringsgeultje aanwezig (Figuur \@ref(fig:130-foto-BR-slik)). ```{r 130-figuur-BR-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -964,7 +964,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "BR_2025.JPG")) Het sedimentatie/erosie-patroon op de dynamische binnenbocht van raai PD (Plaat Driegoten) (Figuur \@ref(fig:130-figuur-PD-slik)) is sterk variabel tussen jaren. Het slik reageert héél snel op morfologische veranderingen in de omgeving. In het laag slik is de sterke sedimentatie uit 2024 in `r laatste_jaar` teniet gedaan en ligt het slik weer grotendeels op de hoogte van voor 2024 (met uitschuring van de vloedgeul op 115-120 m van de dijk). -Dit uit zich niet als een trendbreuk vanwege sterke sedimentatie- en erosieperiodes in de voorbije periode. +Dit uit zich niet als een trendbreuk vanwege gelijkaardige sterke sedimentatie- en erosieperiodes in de voorbije periode. Op het middelhoog slik is in `r laatste_jaar` wel nog sterke sedimentatie opgetreden en heeft zich een microklif gevormd aan het begin van de zandplaat in de lage slikzone (Figuur \@ref(fig:130-foto-PD-slik)). ```{r 130-figuur-PD-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} @@ -1155,7 +1155,7 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_fotos, "APA_vegetatieAppels2022_2024.png")) ##### APa {.unnumbered} -Tegensteld aan raai APc was er op raai APa stroomopwaartse buitenbocht aan Appels in 2024 sterke sedimentatie op het laag en middelhoog slik. +Tegensteld aan raai APc was er op raai APa, stroomopwaarts in de buitenbocht aan Appels, in 2024 (sterke) sedimentatie op het laag en middelhoog slik. In `r laatste_jaar` lijkt die sedimentatie niet verder te gaan en is er zelfs sprake van erosie (Figuur \@ref(fig:130-figuur-APa-slik)). In het hoog slik leidt dit net niet tot een trendbreuk. @@ -1267,7 +1267,8 @@ res$fig ## Durme, Rupel en zijrivieren De opgemeten vaste MONEOS raaien uit Durme, Rupel en zijrivieren zijn weergegeven in Bijlage \@ref(BL1) Figuur \@ref(fig:130-figuur-raaien-zijrivieren). -In `r laatste_jaar` is de MONEOS-raai DU (zowel het slik als het schorplateau) ingemeten maar ook DUB. +In `r laatste_jaar` is de MONEOS-raai DU (zowel het slik als het schorplateau) ingemeten. + ### trends in recente jaren @@ -1301,15 +1302,11 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_ZI
-```{r fig-shor-trends} +```{r 130-figuur-trends-schor-ZIJ, eval=fig_shor_trends_ZIJ, fig.cap=caption_trend_schor_ZIJ, out.width="100%"} fig_shor_trends_ZIJ <- length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0 -``` - -```{r 130-figuur-trends-schor-ZIJ, eval=fig_shor_trends_ZIJ, fig.cap=caption_trend_schor_ZIJ, out.width="100%"} - -if(length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0) { +if(fig_shor_trends_ZIJ) { caption_trend_schor_ZIJ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de schorplateaus in Rupel, Durme en zijrivieren.") knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_schor_ZIJ.png")) @@ -1342,82 +1339,21 @@ res$fig ## Algemene bevindingen -**mesohalien** - -DO trendbreuk met erosie - -erosie 1/4 - -**saliniteitsgradiënt** - -GSb trendbreuk met sedimentatie - -LH laag slik aan waterlijn wat erosie - -GW nog verder geërodeerd, nu ook in middelhoog slik - -erosie 2/7 - -sedimentatie 1/7 - -**oligohalien** - -HO stabiel op hardere lagen na erosie - -KV sterke ommekeer van sedimentatie naar erosie - -NOTb, NOTc erosie - -BAL herstel van zandplaat (beetje erosie op plaat + sedimentatie onderaan plaat) - -TB herstel en ophoging van zandplaat - -erosie 3/6 - -sedimentatie 2/6 - -**zoet lang** - -WE sterke erosie - -BR omslag naar erosie - -PD hertstel (erosie) zandplaat op niveau van voor 2024 - -MK sterke erosie onder/aan laagwaterlijn - -GSHb sterke erosie laagwater - -KRb sterke erosie laatste twee jaar - -erosie 6/7 - -**zoet kort (tot Melle)** - -APc heel zware erosie, opbolling bijna volledig verdwenen - -APa omslag van sedimentatie in 2024 naar erosie - -PA erosie op laag slik - -BM erosie tov 2023 en bijkomende erosie (klif) op hoog slik in 2025 - -erosie 4/5 - -Zoals voor 2024 zijn er in het mesohalien enkel opvallende erosieve trends op raai ODa en DO. +Zoals in 2024 zijn er in het mesohalien enkel opvallende erosieve trends op raai ODa en DO. Deze raaien liggen aan (ODa) en net stroomopwaarts (DO) van de in- en uitwateringsgeul van het recent ontpolderde Hedwige/Prosper, waar de wijzigingen kunnen aan gelinkt worden. -In het de zone met sterke saliniteitsgradiënt is er een verderzetting van de erosie in het laag slik aan Lillo Haven. +In de zone met sterke saliniteitsgradiënt is er een verderzetting van de erosie in het laag slik aan Lillo Haven. Ook raai GW aan het Galgenweel blijft verder eroderen. In het oligohalien is er op de helft van de gemonitorde raaien erosie waar te nemen. -Twee zandplaten (BAL en TB) hebben zich wel opnieuw aangezand na vrij sterke morfologische veranderingen in 2024. +Twee zandplaten (Ballooi (BAL) en Temse Brug (TB)) zijn zich wel opnieuw aangezand na vrij sterke morfologische veranderingen in 2024. De hydrodynamiek is in sterke mate toegenomen door uitruiming in het voorbije decennium. Zandwinning/baggerwerken in de Durme (maar ook in de Zeeschelde) hebben hier zeker toe bijgedragen. -Nu lijkt deze erosieve trend zich verder te zetten, lateraal (o.a. nu ook nieuw in Kijkverdriet -KV) maar ook stroomopwaarts. -Een hypothese voor het op peil blijven van de zandplaten van Ballooi en Temsebrug is een beperkte toegenomen uitbochting met meer stroomafwaartse uitbouw van de platen (de ecotopenkaarten 2.0 inclusief laag- en hoogdynamische subtidale gebieden vergelijken tussen 2019 en 2022. +Nu lijkt deze erosieve trend zich verder te zetten, lateraal (o.a. nu ook nieuw in Kijkverdriet - KV) maar ook meer stroomopwaarts. +Een hypothese voor het op peil blijven van de zandplaten van Ballooi en Temsebrug is een beperkte toegenomen uitbochting met meer stroomafwaartse uitbouw van de platen. + -In de zoete zone met langen en met korte verblijftijd werden er in 2024 reeds opvallend veel trendbreuken vastgesteld op de morfologische evoluties uit voorgaande jaren, die zowel gerelateerd konden zijn tot plotse erosie als sedimentatie. +In de zoete zone met lange en met korte verblijftijd werden er in 2024 reeds opvallend veel trendbreuken vastgesteld op de morfologische evoluties uit voorgaande jaren, die zowel gerelateerd konden zijn tot plotse erosie als sedimentatie. In `r laatste_jaar` zijn de morfologische veranderingen nog geïntensifieerd en zijn op bijna alle raaien (80%**!** van de raaien tussen de Durme monding en de samenloop in Melle) erosieve trends en trendbreuken waar te nemen op het slik of langs de laagwaterlijn. In de Boven Zeeschelde lijkt er de laatste jaren een trend aan de gang van verruiming van de vaargeul, met ook gevolgen voor de slikken waar verminderde sedimentatie en een omslag naar erosie optreedt. @@ -1425,8 +1361,7 @@ Deze sterke veranderingen, die eerst werden opgepikt in de oligohaliene zone, li In de Durme is er op raai DU een sterke verandering van het slikprofiel aan de gang. Deze ontwikkelingen zijn te wijten aan de opening (en sluiting) van de nabijgelegen in- en uitwateringsgeul van het Klein Broek. - -DU: schorerosie 2024, nu stabiel +In tegenstelling tot 2024 blijft het schorplateau in `r laatste_jaar` wel stabiel. From c5394d4154bff055baeeb5fd355d5dee1277a10d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: VANOVERBEKE Date: Wed, 19 Nov 2025 11:33:55 +0100 Subject: [PATCH 8/8] nog paar kleine correcties --- .../150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd | 9 +++++++-- 1 file changed, 7 insertions(+), 2 deletions(-) diff --git a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd index 5b4120a..9c2231b 100644 --- a/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd +++ b/moneos_2025/150_geintegreerd_rapport/130_sedimentatie_erosie.Rmd @@ -627,7 +627,7 @@ De hogere delen van het slik blijven stabiel. Op het schorplateau is er in `r laatste_jaar` iets meer sedimentatie dan de voorgaande jaren, maar dit leidt niet tot een trendbreuk. Opvallend is ook dat het nabij de schorrand vooral om zandafzettingen gaat met microribbels (Figuur \@ref(fig:130-figuur-KPe-slik)). -```{r 130-foto-KPe-schor, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} +```{r 130-figuur-KPe-slik, fig.cap=caption_fig, out.width="75%", fig.show="hold"} raai <- "KPe" sectie <- "BEZ" @@ -1302,10 +1302,15 @@ knitr::include_graphics(paste0(pad_figuren, "early_warning/early_warning_slik_ZI
-```{r 130-figuur-trends-schor-ZIJ, eval=fig_shor_trends_ZIJ, fig.cap=caption_trend_schor_ZIJ, out.width="100%"} +```{r 130-check-figuren-schor_ZIJ} fig_shor_trends_ZIJ <- length(raaien_trends_schor_ZIJ) > 0 +``` + + +```{r 130-figuur-trends-schor-ZIJ, eval=fig_shor_trends_ZIJ, fig.cap=caption_trend_schor_ZIJ, out.width="100%"} + if(fig_shor_trends_ZIJ) { caption_trend_schor_ZIJ <- str_c("Trends (", laatste_jaar - 5, " - ", laatste_jaar - 1, ") en trendbreuken (", laatste_jaar, "; 95\\% betrouwbaarheidsinterval) op de schorplateaus in Rupel, Durme en zijrivieren.")